Zelfs hier sterft het allrounden uit

De favorieten Jan Blokhuijsen en Antoinette de Jong wonnen de titel op een gedevalueerd toernooi zonder spanning. Is het tijd voor een andere opzet?

Patrick Roest zondag op weg naar de nationale allroundtitel. Foto Vincent Jannink/ANP

Gillen, slaan op boarding en ten slotte uitzinnig juichen. Sanneke de Neeling (19) werd zaterdag verrassend nationaal kampioen sprint, Gerben Jorritsma (22) eindigde bij de mannen als derde. Een dag later genieten ze langs het ijs van hun 19-jarige ploeggenoot Patrick Roest, die glorieus de 1.500 meter wint bij het NK allround. „Dit is toch machtig”, zegt Jorritsma, in 2013 nog nationaal kampioen allround bij de junioren met vier afstandszeges. Ja, allrounden blijft hem trekken. „Zo’n 1.500 meter is mooi werk. Maar ja, die tien kilometer die 0erna komt, hè. Dat is mij te lang.” En als de tien kilometer wordt vervangen door een drie kilometer? „Dan zou ik zo meedoen.”

Geen titelverdediger Sven Kramer, voor wie het NK niet past in zijn voorbereiding op de WK afstanden en WK allround. Geen voormalige kampioenen Koen Verweij (overtraind) en Wouter Olde Heuvel (geblesseerd). Geen Jorrit Bergsma, die zaterdag op de Oostenrijkse Weissensee het open NK marathon op natuurijs won. Ireen Wüst en Marrit Leenstra kozen in Thialf voor het sprinttoernooi, Jorien ter Mors voor de EK shorttrack in Sotsji. De favorieten Jan Blokhuijsen en Antoinette de Jong werden zonder veel strijd voor het eerst in hun carrière nationaal kampioen allround, Douwe de Vries (33) en Annouk van der Weijden (29) eindigden als tweede en krijgen volgende week in Stavanger een kans zich te plaatsen voor het WK allround. Maar opkomende junioren?

Op Hein Vergeer volgde de lichting Gerard Kemkers en Leo Visser, toen Bart Veldkamp en Ben van der Burg, Falko Zandstra en Rintje Ritsma, Tonny de Jong en Annamarie Thomas, Ids Postma en Gianni Romme. Tot de huidige heersers Kramer en Wüst toe. Goed, de nieuwe nationaal kampioene De Jong is pas twintig en kwam knap terug na een diep dal vorig jaar. Haar één jaar jongere ploeggenote Melissa Wijfje, vierde, toonde talent als allroundster met een ‘volwassen’ 1.500 meter.

Bij de mannen kwam de jeugdige inbreng vooral van Roest, die als derde eindigde en in 1.46,84 een internationale toptijd reed op de 1.500 meter. „Wat een demonstratie van kracht en uithouding”, sprak coach Jac Orie euforisch. „Hij is nog een echte allrounder en een snelle ook.”

Buiten Roest en Wijfje, de wereldkampioenen junioren van vorig jaar, dreigt het allrounden zelfs in schaatsmekka Nederland een langzame dood te sterven. De internationale bond ISU heeft het WK allround sinds vorig jaar ten faveure van de WK afstanden naar een minder prominente plek op de kalender gedegradeerd. Het EK staat ter discussie – 1.000 of 3.000 meter in plaats van de langste afstand of nog slechts eens per twee jaar? En dit jaar plaatste de KNSB ook het NK allround op een moment dat het de meeste toppers niet uitkwam, waar de NK afstanden op ‘primetime’ rond Kerst werd geprogrammeerd.

Bij voorbaat een gedevalueerd toernooi? „Is dat nou zo”, stelt Koops een wedervraag. „De tribunes zitten vol en bij de mannen en de vrouwen doen 24 deelnemers mee op goed niveau.” Volgens de technisch directeur is er geen sprake van dat de schaatsbond allrounden minder belangrijk vindt voor de talenten. „Juist niet, wij geloven in een brede opleiding. Iedere jonge schaatser moet in de jeugd lange afstanden rijden, ook de sprinters.”

Het beleid lijkt ingehaald door de werkelijkheid. De Neeling, vorig jaar tweede bij NK en WK allround voor junioren, koos in Thialf voor het sprinttoernooi. Al is ze geen echte sprintster en wordt ze dat ook nooit. „Ik ben een ‘1.000- en 1.500-meter- mens’, en wil eigenlijk ook de drie kilometer erbij pakken”, stelt de schaatsster van LottoNL-Jumbo. Waarom zou De Neeling zich als allroundster wagen aan de grote vierkamp, met een zware vijf kilometer die ten koste kan gaan van haar snelheid op de middenafstanden? Zoals haar ploeggenoot Jorritsma, dit jaar internationaal doorgebroken als specialist op 1.000 en 1.500 meter, best een drie of desnoods vijf kilometer wil rijden. Maar geen tien.

Schaatsbond KNSB erkent het probleem. „Het allrounden heeft een impuls nodig”, geeft Koops toe. Dat begint al bij de jongste jeugd. „We gaan vanaf de C-junioren een ander format invoeren bij de NK, met massastart of marathon erbij. Zodat je de duurgetrainde sporters meer kunt bieden. Bij de A-junioren doen we nu 500, 1.000, 1.500 en 5.000 meter. Er is een grote kans dat we in Nederland van de internationale norm gaan afwijken en er een drie kilometer in zetten.”

Of de realiteit aanvaarden dat de jeugd voor kortere afstanden kiest? En dus bij het NK allround de langste afstanden vervangen – bij de mannen een drie in plaats van tien kilometer, bij de vrouwen 1.000 meter in plaats van vijf kilometer. Directeur Koops pleitte al voor zo’n wijziging van het EK. „Ik weet niet of je het direct bij het NK allround moet doen maar een kleine vierkamp kan interessant zijn”, zegt hij. „Dan komen de werelden van de specialisten op de 500 tot 1.500 meter en die van drie en vijf kilometer bij elkaar.” Jorritsma tegen Roest, De Neeling tegen Wijfje. Spannend.