Heeft u kleren? Rij maar door naar Calais

In het weekend, als Europa vrij heeft, trekken vrijwilligers massaal naar migranten bij Duinkerken. Allemaal tegelijk, met dezelfde spullen.

De illegale kampen bij het Franse Duinkerken waar migranten onderdak hebben gevonden in geïmproviseerde tenten. Op deze foto reikt vrijwilliger Hendrik de Kok (21) een deken uit. Foto's Merlin Daleman

Zaterdag, vluchtelingendag. Half Europa is vrij en heeft dus tijd voor een dagje vluchtelingen helpen. Bij kamp Duinkerken – waar zo’n 2.500 vooral Koerdische Irakezen zitten – stoppen de hele dag door dieselbusjes en volgepakte auto’s.

Op het terrein schenkt een Nederlander thee uit een houtgestookte ketel, een Duitse hippie deelt trossen bananen uit, vier vrouwen uit België geven kinderen boterhamzakjes met snoep, en zwart-bebaarde mannen van Hope 4 Homeless uit Bolton verstrekken gloednieuwe rubberlaarzen en rugtasjes met etenswaren. Als ze los zijn rijdt Sakib Afzal, bouwvakker in Manchester, naar het parkeerterrein verderop, bij het tuincentrum en sportwinkel Decathlon. Daar wordt uitgedeeld wat van de Franse gendarmes het kamp niet in mag: gasflesjes, slaapzakken, gereedschap, houten pallets. Alles wat het verblijf van de migranten in het met wilgentenen omrande dorpspark van Grande-Synthe „te permanent” zou kunnen maken.

Foto Merlin Daleman

 

Op zaterdagochtend half zeven vertrokken ook uit Tilburg vier vrijwilligers, in een vakantiecamper en een busje vol spullen die ze afgelopen week bij Tilburgers inzamelden.

Hendrik de Kok (21) kwam met het idee. In oktober was hij op Lesbos, en drie weken geleden weer. In een wetsuit mensen uit het water halen die vanuit Turkije op de boot naar Europa stapten. Binnenkort gaat hij terug, een ticket naar Lesbos kost straks nog maar 125 euro, vanaf 1 februari financiert presentator John de Mol met zijn liefdadigheidsstichting Movement on the Ground een rechtstreekse vlucht naar het eiland. „Een paar vrijwilligers uit Lesbos zitten nu in Duinkerken. Ze vroegen of ik ook weer kwam helpen.” Daar z’n tentje opslaan zag hij niet zitten. „Ik kan meer betekenen vanuit Nederland.” Een week geleden plaatste hij een oproep op Facebook. ‘Spullen gezocht voor Duinkerken.’ En: ‘Een busje om hulpgoederen te vervoeren.’

Busje uit Tilburg

Veerle Slegers (48), docent Spaans en Portugees en ex-gemeenteraadslid voor de SP in Tilburg, haakte aan. Ze kon aan een busje komen – normaal voor hulpgoederen naar Bosnië en Kroatië – en aan een bestuurder. Twee zelfs. Rick (59), vrijwilliger bij de Kringloopwinkel. Johan van Hout (50), SP-gedeputeerde in Brabant, wilde ook wel mee en zijn camper is misschien gammel en oud, maar redt het best naar Frankrijk.

Tot de parkeerplaats bij Gilze moet Hendrik de Kok achterin, bovenop de boodschappentassen en vuilniszakken met kleren, dekens en jassen. Tot vorig jaar deed hij de vooropleiding voor de politieacademie. Maar toen overleed zijn vader. Zelfmoord. „Ze zeiden dat ik het beter eerst kon verwerken.” Toen is hij mensen in nood gaan helpen.

Foto Merlin Daleman

 

Steekkarretjes

Roken, koffie-, en plaspauze bij wegrestaurant Mannekensvere, twintig kilometer voor Duinkerken. Kort strategisch overleg. Niet met de bussen het terrein op, zegt Hendrik de Kok. „Dan worden we belaagd.” Zo ging het twee weken geleden, toen hij er ook was. „Niet uitdelen vanaf de parkeerplaats, want dat geeft gedoe met de politie.” Besloten wordt de goederen met steekkarretjes het park in te rijden, en het verst achteraan te beginnen met uitdelen, „zodat die mensen ook wat krijgen”.

Tien uur precies komen de busjes aan in Grande-Synthe. Bij de ingang van het park hangt een bord waarop staat dat hier in 2016 ecowijk Basroch gebouwd zal worden met 500 woningen. Nu is het een grote modderpoel en vuilnisbelt waartussen zo’n duizend tenten staan. Honderden hoestende mannen stoken vuurtjes en eten warme maaltijden die er in het weekend in overvloed zijn, maar doordeweeks niet. Bij de tenten vrouwen, kinderen, de kleinsten hangerig, koortsig en met ontstoken oogjes.

Foto Merlin Daleman

 

"Stop stop. Het is te veel."

De steekkarretjes zinken weg in de zuigende modder. Toch maar vragen aan de politie of de bus het terrein op mag, zegt Hendrik de Kok. Het mag. Hij staat in de laadruimte, één achterklep open. Meteen ontstaat er een rij. Het haardhout, de waterflessen en de gasflesjes zijn binnen vijf minuten weg. De kleren vinden weinig aftrek. Heather Young grijpt in. Ze is van een Britse hulporganisatie, Aid Box Convoy, maar eigenlijk is dat irrelevant. Je hoeft maar een fluorescerend jasje aan te trekken en je bent coördinator. „Stop stop”, roept ze. „Het is te veel.” Ze stuurt de Tilburgers met hun vuilniszakken naar een grote, witte tent. Daar wordt kleding centraal geselecteerd, zegt ze. De witte tent puilt uit. Ga naar de grijze tent, zegt Heather. Die is nergens te vinden. Ga naar Calais, zegt Heather. Daar is een centraal afgiftepunt voor hulpgoederen.

Op naar Calais. Dat migrantenkamp bij de haven is groter, grimmiger en net vorige week deels plat gebulldozerd door de Franse overheid. Er zijn zes moskeeën, een ashramkeuken en een bedoeïenencentrum, maar geen inzamelpunt. Wat nu? Alle spullen mee terug naar Nederland nemen? „Dat is wel heel lullig.” Toch nog een keer Duinkerken proberen?

Foto Merlin Daleman

Tegen zessen rijden de Tilburgers met een stapeltje dozen en tassen het modderpad op dat de hoofdstraat is gaan heten. Skipakken komen tevoorschijn, winterjassen zo goed als nieuw. Aarzelend zoeken vrouwen tussen de kinderkleren. Hebben ze niks nodig dan? Ja, zeker wel. Eén keer uitglijden en je zit onder de drek. En zonder verwarming wordt niks meer droog. Maar vandaag, zaterdag, is de vraag naar kleren verzadigd. Er kwamen hulpverleners-voor-een-dag uit Denemarken, Duitsland, Nederland en Engeland. Fransen waren er nauwelijks te bekennen. De luiken en deuren van de huizen pal tegenover de ingang bleven de hele dag potdicht. Het loopt tegen achten als De Kok besluit dat het mooi is geweest. De camper is zo goed als leeg, het busje halfvol. Volgend weekend, zegt hij, gaat hij bijna zeker weer.

Foto Merlin Daleman