Gentherapie tegen autisme? Even testen op de proefaap

De mogelijkheden van gentherapie zijn in een stroomversnelling gekomen door het inbouwen van een autisme-gen in Java-apen. Maar gentherapie bij mensen met autisme is nog ver weg.

Autistische makaken zijn angstiger en hebben minder sociaal contact dan gezonde soortgenoten. Foto Yan-Hong Nie

Voor het eerst zijn er genetisch veranderde apen gemaakt die veel van het gedrag van mensen met autisme vertonen. Het experiment met Java-apen (een makakensoort) die een gen kregen dat bij mensen autisme veroorzaakt is uitgevoerd in China. Hiermee „hebben we de weg geplaveid om hersenziekten te bestuderen in genetisch gemanipuleerde makaken”, schrijven de onderzoekers van de Chinese academie van wetenschappen in Shanghai in een maandag online verschenen publicatie van het tijdschrift Nature.

De eerste dieren zijn al vier jaar geleden geboren en zijn uitgebreid bestudeerd tijdens hun groei naar volwassenheid. De tien Java-apen die één of meer kopieën van een menselijk autisme-gen in al hun lichaamscellen dragen, zijn, vergeleken met onveranderde soortgenoten, angstiger, vertonen meer repeterend gedrag, leerden iets moeilijker, maar onderhouden bovenal minder sociale interactie met hun soortgenoten.

Het gen erfde ook over. Het zaad van één van de mannelijke apen leidde na een speciale reageerbuisbevruchting tot de geboorte van vijf jongen. Toen die bijna een jaar oud waren bleek dat ook deze dieren minder sociale contacten onderhielden.

Onderzoeksleider Zilong Qiu zei op een persconferentie dat zijn groep vijf tot zes jaar geleden besloot de transgene Java-apen te maken. Er waren toen ongeveer honderd genen bekend die aan autistisch gedrag kunnen bijdragen. Ook waren er tientallen verschillende genetische veranderde muizen gemaakt met een aantal van die genetische veranderingen, maar duidelijk autistisch gedrag was aan die dieren niet te zien. Het betekent, zei Qiu, dat gedrag en eventuele therapieën moeilijk te testen zijn in muismodellen. Voor dit project viel de keus op het verdubbelen van het MeCP2-gen, een zeldzame en bijzondere oorzaak van autisme.

De volwassen transgene Java-apen worden nu gebruikt, zegt Qiu, om bijvoorbeeld met beeldvormende fMRI-apparatuur na te gaan welke hersengebieden bij bepaald gedrag actief zijn. Ook kunnen, zei Qiu, de dieren en hun nakomelingen worden gebruikt als proefdier bij het testen van therapieën om autisme te genezen. Qiu noemde gentherapie als mogelijkheid. Daarvoor willen de onderzoekers de moderne CRISPR-techniek gebruiken. Gentherapie bij mensen met autisme is echter nog ver weg.

De tien Java-apen zijn het resultaat van genetische veranderingen die zijn aangebracht bij ruim 250 rijpe eicellen. Die werden bevrucht en de 158 embryo’s die daar uit ontstonden zijn ingebracht bij 54 ‘draagmoeders’. Er waren veel doodgeboorten. „Transgene apen zijn bij mijn weten nog niet in Nederland gemaakt. Maar in India en China is het eerder gedaan”, zegt Ronald Bontrop, directeur van het Biomedical Primate Research Centre in Rijswijk. Dat is verreweg het grootste proefdiercentrum voor apen in Nederland. „Wij zijn daar helemaal niet mee bezig en richten ons op onderzoek naar het afweersysteem. Daar hebben apen en mensen juist veel overeenkomsten. Ik weet niet of een ethische commissie dit zal goedkeuren. Ik moet als directeur niet op de stoel van de ethische commissie gaan zitten, maar het zal zeker tot een stevige discussie leiden.”

De ethische commissie van de Instituten van biologische wetenschappen in Shanghai gaf toestemming. Op de persconferentie zei Qiu dat het onderzoeksprotocol eerder is gebruikt door Amerikaanse en Britse onderzoekers die in 2008 resusapen maakten met het gen voor de ziekte van Huntington. Dat is een ziekte waaraan mensen vaak al als vijftiger overlijden. Die ziekte heeft één genetische oorzaak, terwijl dat bij autisme niet zo is.

„Wettelijk is er a priori geen obstakel”, zegt Martje Fentener van Vlissingen, directeur van het proefdiercentrum van de Erasmus Universiteit in Rotterdam. „In de Europese dierproefrichtlijn staat voor welke onderzoeksdoelen apen mogen worden gebruikt. Het is een open deur om te zeggen dat veel mensen ernstig gehinderd worden door hun autisme.” Toch is de vraag hoe een ethische commissie hier zou beslissen: „Je moet laten zien dat je vraag niet door onderzoek bij een andere diersoort kan worden beantwoord. En ook niet door experimenten bij de mens.”