De Thuiskok: Gado-gado

Illustratie Jet Peters

Dit is dus het vermaledijde gerecht met pindasaus, zonder een recept voor de pindasaus. U krijgt daarom eerst van mij een recept voor een simpele pindasaus: fruit een fijngesneden sjalot, een geperst teentje knoflook en wat geraspte gember in wat olie. Voeg daar 4 eetlepels pindakaas (met stukjes noot) en een klein glaasje kokosmelk bij en breng net tot onder het kookpunt.

Laat het zo op laag vuur tot de gewenste dikte doorsudderen en voeg dan naar smaak ketjap en sambal toe. Keller en Eijken gebruiken in hun boek Bartje Boemboe juist geen pindakaas maar pinda’s, en geen kokosmelk maar kentjur. Dat laatste kunt u zowel als wortel als in poedervorm kopen. Daarna kan het prima worden toegevoegd aan bovenstaand recept. 

Kook 4 eieren hard. Giet ze af, laat ze schrikken en pel en halveer ze. Snijd de witte kool en de ijsbergsla in dunne reepjes. Snijd de lente-ui in kleine stukjes. Snijd de komkommer in halve plakjes. Breek de bloemkool in kleine roosjes. Maak de sperziebonen schoon en kook ze beetgaar in water met wat zout.

Schil de aardappel, snijd in dunne reepjes en kook beetgaar. Leg de taugé, witte kool, ijsbergsla, komkommer, bloemkool, sperziebonen en aardappel op een schaal en meng alle groenten door elkaar. Leg de gehalveerde eieren op de groentensalade. Warm de pindasaus op en giet deze vlak voor het opdienen over de gado-gado. Garneer met lente-uitjes, gefruite uitjes en emping of kroepoek.