Teheran kijkt graag naar China

Iedereen wil nu zaken doen met Iran. De Chinese president Xi werd alvast met open armen ontvangen.

De Chinese president Xi (rechts) werd in Teheran met open armen ontvangen doorde Iraanse president Rohani. Foto Reuters

Zelden ontvangen de hoogste geestelijk leider van Iran, ayatollah Ali Khamenei, en president Hassan Rohani samen een buitenlandse gast. Zaterdag maakten zij een uitzondering voor de Chinese president Xi Jinping, om hem te danken „voor de jarenlange vriendschap en steun van China in de zwaarste tijden”.

Het was China dat ten tijde van de pas beëindigde westerse sancties tegen de Islamitische Republiek Iraanse olie bleef kopen en – op steeds grotere schaal – handel bleef drijven. China speelde ook bij het opheffen van de VN-sancties een bemiddelende rol. Nog geen week nadat de strafmaatregelen formeel waren beëindigd, tekenden Xi en Rohani een reeks contracten en plannen om de wederzijdse handel uit te breiden van de 52 miljard dollar in 2015 naar 600 miljard dollar in 2026: Chinese buitenlandse politiek in optima forma.

Sinds 2007 is China de belangrijkste handelspartner van Iran – voor die tijd was dat de EU – en deze koppositie wil China behouden en verder uitbreiden. Alle kans dat China daarin slaagt, omdat geestelijk leider Khamenei liever naar het oosten dan naar het Westen kijkt. „Het Westen hebben wij nooit vertrouwd”, hield hij Xi voor.

Dat China zich uitsluitend manifesteert als bemiddelaar en olieconsument en zich niet bemoeit met het Iraanse binnen- en buitenlandse beleid speelt ongetwijfeld een rol in Khameneis sympathie voor het atheïstische China. Xi was eerder in de week allerhartelijkst ontvangen door Saoedi-Arabië – de grote rivaal van Iran in de regio – en dat werd hem in Teheran niet kwalijk genomen.

In een speech voor de Arabische Liga in Kairo had Xi vrijdag betoogd dat het Midden-Oosten „een nieuw pad” moet inslaan. Xi’s pad heet ‘ontwikkeling’. Vandaar dat er in Iran, maar ook in Egypte, grote bedragen voor ‘ontwikkeling’ in het vooruitzicht werden gesteld. China wil aan Iran en Egypte kerncentraletechnologie verkopen.

Nieuwe zijderoutes

De Islamitische Republiek speelt vanwege haar centrale ligging een rol in het Chinese project ‘Eén gordel, één weg’, het plan om China met nieuwe ‘zijderoutes’ (spoorwegen en olie- en gaspijpleidingen) te koppelen aan Centraal- en West-Azië en vervolgens aan Europa. Zonder Iran is ‘Eén gordel, één weg’ niet compleet. China heeft toegezegd een aandeel te leveren aan de 50 miljard dollar die Iran jaarlijks nodig zegt te hebben om de door sancties beschadigde economie te herstellen en te moderniseren.

In zijn bespiegelingen over het „nieuwe pad” sprak Xi met geen woord over Syrië maar vergat hij de Palestijnen niet. De Palestijnse Autoriteit in Ramallah krijgt een krediet van 7,5 miljoen dollar voor een zonne-energieproject. Opgetogen waren de Palestijnen over Xi’s verzekering dat de Palestijnen recht hebben op een eigen staat binnen de grenzen van voor de Israëlisch-Arabische oorlog van 1967 en dat Oost-Jeruzalem de hoofdstad moet worden. „De zaak van de Palestijnen mag niet worden gemarginaliseerd”, aldus Xi, die zich daar niet eerder over heeft uitgelaten. Op zich is dit geen nieuw Chinees standpunt, maar het is lang geleden dat een Chinese leider zich – onverwacht – zo duidelijk uitsprak over een van de oudste twistpunten in het Midden-Oosten.

Of deze stellingname uitsluitend bedoeld was om Egypte en Iraanse gastheren te behagen of dat Xi werkelijk zoekt naar wegen om in het Midden-Oosten de rol van „vredestichter en bemiddelaar” (aldus het Chinese dagblad Global Times) te spelen, moet blijken.