Gentleman’s game is zijn onbevlekte imago nu kwijt

Tennisautoriteiten kregen harde kritiek na de onthulling dat topspelers zich schuldig zouden maken aan omkoping, maar niet werden bestraft. „Er lijkt sprake van een doofpotconstructie.”

Illustratie Rik van Schagen

Onrust op de Mets Tennisbanen. Juli 2015, gokexperts zijn er zeker van, dit duel bij het challengertoernooi in Scheveningen is gefixt. Twee onbekende Kazachen in een slaperige eerste ronde op een klein toernooi, lege tribunes, een tiebreak met vreemde afzwaaiers en een scoreverloop dat volledig afwijkt van de inzet op de internationale gokmarkt. Gokbedrijven nemen een drastische maatregel, de gokpatronen zijn zo verdacht dat ze de wedstrijd niet langer aanbieden.

Er gaat nog dezelfde middag een melding naar de Tennis Integrity Unit in Londen, dat optreedt tegen corruptie in het tennis. Er komt een onderzoek naar de partij tussen Aleksandr Nedovyesov en Andrey Golubev. De Nederlandse opsporingsdiensten worden via het nationaal platform matchfixing ingelicht. Een dag later arriveren inspecteurs van de FIOD op het tennispark in Scheveningen. De toernooileiding wordt uitgebreid ondervraagd, de uitgeschakelde Goloebev is dan al vertrokken.

Veel rumoer, veel verdachtmakingen, maar strafrechtelijke vervolging? Nee, blijkt nu een half jaar later. „De bevindingen van de FIOD hebben geen aanknopingspunten opgeleverd voor een verder strafrechtelijk onderzoek”, mailt een woordvoerder van het Functioneel Parket. Verdachte gokpatronen, dat zeker. Maar dat alleen is te dun, er is „geen bevestiging van een redelijk vermoeden van een strafbaar feit”, aldus de woordvoerder.

De zaak in Scheveningen illustreert de complexiteit bij het bewijzen van matchfixing. Verdachte gokpatronen? Absoluut, regelmatig. Verdachte tennissers? Ja, de Tennis Integrity Unit heeft al sinds 2011 een zwarte lijst met twintig spelers. Onderzoeken en bestraffen? Daar stokt het vaak.

Spelers op de radar

Deze week kregen de tennisautoriteiten harde kritiek na een onthulling van de BBC en BuzzFeed. Zij schreven dat er sterke aanwijzingen zijn dat in de afgelopen tien jaar zestien spelers uit de topvijftig van de wereld zich schuldig maakten aan wedstrijdmanipulatie.

Verschillende gokexperts reageerden vernietigend: de integriteitseenheid hebben spelers op de radar, maar er is onvoldoende gedaan om verdachte toptennissers aan te pakken. „Er lijkt sprake van een doofpotconstructie”, vertelt een Nederlandse tennisser die anoniem wil blijven. „De Tennis Integrity Unit heeft veel weg van een schijnorganisatie.” Een Zuid-Amerikaanse ex-prof zei dinsdag bij de BBC dat tennisautoriteiten „weten wie het doet”, maar ze zijn volgens hem niet bereid om het te stoppen.

De gentleman’s game is zijn onbevlekte imago verloren. De schade is nog niet zo omvangrijk als bij andere grote sporten – zie de corruptie bij wereldvoetbalbond FIFA en de dopingaffaires in het atletiek en wielrennen. BBC en BuzzFeed leverden (nog) geen sluitend bewijs – namen werden uit angst voor juridische claims niet genoemd.

Bovendien zijn er twijfels over de onderzoeksmethode, die is gebaseerd op een data-analyse van de gokpatronen van 26.000 wedstrijden tussen 2009 en 2015. Hierbij is enkel gekeken naar de gokpatronen vóór een wedstrijd – beginnotering voor de start, en slotnotering voor de start. De gokpatronen tijdens het duel – live betting – zijn niet meegenomen in de analyse. Voor een volledig beeld had dat wel gemoeten, live gokken kan een belangrijke indicatie zijn of een duel mogelijk gefixt is.

Hoe dan ook: dat een kerngroep van toptennissers al enkele jaren weet te ontkomen, daar twijfelen ervaren analytici van de gokmarkt niet aan. De feiten? Sinds de oprichting van de Tennis Integrity Unit ruim zeven jaar geleden zijn 73 zaken nader onderzocht. Tot dusver werden enkel een paar kruimelaars – allemaal buiten de top-150 van de wereld – geschorst. Vijf spelers en één official zijn voor het leven verbannen uit de sport. „Dat is weinig”, zegt Ben Van Rompuy, onderzoeker aan het Haagse Asser Instituut.

De pijlen richten zich op de onmacht bij de Tennis Integrity Unit, die verregaande opsporingsmogelijkheden heeft. Er is een samenwerkingsovereenkomst met de Europese politiedienst Europol. En bij zaken wordt samen opgetrokken met politie en justitie in het betreffende land. Telefoons, bankgegevens en computerdata kunnen onderzocht worden. De vier internationale tennisfederaties investeerden sinds de oprichting in 2008 voor 14 miljoen dollar in de Tennis Integrity Unit – bijna 13 miljoen euro.

In het oog van de storm

Een zucht klinkt door de telefoon vanuit Florida. De Nederlandse Micky Lawler zit op het hoofdkantoor van de WTA in Saint Petersburg. „We hebben ons rot gewerkt deze week”, zegt de president van de vrouwentennisorganisatie, enkele dagen na het nieuws over mogelijke matchfixing in de top. „Dit is vervelend, vooral de timing, het is jammer dat dit de Australian Open overschaduwt.”

De in Eindhoven geboren Lawler (54) begeeft zich in het oog van de storm. De Tennis Integrity Unit valt mede onder de WTA. In die hoedanigheid heeft Lawler inzicht in de werkwijze van de integriteitseenheid. Ze verwerpt iedere suggestie dat topspelers bewust niet worden vervolgd. „Daar ben ik honderd procent zeker van. Die mensen werken heel hard. Ik ben zelf jarenlang in vergaderingen geweest waar dit onderwerp heel serieus werd genomen. Ik kan je verzekeren dat integriteit bij alle betrokkenen een van de belangrijkste zaken is. Zonder integriteit heb je geen sport.”

Ze dreunt de cijfers op: 21.000 profspelers, 2.100 officials die op de tour werken, jaarlijks 1.500 toernooien verdeeld over 80 landen. Alles controleren is bijna onmogelijk. Lawler: „Zoals in elke sector heb je mensen zonder moreel kompas.”

Parallel met de sterke groei van het online gokken, grofweg vanaf 2005, werd tennis kwetsbaar voor wedstrijdmanipulatie. Spelers laag op de ranking – zonder veel inkomsten – werden een aantrekkelijk doelwit voor goksyndicaten, voornamelijk uit Rusland en Italië. Lawler: „Dat het gebeurt in bepaalde landen, of dat spelers die hard vechten om hun leven te bekostigen het doen, ja ik kan het mij voorstellen. Natuurlijk gebeurt het. Maar de bestrijding heeft een hele hoge prioriteit.”

Vijf onderzoekers heeft de Tennis Integrity Unit nu, veel te weinig klinkt het. Lawler verwacht dat het team uitgebreid wordt. Twee of drie erbij? „Dat zou mij niet verbazen. Omdat dit momenteel in de spotlights is, zal het prioriteit nummer één zijn om daar onmiddellijk achteraan te gaan en het te verbeteren.”

Zaken hard krijgen zal een probleem blijven. De Zuid-Amerikaanse ex-prof zei tegen de BBC dat spelers alleen contant uitbetaald worden door de goksyndicaten. Ze worden op de tennisparken veelal mondeling benaderd door tussenpersonen. Bank- en telefoongegevens bieden dan geen uitkomst. „Als de Tennis Integrity Unit wil, kan ze heel diep graven”, zegt onderzoeker Van Rompuy. „Maar als een speler slim genoeg is geen sporen achter te laten, wordt het lastig.”

Een getuigenverklaring, ook anoniem, kan al genoeg zijn om een zaak rond te krijgen, zegt hij. Maar de omerta regeert onder spelers. Oud-prof John van Lottum (39) hield zijn mond na een verdacht voorval. Hij werd een dag voor een kwalificatiewedstrijd voor het graveltoernooi in Rome een keer apart genomen door zijn komende tegenstander. ‘Morgen spelen we tegen elkaar: jij stapt morgen als winnaar van de baan. Blijf vooral op de baan staan’, zei de betreffende speler volgens Van Lottum. Hij ging niet naar de organisatie om er melding van te doen, de Tennis Integrity Unit bestond in die jaren nog niet. „Ik kende die jongen. Ik had er geen extra vragen bij. Ik was allang blij dat ik door was naar de volgende ronde.”

Van Lottum vraagt zich nu af: wat had hij precies moeten aangeven? „Dan vertel ik mijn verhaal. Dan zegt die jongen: dat is helemaal niet waar, dat klopt niet. Ik heb zelf ook wel eens een wedstrijd verloren omdat ik me beter wilde voorbereiden op een volgend toernooi, of toch een trainingsperiode in wilde gaan. Dat is op één hand te tellen. Maar ik denk dat elke speler wel eens het gevoel heeft gehad: oh oké ik kan dit toernooi nu beter laten lopen want ik moet scherp zijn voor volgende week.”

De naam van de speler van het bewuste duel? Van Lottum zwijgt. Uit zijn wedstrijdgeschiedenis blijkt dat twee duels in Rome in aanmerking komen. In 1998, tegen de Roemeen Razvan Sabau. En in 2000, ook tegen een Roemeen, Adrian Voinea. Beiden zijn gestopt. Van Lottum: „Als je mijn generatie een lijstje met namen vraagt, komen we allemaal ongeveer op dezelfde spelers uit. Maar harde bewijzen heb je niet.” Daarmee raakt hij precies de kern van het probleem van de huidige discussie in het tennis: het vermengen van feiten, halve waarheden en speculaties.