Tsjirpen langs de autoweg

Illustratie Irene Goede

Misschien was jij deze zomervakantie aan het kamperen op een warm plekje in Europa. En mocht je lang opblijven en nog een ijsje halen na het eten, want in de tent was het toch te heet om te gaan slapen. Misschien zat je toen met je ijs op een bankje, terwijl de zon onderging. Je hoorde je eigen gesmak, je hoorde het geluid van de kinderdisco verderop, en je hoorde een zacht geluid. Krrr.... krrr... krr...krr. Tsjirpende krekels.

Krekels zijn het geluid van de zomervakantie. En als je dan krekels hoort, kan het zomaar zijn dat het wijnkrekels zijn. Het zijn kleine, geelbruine krekeltjes. Ze houden van warmte, daarom hoor je ze alleen in de zomer en nooit in Nederland. Misschien heten ze wel zo omdat je ouders op hun klapstoelen wijn zitten te drinken terwijl jij je ijsje eet.

De wijnkrekels die je hoort, zijn de mannetjes. Ze wrijven hun vleugels langs elkaar om vrouwtjes te lokken. Een warme, stille weide met hoog gras, dat is hun lievelingsplek voor een indrukwekkend concert.

Krrr...krrr...krrr...

VRRRRRRMMMMM!

Daar komt net een auto langs.

BRBRBRBRRRRRRRMMM!

En daar is een tractor met hooibalen.

Sommige krekels hebben pech. Ze zitten helemaal verkeerd. Het weitje dat ze gekozen hebben, ligt langs een drukke weg.

Wat doet een wijnkrekel dan? Het is ene beetje sneu, maar wijnkrekels kunnen daar niet zoveel aan doen.

Ze zouden harder kunnen gaan zingen: KRRR!...KRRRR!

Ze zouden sneller kunnen gaan zingen, zodat ze meer opvallen: krrkrrrkrrrkrrr!

Of ze zouden hoger kunnen gaan zingen, zodat ze boven de brom van het verkeer uitkomen: kirrr!...kirrr!

Maar dat doen wijnkrekels dus allemaal niet. Langs zo’n drukke weg vol herrie zingen ze juist minder.

Krrr...........krrr............krrr.

Dat heeft geen zin. Dan zijn ze nóg slechter te horen.

Het lijkt wel alsof de krekels een beetje zitten te balen. Ze zaten vast veel liever op een warm weitje. De volgende dag verhuizen ze lekker naar de camping, zeker weten.