Duizenden Moldaviërs tegen nieuwe regering

In de Moldavische hoofdstad Chisinau protesteren wederom duizenden mensen tegen de regering.

Naar schatting lopen er meer dan 15.000 mensen mee met de demonstratie tegen de regering. Foto Vadim / AP

In de Moldavische hoofdstad Chisinau zijn zondag wederom duizenden mensen de straat op gegaan om te protesteren tegen de regering. De demonstranten zijn tegen de regering en voor vervroegde verkiezingen. De schattingen over het aantal betogers, loopt uiteen. Volgens persbureau AP lopen er 15.000 mensen mee, terwijl AFP meldt dat er 40.000 betogers zijn.

De betogers roepen in het Roemeens en Russisch leuzen als “wij willen ons land terug!” en “eenheid, burgers!”. De bijeenkomst is georganiseerd door twee pro-Russische partijen en een groep ‘Dignity and Truth’. De demonstranten begonnen een mars naar het Grondwettelijk Hof, waarbij ze werden opgeroepen de belangrijkste toegangswegen van de stad te blokkeren.

De demonstranten zijn boos over het feit dat de levensstandaard in het arme land steeds verder daalt. Zij zijn van mening dat de pro-Europese partijen, die sinds 2009 aan de macht zijn, hier verantwoordelijk voor zijn.

Deze week waren er al eerder demonstraties. Op woensdag werd het parlement bestormd en vielen vijftien gewonden, onder wie negen politieagenten. Op donderdag protesteerden zeker 7.000 mensen tegen de aanstelling van een nieuw pro-Europese regering. Donderdag ging het er beschaafder aan toe.

Vijf premiers versleten in een jaar

Sinds 2014 bevindt Moldavië zich in een zeer onstabiel politiek klimaat. Vorig jaar versleet het land liefst vijf premiers. Ook de economische situatie is slecht: Moldavië hoopt op een lening van het Internationaal Monetair Fonds om de economie te ondersteunen.

Moldavië tekende vorig jaar een associatieverdrag met de Europese Unie. NRC-redacteur Hubert Smeets hierover:

“Rusland ziet een deel van de Moldavische oppositie, de communisten, als onbetrouwbaar. Bovendien zijn de communisten voor het associatieverdrag met de EU, waar de Russen zo sterk tegen zijn.”