Het zijn gure tijden voor de gematigden in Amerika

no caption no producer

Rebellie hangt in de lucht. Je proeft het in de stampvolle universiteitsaula’s waar Bernie Sanders spreekt, de 74-jarige Democratische senator die het Hillary Clinton moeilijk maakt. Je merkt het ook op campagne met Donald Trump en Ted Cruz, de Republikeinse koplopers die de eerste en tweede plaats in de peilingen bezetten. Onder hun aanhang heerst een sfeer van nerveuze opwinding en woede tegelijk. Deze mensen willen afrekenen met de gevestigde politieke orde in de Verenigde Staten.

Over negen dagen, op 1 februari, beginnen in de staat Iowa de Amerikaanse presidentsverkiezingen. In deze staat organiseren de Democraten en Republikeinen caucuses – een soort buurtvergaderingen waar mensen met handopsteken een winnaar kiezen. Een week later is New Hampshire aan de beurt. In beide staten staan de opstandige buitenstaanders er uitstekend voor. Bernie Sanders ligt voor in New Hampshire, en volgt Clinton in Iowa op de voet. Niet meteen reden voor paniek, zou je denken. Er volgen nog 48 staten. Maar het Clinton-kamp maakt zich grote zorgen. Hillary Clinton zou deze voorverkiezing toch even binnenhalen? Bernie Sanders, een ‘democratisch socialist’, zonder vrienden in de partijelite, die komt toch niet ver?

2301zatvs3.jpg

Clinton probeerde Sanders lange tijd te negeren, maar valt nu terug in dezelfde fout die ze in 2008 maakte. Ze gaat vol in de aanval. Vorige week hield haar campagneteam een bijeenkomst op achtergrondbasis met de pers over Sanders. De toon was vijandig. Sanders krijgt een te vriendelijke behandeling in de pers, zeiden ze. Sanders zegt dat hij alleen over inhoudelijke kwesties wil praten, maar valt Clinton aan in gemene campagnespotjes. Als voorbeeld halen ze een spotje aan waarin Clinton niet eens genoemd wordt. Het doet steeds meer denken aan de grimmige campagne van 2008, toen Clinton de opkomst van Obama probeerde te stuiten. Dat is tekenend voor de onrust.

Clinton en Trump leiden de race. Het zijn gure tijden voor de gevestigde orde. Hillary Clinton merkt dat, maar de Republikeinse partijfavorieten zelfs nog meer. Jeb Bush heeft tientallen miljoenen dollar op de bank staan, maar is verder onzichtbaar. Senator Marco Rubio blijft een grote belofte. Gouverneurs John Kasich en Chris Christie blijven ver achter. De enige kandidaten die er goed voorstaan, zijn twee buitenstaanders: Ted Cruz, de senator-zonder-vrienden uit Texas, en zakenman Donald Trump.

Politiek complot

De opkomst van de buitenstaanders heeft te maken met een diepe ontevredenheid van de Democratische en Republikeinse achterban. In de Democratische basis leeft een hang naar progressieve politiek. Hillary Clinton, die onder druk van Sanders al flink naar links is opgeschoven, wordt gewantrouwd. Ze presenteert zich alsof zij de derde termijn van Barack Obama opeist. Clinton heeft de steun van de gehele partijmachine. Ze heeft vrijwel alle ‘endorsementsopenlijke steunbetuigingen van partijprominenten: 458 tegen twee. Wie de partijbonzen achter zich heeft, wint. Zo is het altijd gegaan.
no producer
Maar wat is normaal in deze verkiezing? Bij de Republikeinen hebben vooral Bush en Rubio de zegen van de partijelite. Maar Donald Trump heeft Sarah Palin, die het gesprek twee dagen beheerste na een onnavolgbare pro-Trump-toespraak. Trump en Ted Cruz bespelen het grote ongenoegen van de basis van de partij. Zij richten zich net zo hard tegen de eigen partijtop in Washington als tegen de Democraten. Het is allemaal ‘establishment’. Ze smeden een achterban van kiezers die zich bedreigd voelen door een snel veranderend Amerika. Cruz en Trump keren zich tegen immigratie, globalisering en vrijhandel, en suggereren een politiek complot tegen de witte midden- en onderklasse.

De Republikeinse partij bestaat traditioneel uit vier stromingen, zegt politicoloog Dante Scala uit New Hampshire. De dominante groep was de gematigde stroming, die het vooral belangrijk vindt dat de Republikeinen een president leveren. Daarnaast is er een groep conservatieven die voor lage belastingen zijn. Er zijn ook nog seculiere ultraconservatieven, die maximale persoonlijke vrijheid nastreven, en evangelische kiezers. Ted Cruz en Donald Trump, zegt Scala, weten die laatste twee groepen te verenigen.

“De Republikeinse elite is zich rot geschrokken. Maar ze hebben de chaos zelf veroorzaakt.”

Luie top

De vijandige stemming in de achterban had de partijtop niet zien aankomen. De top, dat zijn de leiders in Washington, het partijbureau, de geldschieters en de ideologen. Ten eerste bedienden ze zichzelf jarenlang van apocalyptische taal. Schelden werd in de Obama-jaren de norm bij de Republikeinen. Wat Trump zegt, staat vaak niet eens zo heel ver van de partijstandpunten af. Zoals Washington Post-columnist Dana Milbank schreef:

Trump is het monster dat de partij zelf creëerde.

Trump en Cruz zijn onderschat, zegt politicoloog Scala. “De top was te lui, of te onverschillig, om de aanval in te zetten. Nu is het te laat.” Daarbij liet de partij toe dat maar liefst vier kandidaten azen op de gematigde kiezers.

„Die vier eten elkaars electoraat op. Bush heeft geld, en valt Rubio aan. John Kasich voorkomt dat Chris Christie kan opkomen. En uiteindelijk hebben ze alle vier niets.”

De luiheid van de top heeft ook te maken met de geschiedenis. Vrijwel altijd wint de kandidaat die de partijtop voor ogen had. Zie Mitt Romney, John McCain, of George W. Bush. Het ging maar één keer grandioos mis. Dat was in 1964, toen de anticommunist Barry Goldwater de nominatie wegkaapte bij de favoriet, Nelson Rockefeller. Goldwater was veel te radicaal voor de uiteindelijke verkiezingen, en won maar zes staten.

Trucjes

Die nachtmerrie probeert de partijtop te voorkomen. Het invloedrijke conservatieve tijdschrift National Review publiceerde deze week een nummer dat geheel tegen Trump gericht was. ‘Anti-Trump’, staat in gouden letters op de cover. Maar, zeggen sommigen, met Ted Cruz halen we een nog ellendiger resultaat. Dan in vredesnaam maar Trump, zeggen steeds meer gevestigde namen, zoals Newt Gingrich en Rudy Giuliani.

Misschien, sussen veel Republikeinen én Democraten, gaan de oude wetten weer werken. De partij bepaalt de spelregels, en kan daar flink mee manipuleren. De Republikeinen hebben trucjes uitgehaald met ‘kiesmannen’, de afgevaardigden die in de zomer, op de conventie, de kandidaat moeten nomineren. De regels zijn in het nadeel van ‘opstandig’ geachte staten. Hillary Clinton wilde zo min mogelijk tv-debatten, dus werden er maar een paar georganiseerd, op tijdstippen dat bijna niemand kijkt. In het verleden werkten dit soort trucjes altijd goed. Maar dat is geen garantie voor dit jaar.