‘Gedoe en verwarring horen bij het leven’

De Britse socioloog en econoom waarschuwt: achter het streven naar werknemersgeluk zit vaak een economische agenda.

Foto Getty Images

Welke bezwaren kun je hebben tegen gelukkige werknemers? Socioloog en politiek econoom Will Davies heeft er een lijstje van. Verplicht geluk, werkgevers die zich bemoeien met je gemoedstoestand, ongelijkheid door uitsluiting van de ongelukkige – geluk is immers ‘iets waar je aan kunt werken’ – werknemers, die worden gereduceerd tot een hoeveelheid data en het compleet uit handen geven van je zelfbeschikking. Ben je ontevreden of ongelukkig op je werk, dan moet je maar aan jezelf gaan werken in plaats van te proberen iets aan je werk te veranderen.

Will Davies, verbonden aan Goldsmiths College in Londen, komt tot die bevindingen na bestudering van het denken over geluk in de recente eeuwen. Hij concludeert dat voorheen de psychologen geluk bestudeerden en dat het nu door economen wordt gedaan.

Davies schrijft over de geluksindustrie, zoals Joris Luyendijk over de bankensector schrijft. Hij wil mechanismen blootleggen, mensen aansporen kritisch te zijn en de consequenties van bepaalde keuzes doordenken.

Volgens Davies is er geen ruimte meer voor een eigen definitie van geluk. Het moet meetbaar zijn, door apps als Happify, of apparaten als de Fitbit-armbanden die slaappatronen, hartslag en beweging meten. Hij vreest bovendien dat dit meten van geluk steeds minder vrijwillig zal worden. Ongeluk kost de markt namelijk geld: onderzoeksbureau Gallup becijferde dat ontevreden werknemers de Verenigde Staten 550 miljard dollar per jaar kosten.

Er is bedrijven dus nogal wat aan gelegen om werknemers gelukkig te houden. En dat is steeds vaker terug te zien in het personeelsbeleid. Neem de 2.400 werknemers van Accenture Nederland, die een speciaal programma kunnen volgen waarin ze leren hun energie in balans te houden en verstandig om te gaan met voeding, slaap, bewegen en stress. De Amerikaanse ondernemer Tony Hsieh, oprichter van online schoenenverkoper Zappos en schrijver van het boek Delivering Happiness, gaat nog een stapje verder: in zijn bedrijf mogen mensen die alleen maar voor het geld werken, direct vertrekken.

Klinkt mooi, maar juist dit is wat Davies steekt: werk en privé mogen blijkbaar niet meer gescheiden zijn. Je kunt natuurlijk de ellende op je werk proberen weg te mediteren. Maar is het niet vreemd, dat je de oplossing van een probleem dat buiten jezelf ligt, binnen jezelf gaat oplossen? Ben je zo niet erg onderdanig? De ongelukkige krijgt straks de schuld van het ongelukkig zijn. En dat betekent voor Davies het compleet verdwijnen van het recht op zelfbeschikking.

In The Happiness Industry verbindt Davies dit met de opkomst van het neoliberalisme, het ontstaan van het psychiatrisch handboek DSM, de vorderingen in de hersenwetenschap, de algoritmes in sociale media en het gebruik van data voor commerciële doeleinden. Telefonisch legt hij uit waar hij precies bang voor is.

U bent toch niet tegen gelukkige werknemers?

„Mensen gaan ervan uit dat ik tegen geluk ben, omdat ik bekritiseer hoe geluk wordt benaderd door managers. Mijn zorg is dat we met het meten van geluk enkel nog naar de symptomen kijken en niet naar de context, waarin iemand ongelukkig geworden is. De personen die iedereen gelukkig willen krijgen, willen wel mensen veranderen, maar zelden instituten.”

En soms is kritiek nodig om een bedrijf te veranderen.

„Precies. Je krijgt alleen een goed advies na een dialoog. Zodra je het gevoel van je werknemers als uitgangspunt neemt, negeer je de kennis en ervaring van je personeel en zul je nooit het voordeel van hun plannen of oplossingen krijgen.”

Zo erg is het toch nog niet op het werk?

„Er wordt gemediteerd, er is mindfulness, ik hoorde van iemand dat ze met hun baas moeten dansen op het nummer ‘Happy’ van Pharell. Bijstandsontvangers hier in Engeland moeten mantra’s opzeggen om positiever te denken, dat zijn gewoon pesterijen? Ik merk het zelf op de universiteit. Studenten hebben soms problemen. Toen ik nog studeerde, kwam je in een slechte periode twee weken je bed niet uit. Nu mogen ze niet eens meer twijfelen, want anders loopt hun studieschuld op. Dat levert uiteindelijk weer angsten en depressies op.”

En daar komt dan het psychiatrisch handboek DSM aan te pas.

„Volgens de laatste versie van DSM mag je twee weken rouwen na het overlijden van een geliefde, daarna geldt het als een depressie. Toch kan iedere specialist je vertellen, dat het een proces is waar je doorheen moet, je komt er uiteindelijk als een ander persoon uit. Zolang je je maar openstelt voor die rouw. Doe je dat niet, dan keer je verder in jezelf en lever je wederom wat zelfbeschikking in.”

Je hoeft je toch niks aan te trekken van die geluksindustrie?

„Nee, het is vaak een keuze. Ik besloot in Londen te gaan wonen en dan moet je mee met het tempo en ook de competitie die hier heerst. Het gelukkig zijn met een baan, hoort daarbij. Toch maak ik me zorgen om mijn kinderen. Kunnen zij normaal opgroeien en mogen ze straks wel zelf bepalen wie ze gaan worden?”

‘Wij zijn ons brein’, is de titel van een van de populairste Nederlandse non-fictieboeken. U bent niet blij met die nadruk op hersenonderzoek. Waarom niet?

„Het is bijzonder hoe het beeld van ons sociale leven is gedraaid. Neurowetenschap wordt gebruikt om uit te leggen waarom we dingen doen. Maar het legt heel weinig uit, tenzij je een handicap hebt door een hersenbeschadiging. Het wordt gepresenteerd alsof mensen geïsoleerde wezens zijn, die gevoed door sociale en economische ervaringen op ofwel een aangeleerde, of een natuurlijke manier reageren. Als al ons gedrag wordt bepaald door een lichaamsdeel, kun je de sociale of politieke oorzaak negeren. Dus hangt nu alles af van hoe mensen worden gevormd als kind, en daarna kan er niks voor ze worden gedaan. Dat is een typisch neoliberale benadering.”

We zijn de laatste jaren toch veel wijzer geworden door hersenonderzoek?

„De wetenschappers die hersenonderzoek doen, weten wel wat de beperkingen zijn. Het probleem zit verderop, bij de mensen die met het onderzoek aan de haal gaan om er een leuke TEDtalk van te maken, of er geld mee te verdienen. Natuurlijk zitten er brokken van wijsheid in die positieve psychologie en gelukswetenschap. Daarom werkt het zo goed. Als het allemaal onzin was, stelde het veel minder voor.”

Wat heeft het verzamelen van data hiermee te maken? Bent u bang dat de baas ons zal verplichten dat we continu onze gezondheid en stemming meten met armbanden en apps?

„In onze drang een beter persoon te worden komen allemaal fundamentele en existentiële vragen op ons af. Is het dan niet heel oppervlakkig om te denken dat je die kunt negeren en wel een beter mens wordt door met een Apple Watch allerlei informatie over je lichaam, je stemming en je slaap te verzamelen?”

Hoe moeten we ons volgens u wapenen tegen de geluksindustrie?

„Ik snap de menselijke behoefte aan simpele antwoorden op ingewikkelde ethische en politieke vraagstukken, maar besef dat er volop wordt gemanipuleerd. Het is heel sympathiek als je werkgever wil dat je gelukkig bent, zolang er maar geen enkele verplichting aan vast zit. Gedoe en verwarring horen bij ieder leven, dat wordt nooit opgelost door de wetenschap of een goeroe. Daar moet je ook vooral niet van wakker liggen. Vergeet nooit dat het jagen op geluk ook een economische achtergrond heeft.”