Nog helemaal geen goed beeld van wat daar is gebeurd

In de krant van 9/1 en 16/1 staat dat „er zo langzamerhand een goed beeld bestaat van wat er gebeurd is op oudejaarsavond in Keulen”. Als echter iets blijkt, dan is het dat er vooral veel niet duidelijk is. Wie hebben ervoor gezorgd dat de sfeer van meet af agressief was? Hoe weten we hoeveel vluchtelingen er op verschillende tijdstippen op het plein waren? Zijn er dan identiteiten gecontroleerd? Wat is er met die gegevens gebeurd?

Blijkbaar loopt het pas echt uit de hand als er duizenden mensen op het plein zijn. Dankzij wie? Dezelfde honderden die direct al voor een agressieve sfeer hadden gezorgd? Wie waren er nog meer naast al die migrantenmannen? En wat deden zij toen honderden vrouwen in het nauw kwamen te zitten? Volgens de politie reageerden de aanranders niet op aanwijzingen van de politie. Hoe moeten we ons dat voorstellen? Stond de politie ernaast aanwijzingen te geven? En wat deed de politie toen dat niet hielp? Hoe kan het dat het plein wel makkelijk schoongeveegd kon worden, maar politie en omstanders deze misdaden niet konden voorkomen? Waarom zijn er zo weinig verdachten aangehouden?

Kortom, de bewering dat het nou wel duidelijk is wat er in Keulen is gebeurd, lijkt me nauwelijks houdbaar.

Aanjager van gevoelens

Overdrijft mevrouw Jorritsma als zij zegt dat de media de gevoelens van onveiligheid in de samenleving aanjagen? Zie dan eens afgelopen zaterdag. ‘Nederlandse vrouwen voelen zich minder veilig na Keulen’, zo kopten diverse kranten op basis van een ‘representatief’ onderzoek van het AD. 40 procent van de vrouwen zou zich minder veilig voelen op straat, 34 procent vreest slachtoffer te worden van seksuele intimidatie, of maakt zich daar tenminste zorgen over.

Nu zal ‘Keulen’ ongetwijfeld effect hebben op het veiligheidsgevoel van vrouwen. En niet alleen op dat van vrouwen: de gebeurtenissen hebben in de hele samenleving een open zenuw geraakt. Maar dat is iets anders dan dat dit onderzoek een goede weergave geeft. We weten allang dat dit soort onderzoeken, op zo’n moment, vooral iets anders meet dan wat er onder vrouwen leeft, namelijk de aard en de omvang van de media-aandacht. Maar zo’n onderzoek werkt wel door.

De boodschap dat anderen zich onveilig voelen, werkt ongemerkt als ‘sociaal voorbeeld’. Als anderen zich onveilig voelen, moet ik dat dan ook? Dit gaat heel onbewust, maar wel zeker. Dat maakt zo’n onderzoek niet zozeer een beschrijver, maar een aanjager van onveiligheidsgevoelens. Een self fulfilling prophecy. Al vaak beschreven, maar we tuinen er steeds weer in.

Marnix Eysink Smeets lector publiek vertrouwen in veiligheid Hogeschool Inholland, voorzitter landelijke expertisegroep veiligheidspercepties