‘Recht in de leer zolang het hem goed uitkomt’

Weinig politici zijn in Washington zo gehaat als de Republikeinse senator Ted Cruz, de belangrijkste tegenstrever van Donald Trump. Maar veel kiezers kunnen zijn sabotagetactieken wel waarderen.

Lunchtent Gordy’s in het plattelandsdorp Humboldt (5.000 inwoners) is typisch een plek waar Ted Cruz zich thuisvoelt. Voor hem geen stadions of arena’s, hij staat liever voor kleine groepen. Terwijl de gasten hotdogs met ham bestellen, de specialiteit van het huis, tapt Cruz moppen, wandelend tussen de gedekte tafels. Journalisten, progressieven en vooral Hillary Clinton moeten het ontgelden. „De media raken in de war als ik president word”, zegt hij. „Ze hebben straks allemaal therapie nodig.”

Een vraag uit de zaal: „Heeft u Star Wars al gezien?” Cruz: „Ja, op de avond van het Democratische tv-debat. Toen ik al die laserstralen zag, dacht ik: dit is toch een stuk realistischer dan wat de Democraten zeggen.”

Als een vrouw onwel wordt, zegt hij: „Het kwam vast omdat ik Hillary Clinton noemde.”

De Texaanse senator Ted Cruz (45) is de belangrijkste uitdager van Donald Trump bij de Republikeinse voorverkiezingen. Trump staat landelijk bovenaan met circa 35 procent, Cruz volgt op bijna 20 procent. Maar in de belangrijke staat Iowa staat Cruz bovenaan. In dit agrarische, conservatieve gebied kan hij de eerste slag slaan. Hier beginnen 1 februari de voorverkiezingen.

Cruz heeft daarom alles op Iowa gezet. Met een gehuurde bus doet hij in een paar dagen 28 districten aan. Het is bus in, bus uit en ritten over eindeloze rechte wegen. Naast hem loopt altijd zijn ‘schaduw’ Bruce Redden, een jonge man die hem influistert met wie hij praat, waar hij naartoe gaat, wanneer hij weg moet. Het is tekenend voor de immense discipline die Cruz deze campagne opbrengt. Nergens is hij ook maar een minuut te laat, nooit wijkt hij van zijn script af.

Retoriek van de botte bijl

Ze worden vaak in één adem genoemd, Donald Trump en Ted Cruz. Allebei zijn het politieke eenlingen, die de Republikeinse partij op zijn kop zetten. Hun retoriek is die van de botte bijl: tegen migranten, tegen Washington, tegen ‘politieke correctheid’. Ze staan voor de ruk naar rechts die de Republikeinen deze verkiezingscampagne maken. Ze worden gehaat door hun partij, maar domineren zelfverzekerd het debat. Maar kijk wat langer, en de immense verschillen vallen op. Trump is een chaotische kandidaat, die zegt wat in hem opkomt. Cruz laat niets aan het toeval over. Trump voert groots en meeslepend campagne, Cruz houdt het klein. Hij kiest voor restaurants, achterafzaaltjes, huiskamers.

En waar Trump vooral over zichzelf praat, gaat het bij Cruz maar over twee dingen: God en Grondwet. Die hebben voor Cruz eeuwigheidswaarde, en moeten strikt geïnterpreteerd worden. Hij propageert vrij wapenbezit, is voor een zo klein mogelijke overheid, voor de doodstraf, en voor lage belastingen. Cruz zegt in Humboldt dat het christendom onder druk staat. De „progressieve elite” heeft het homohuwelijk ingevoerd en abortus gelegaliseerd en de rol van godsdienst in het openbare leven steeds kleiner gemaakt. „Mijn hele leven heb ik gevochten voor religieuze vrijheid. Als president zal ik dat blijven doen.”

In de schaduw van Donald Trump heeft Ted Cruz zich een uitstekende positie verworven om de Republikeinse nominatie te winnen. Zijn verhaal is niet minder radicaal dan dat van Trump. De woede onder Republikeinse kiezers voelt hij aan, en hij gebruikt graag grote woorden. Als het over het bombarderen van Islamitische Staat gaat, zegt hij: „Ik weet niet of zand gloeit in het donker, maar we gaan het zeker proberen.” Cathy Heider, een oudere dame: „Hij zei: ‘Als je iemand zoekt om een biertje mee te drinken, moet je niet bij mij zijn. Wel als je iemand zoekt om je thuis te brengen’. Iemand met principes en karakter, daar houden we hier van.”

Democraten én Republikeinen in Washington haten hem. In de Senaat gebruikt Ted Cruz de tactiek van Newt Gingrich in de jaren 90: om het instituut te redden, moet je het vernietigen. Nooit zal hij samenwerken met president Obama. Hij saboteert liever dan dat hij oppositie voert. In september 2013 sprak hij 21 uur onafgebroken om de invoering van Obamacare, de algemene verplichte zorgverzekering, te verhinderen. Hij las om tijd te rekken onder meer voor uit Groene Eieren met Ham van Dr. Seuss. Het was symboolpolitiek, want over Obamacare zou niet gestemd worden. Maar de conservatieve achterban vond het prachtig.

Korte tijd later wilde Cruz de financiering van de overheid stopzetten om Obamacare tegen te houden. Hij wist de radicale vleugel van zijn partij achter zich te krijgen en er ontstond een patstelling van bijna drie weken. Washington ging op slot, 800.000 ambtenaren werden naar huis gestuurd. „Ik ben zo gehaat in Washington, dat ik daar maar beter met een voorproever kan lunchen”, zei Cruz.

Meestal de slimste in een gezelschap

„Ted wil al sinds zijn negende jaar president worden”, vertelt Mark McKinnon, een Republikeinse strateeg en vriend van Cruz. „Hij heeft een heilig vuur, laat zich door niets afschrikken. Hij is nooit bang, omdat hij meestal de slimste in een gezelschap is.” McKinnon en Cruz leerden elkaar kennen tijdens de campagne van George W. Bush, in 2000. McKinnon was Bush’ woordvoerder, de twintiger Cruz een ambitieuze stafmedewerker.

Cruz vertelde Mckinnon over zijn dromen, en zijn moeilijke jeugd. Hij werd geboren in Canada, waar zijn Cubaanse vader en Amerikaanse moeder korte tijd woonden. Zijn alcoholische vader, Rafael Cruz, was Cuba ontvlucht in 1957. Toen Ted een paar jaar was, scheidden zijn ouders, en belandde hij met zijn moeder in Texas. Na enige tijd bekeerde zijn vader zich tot het christendom en werd een evangelische voorganger. Hij werd actief in de evangelische beweging die Ronald Reagan steunde in 1980, en nam zijn zoon mee naar politieke bijeenkomsten. Hij vergeleek Jimmy Carter, en later Barack Obama, vaak met Fidel Castro.

Ted Cruz ging rechten studeren. Eerst aan Princeton, later Harvard. Hij specialiseerde zich in Constitutioneel Recht. Want de Grondwet, had hij van zijn vader geleerd, was heilig. „Hij was de beste student van zijn klas”, vertelt Laurence Tribe, hoogleraar Constitutioneel Recht aan Harvard. „En hij koos altijd voor de confrontatie. We overtuigden elkaar nooit. Maar hij sprak zo welsprekend en goed onderbouwd, zonder aantekeningen, dat het grote indruk maakte. Ik gaf hem meestal een tien.” Cruz studeerde magna cum laude af.

Maar de hoogleraar en de student kregen een meningsverschil dat tot vandaag gevolgen heeft. Het ging, zegt Tribe, over de vraag hoe je de Grondwet, uit 1788, moet lezen. Moet je die zien als een statisch document, waarvan alleen de bedoelingen van de schrijvers tellen? Of verandert de betekenis door de jaren heen, en moet je de Grondwet steeds opnieuw interpreteren? Cruz is aanhanger van de eerste visie, die gedeeld wordt door ultraconservatieve rechters als Clarence Thomas. Tribe gelooft in de rekkelijke, tweede visie. De Grondwet leeft, zegt hij, en de interpretatie hangt af van de tijd waarin je leeft.

De laatste maanden kreeg Cruz van onder meer Donald Trump te horen dat hij wellicht geen president kan worden omdat hij in Canada geboren is en daarom geen ‘Natural Born Citizen’ is, zoals de Grondwet voorschrijft. Cruz heeft dit altijd weggelachen. Hij is Amerikaan, zegt hij, met een Amerikaanse moeder. „Het is een non-issue”, zegt hij in Iowa.

Maar zo simpel ligt het niet, zegt Laurence Tribe. De schrijvers van de Grondwet wilden het presidentschap echt alleen openstellen voor mensen die op Amerikaans grondgebied waren geboren. Ze waren doodsbang dat buitenlandse tirannen het presidentschap zouden opeisen. Met andere woorden: als Cruz consequent is, moet hij zelf ook vinden dat hij geen president kán worden. „Alleen als het hem uitkomt, is hij blijkbaar principieel.”

Pleiten voor het Hooggerechtshof

Toen Cruz zich in 2000 meldde bij het campagneteam van George W. Bush, kwam zijn juridische kennis als geroepen. Bush en de Democraat Al Gore eindigden praktisch gelijk in de cruciale staat Florida, en na een chaotische hertelling moest het Hooggerechtshof de doorslag geven. Mark McKinnon: „Ted coördineerde al snel het juridische team. Hij werkte dag en nacht, spitte alle documenten door. Hij sliep nooit.” Bush won zijn zaak, en werd president.

Enkele jaren later werd Cruz advocaat-generaal van Texas, en moest hij regelmatig voor het Hooggerechtshof pleiten. Zo leerde hij de kracht van het woord. Toen hij in 2012 politicus werd, wist hij Tea Party-aanhangers en evangelicals achter zich te verenigen. Zijn verkiezing in de Senaat was een schok voor de eigen partij, waar Cruz als onruststoker werd gezien.

Ook nu is de partijelite hem liever kwijt. Prominenten waarschuwen dat de Republikeinen met Ted Cruz in november nooit van Hillary Clinton kunnen winnen. „Dit wordt een nederlaag van natuurramp-proporties”, zei oud-presidentskandidaat Bob Dole deze week.

Kleurloze kandidaten zorgen voor thuisblijvers, zegt Cruz zelf. Hij zegt dat hij 54 miljoen teleurgestelde Democraten en evangelische kiezers kan binnenhalen, ruim voldoende voor een zege.