Column

Ome Gerard

Feyenoord wordt kampioen. Althans, dat zongen de meegereisde supporters, cynisch als ze waren toen hun elftal hopeloos achter stond tegen AZ. Een mespuntje suiker toevoegen aan het maagzuur.

Na afloop van het duel zag ik op internet een foto. In de catacomben van het stadion in Alkmaar houden twee mannen elkaar innig beet. Een speler in een AZ-tenue en een oudere man met grijze krullen in een winterjas.

Ron Beton en Ome Gerard.

Twee kerels van mannen, met elk een bijnaam.

Ron ‘Beton’ Vlaar speelde een paar jaar bij Feyenoord voor hij naar Engeland vertrok. In die tijd was hij regelmatig geblesseerd en lag daarom vaak op de massagetafel bij ‘Ome’ Gerard Meijer. Dat schept een band, een Feyenoordband.

Het mooie van de band met die club is dat hij vaak eeuwigheidswaarde heeft. Dat geldt voor spelers, trainers en publiek. Zonder een buisje bloed te hoeven aftappen, weet je: zelfde bloedgroep.

Deze foto was het mooiste Feyenoordbeeld van de wedstrijd. Maar het pijnlijke was, beide mannen werken niet meer bij de club.

Gerard Meijer was vijftig jaar lang de trouwe verzorger van Feyenoord. Met een waterzak in de hand liep hij de 100 meter in 11 seconden. Zeiden ze. Ome Gerard (80) is met pensioen maar hangt nog altijd rond bij de club.

Eens Feyenoorder, altijd Feyenoorder.

Voor Ron Vlaar geldt hetzelfde. Terwijl hij zich namens AZ warmliep, werd hij luid toegezongen door de Rotterdamse fans.

Vlaar bewees dat hij in zijn eentje een betere verdediging is dan de vier Feyenoorders bij elkaar. Alsof ze elkaar nog nooit hadden ontmoet, zo holden Karsdorp, Van Beek, Kongolo en Nelom over het veld.

Een ex-jeugdspeler van Feyenoord schoot een hattrick achter doelman Vermeer. AZ won met 4-2. Spits Vincent Janssen noemde het ‘een sportieve revanche’ op de club die hem liet gaan. Hij zette met zijn doelpunten niet alleen de verdediging te kijk maar ook de machteloos ogende Feyenoordspits Kramer.

Na een gele kaart werd verdediger Sven van Beek gewisseld. Hij ging op de bank zitten, pakte een lange trainingsjas en trok hem over zijn hoofd.

Diepe schaamte.

Die drie bloedbroeders – Vlaar, Janssen en Meijer – gaven een Rotterdams tintje aan de wedstrijd. Het verzachtte de pijn voor de aanhangers van Feyenoord een beetje; als het niet gaat in het heden, dan maar met een zucht turen naar het verleden.

Op de foto glimt verdediger Vlaar van oor tot oor als Gerard Meijer hem bij zijn arm en middel beethoudt. Een mooi koppel.

Ik denk aan wat Ome Gerard op zijn tachtigste verjaardag tegen trainer Giovanni van Bronckhorst zei, over werken voor Feyenoord: „Het is net een huwelijk. Als er geen liefde is, hou je het niet vol.”