Injectie in reële economie

Het door de ECB ingezette programma voor monetaire verruiming (quantitative easing, QE) is niet het beste instrument om de doelstellingen van aanjagen van economische groei en deflatiebestrijding in de Eurozone te bewerkstelligen.

Het instrument kan snel worden ingezet, maar de positieve effecten hiervan op economische groei en bestrijding van deflatie blijken uit onderzoek van de FED naar haar eigen monetaire verruimingsbeleid onduidelijk te zijn en worden omgeven met risico’s van toenemende onevenwichtigheden en volatiliteit op de kapitaalmarkten.

De ECB kan beter direct geld in de reële economie van Europa injecteren door bijvoorbeeld grote infrastructurele projecten mee te helpen financieren. Infrastructurele projecten vervullen een belangrijk nut voor de samenleving en versterken de economie voor de toekomst. Bovendien creëren deze projecten direct werkgelegenheid en heeft dit een doorsijpeleffect richting de rest van de economie tijdens de realisatie ervan.

De ECB kan hiermee haar eigen doelstellingen effectiever en efficiënter bereiken dan met monetaire verruiming.