Knokken om zorg in Drenthe

Komende week wordt bekend of Hoogeveen zijn intensive care behoudt. Nieuwe normen hinderen kleine ziekenhuizen.

Scheper Ziekenhuis in Emmen, één van de drie locaties van de Treant Zorggroep. Patiënten uit Hoogeveen worden de laatste jaren steeds meer naar de intensive care-afdeling in Emmen verwezen. Foto Siebe Swart, Hollandse Hoogte

Welk ziekenhuis heeft volgend jaar nog een intensive care? Gaat die zorg in de helft van de Nederlandse ziekenhuizen verdwijnen?

Die vraag moet binnenkort worden beantwoord. En in Hoogeveen houden ze hun hart vast. „We hebben het aantal opnames op de intensive care de afgelopen paar jaar sterk zien dalen en steeds meer mensen worden naar Emmen geloodst”, zegt Klaas Reenders, voormalig huisarts en lid van het plaatselijke actiecomité Bethesda moet blijven, vernoemd naar het Hoogeveense ziekenhuis.

Komende week ontstaat meer duidelijkheid over de toekomst van hun ziekenhuis. Niet door de minister, niet door zorgverzekeraars of door ziekenhuisbestuurders, maar door het Zorginstituut Nederland – een adviseur van de minister, ooit voortgekomen uit de Ziekenfondsraad.

Het instituut is als onafhankelijke partij aangezocht om een gevoelig besluit voor alle ziekenhuizen te nemen. De medisch specialisten zelf slagen daar namelijk al jaren niet in. Zeven jaar geleden adviseerde de Inspectie voor de Gezondheidszorg dat er een nieuwe richtlijn zou moeten komen voor de intensive care in Nederland. Maar die is er nog steeds niet.

Die richtlijnen zijn pijlers van de Nederlandse gezondheidszorg. In beroepsverenigingen maken medici afspraken over hun werkwijze en behandelmethoden om kwaliteit te waarborgen.

Platte machtsstrijd

De wetenschappelijke verenigingen van internisten en anesthesisten gingen akkoord met nieuwe afspraken over waar een intensive care aan moet voldoen. Maar bij de intensivisten mondde de inhoudelijke medische discussie over de landelijke normen voor een ic-afdeling uit in een platte machtsstrijd tussen artsen van kleine en artsen van grote ziekenhuizen. Hoe strenger de norm, bijvoorbeeld over het aantal vereiste bedden, het aantal aanwezige artsen en verpleegkundigen, hoe moeilijker die te halen is voor een klein ziekenhuis. Bij een strenge richtlijn worden grote ziekenhuizen groter en kleine nog kleiner.

En dat is precies waar 90.000 bewoners in de regio Hoogeveen zich zorgen over maken. Zij kwamen de laatste jaren veelvuldig in actie om hun plaatselijke ziekenhuis te behouden. Met soms verfrissend doeltreffende actiemiddelen. Zo riep de actiegroep de bewoners op om zorgverzekeraar Achmea te boycotten en er geen ziektekostenpolis meer af te sluiten omdat de verzekeraar te weinig zorg zou willen inkopen bij het ziekenhuis. Zelfs de burgemeester dreigde zijn inwoners op te roepen over te stappen omdat de lokale democratie geen inspraak had in het kwartetspel tussen verzekeraars en ziekenhuizen waarbij bepaald wordt welke vestigingen open blijven en welke sluiten.

Sluiting van de spoedpost werd afgewend, maar de intensive care is nu in het gedrang. Het ziekenhuis van Hoogeveen (Bethesda) fuseerde met dat van Emmen (Scheper). Daar kwam vervolgens Stadskanaal (Refaja) bij. Sinds begin dit jaar gaat de ziekenhuisgroep door het leven als Treant, met drie vestigingen.

De intensivisten zitten in een gezamenlijke maatschap. Die kwamen al een jaar geleden tot de conclusie dat ernstig zieke patiënten voor de intensive care voortaan naar Emmen moeten worden doorgestuurd. Alleen daar is 24 uur per dag, zeven dagen per week een intensivist beschikbaar.

Maar het advies om naar Emmen door te sturen leidde tot veel onrust in Hoogeveen. Een volwaardig ziekenhuis beschikt over een goede intensive care, zo is de redenering in Hoogeveen. Het is de brandweer van de kliniek. Het ziekenhuis liet weten dat het om een misverstand ging, dat het allemaal zo’n vaart niet zou lopen. Laten we eerst de landelijke richtlijn afwachten, was de boodschap.

De kwestie is daar niet mee opgelost. Hoe je in een buitengebied als Drenthe een goede intensive care in de lucht moet houden is een probleem dat dagelijks speelt. En Drenthe is niet uniek. In Zeeland, Limburg, en elders buiten de Randstad hebben instellingen grote moeite om hun intensive care te behouden. „Het is een sluipend proces dat de spoedzorg in Hoogeveen verdwijnt”, zegt Klaas Reenders, de gepensioneerde huisarts uit Hoogeveen. Voor het hele fusieziekenhuis daalt het aantal ic-patiënten. Maar in Hoogeveen is de daling veruit het grootst, tot grote frustratie van het plaatselijke actiecomité. Dit is regie, een managementbeslissing waar zij geen greep op krijgen. Zij voelen zich machteloos.

„We wachten op een richtlijn, terwijl in de praktijk het ziekenhuis al wordt uitgekleed.” Wat dat betekent voor Hoogeveen? Wie de bus naar Emmen neemt, is minimaal een uur kwijt. Met het openbaar vervoer naar locatie Stadskanaal kost minimaal 1,5 uur.

„Die afstanden zijn veel te groot. In dit gebied wonen veel oudere mensen. Hoe moeten die dat doen als hun partner op de ic ligt?” En gesprekken over bijvoorbeeld euthanasie – niet ondenkbaar bij ernstige zieken – worden er niet makkelijker op. Daarvoor is vertrouwen nodig, zorg dichtbij.

Sterftecijfers

De zorg in Drenthe is per definitie duurder dan in de Randstad. Het gevolg van concentratie van instellingen is dat de toegang tot zorg in een buitengewest steeds moeilijker wordt terwijl de inwoners wel dezelfde verplichte premies betalen om de zorg te financieren.

De normen waarop gestudeerd wordt in de nieuwe richtlijn zijn volgens artsen in kleine ziekenhuizen overbodig en zouden voor veel instellingen het einde van hun intensive care betekenen. Zij wijzen op het recente onderzoek van intensivist Kluge dat toont dat de sterftecijfers van kleine, minder goed bemande Nederlandse ic’s, niet afwijken van grotere ic’s als gecorrigeerd wordt voor de populatiekenmerken van patiënten. Dat staat haaks op de uitkomsten van Amerikaans onderzoek – waar de intensive care anders georganiseerd is – die op minder sterfte duiden op grotere ic’s. De vraag in hoeverre onvrede over nieuwe eisen aan de intensive care nu medisch gedreven is of machtsgedreven is moeilijk te beantwoorden.

Uit de laatste Sociale Staat van Nederland van het SCP blijkt dat Nederlanders de gezondheidszorg het belangrijkste politieke onderwerp vinden. In Hoogeveen weten ze het al jaren: in de buitengebieden moet je strijden voor de zorg.