Vleesetende plant jaagt met telraam

Hoe weet een vleesetende plant dat er een mier op hem zit en geen regendruppel? Door goed te tellen.

Foto iStock

De venusvliegenvanger is een bijzondere plant. Hij eet bijvoorbeeld vlees. Nou ja, hij eet insecten die zo dom zijn op hem te gaan zitten. Zo kan deze plant leven op grond waar zijn wortels nauwelijks iets te eten kunnen vinden. Heeft-ie ook geen last van andere planten.

Maar nu blijkt deze vleesetende plant nog iets bijzonders te kunnen: tellen! In elk geval tot vijf, hebben wetenschappers nu ontdekt. Dat zit zo.

Vliegen en mieren komen af op de vliegenvanger, die je dus ook mierenvanger zou kunnen noemen. Ze worden gelokt door de heerlijke honinggeur van de plant. Als een insect op een van de twee grote bladeren gaan zitten, botst hij tegen daar een tegen een haartje op en nog een haartje. Die haartjes slaan alarm en de bladeren klappen snel daarna dicht. De plant maakt vervolgens allerlei sappen waarmee hij het insect verteert.

Maar wat nu als er een regendruppel op de plant valt? Of een blaadje? Dan komt het hele circus in beweging en verspilt de plant veel energie en sappen, toch? Toch niet, zagen de wetenschappers. Ze fopten de plant door met stroompjes haartje na haartje in beweging te zetten. Ze keken in de plant wat er dan gebeurde. Toen er één haartje bewoog, kwam de plant in de alarmstand, maar hij kwam niet in actie. Een druppel of blaadje beweegt maar één haartje, niet meer. Toen het tweede haartje bewoog, klapte de plant meteen dicht.

Rondlopende insecten botsten al gauw met twee haartjes en zitten dan gevangen. In paniek gaan ze spartelen en raken nog meer haartjes. Als het vijfde haartje een dreun krijgt, weet de plant zeker dat hij beet heeft. Dan gooit hij alle sappen los en gaat eten. Uitgehongerd van al dat tellen.