Rode polsbandjes voor asielzoekers afgeschaft na commotie

Vluchtelingen melden dat ze door het bandje herkenbaar zijn als vluchteling en dat lokale inwoners ze regelmatig lastigvallen. ‘Ga terug naar je eigen land.’

De Iraanse vluchteling Mohammed Bagher poseert voor het huis in Middlesbrough waar hij verblijft. D deur van het huis is rood geschilderd. Foto Phil Noble / Reuters

Vluchtelingen in het Britse Cardiff worden gedwongen om een rood polsbandje te dragen. Op vertoon van het bandje krijgen ze drie keer per dag eten, op een locatie een paar minuten lopen van de plek waar ze slapen. Vluchtelingen ervaren de bandjes alsof ze worden ‘gelabeld’, zo meldt de Britse krant The Guardian.

Door de bandjes zijn ze op straat herkenbaar als vluchteling, met als gevolg dat ze geregeld op een vervelende manier worden aangesproken door lokale inwoners. De krant sprak met verschillende vluchtelingen in Middlesbrough, een plaats in het boord-oosten van Groot-Brittannië. Zo zegt de 36-jarige Eric Ngalle, die een maand verbleef in Cardiff:

“Het was zo’n 10 minuten lopen van het huis waar ik sliep naar Lynx House, waar we te eten kregen. Onderweg toeterden lokale bewoners vaak naar ons en sommigen riepen: ‘Ga terug naar je eigen land’.”

Een ander, de 41-jarige Maher, zegt:

“Door de bandjes wisten alle lokalen op straat waar we woonden. Zo voelde ik me niet gelijkwaardig in de samenleving.”

Update 11.40 uur:
Zojuist werd bekend dat het bedrijf dat de rode bandjes uitdeelt, daar per direct mee gaat stoppen. De bedrijfsleider van Clearsprings Ready Homes, de organisatie die in opdracht van de overheid nieuwe vluchtelingen opvangt en onderbrengt in accommodaties, zegt naar aanleiding van alle commotie geen gebruik meer te maken van de rode polsbandjes.

Rode deuren

De rode bandjes komen in opspraak nadat The Times vorige week berichtte over deuren van huizen waar vluchtelingen in Middlesbrough worden opgevangen rood werden geschilderd. De deuren zijn vermoedelijk geschilderd door de organisatie die de opvang verzorgt. Vluchtelingen voelen zich door het rodedeurenbeleid onveilig; door het zichtbaar maken van hun verblijfplaatsen werden ze regelmatig het slachtoffer van geweld en pesterijen. Een aantal vluchtelingen meldden dat er hondenpoep, eieren en stenen naar hun deur zijn gegooid.

James Brokenshire, de Britse minister van immigratie, kaartte de rode deuren aan in het parlement. Er loopt nu een onderzoek naar de rode deuren, zo wordt er onder meer bekeken of dit incident lokaal is of ook op andere plekken in het land gebeurt. Als Brokenshire aanwijzingen vindt voor discriminatie, dan zal de overheid deze aanpakken, zegt de minister.

In Groot-Brittannië mogen asielzoekers niet werken. De overheid levert bed, bad en brood, net als in Nederland. Vluchtelingen krijgen geen geld van de overheid.