Feiten en cijfers helpen niet, de gemeente moet wel duiden

Hoe vertel je als gemeente over de komst van vluchtelingen aan de bewoners? In elk geval géén plenaire hoorzitting.

Wanneer maak je als gemeente bekend dat er asielzoekers worden opgevangen? Een dilemma voor de 250 gemeentelijke communicatiemedewerkers die vrijdagmiddag in het congrescentrum Antropia te Driebergen bijeen waren om ervaringen uit te wisselen.

Communicatietrainer Gerald Morssinkhof vindt dat de informatie niet te snel moet gaan. Niet meteen na het eerste nieuws al een informatieavond organiseren. De mensen worden dan overspoeld. Kiekeboecommunicatie noemt hij dat. „Dat leidt tot onvrede”, zegt hij aan het publiek. „Je moet kijken waar de mensen behoefte aan hebben. Een aantal weet niet eens wat een azc is.”

Een ander dilemma: aan wie ga je de komst van een asielzoekerscentrum het eerst vertellen, aan de pers of aan de mensen in de buurt? „Liefst tegelijkertijd”, zegt Harmieke Paters van de gemeente Oldebroek. Dat vergt timing. Als de buurtbewoners het eerder weten, tweeten sommigen het meteen door. Dan gaat de pers daar heen, in plaats van naar het gemeentehuis. Maar tegenstanders kunnen al aanstoot nemen aan een envelop die een half uur later dan het medianieuws op de mat ploft.

Op de sociale media weten de meesten al wat ze van de vluchtelingen moeten vinden. „Er zijn heel weinig vragen”, zegt John Rozema, terwijl hij op dia’s staatjes van het sociale mediaverkeer in verscheidene gemeenten toont. Hij ziet een overwegend negatief sentiment. „Maar de voor- en tegenstanders hebben wel begrip voor elkaar”, zegt hij. „Geweld wordt afgekeurd. Dat is een basis voor het stimuleren van dialoog”. Rozema werkt voor HowAboutYou, een bedrijf dat de sociale media organiseert voor overheden en de stemming in de stad van uur tot uur kan volgen, vooral via Facebook. „Kijk, in Heesch zijn de mensen zich aan het organiseren”, ziet hij op de dia. Ook de overheid kan tweeten of boodschappen verspreiden via Facebook of de site.

Belangrijke les uit de sessie is dat gemeenten bij de komst van vluchtelingen moeten overgaan op crisiscommunicatie. En, zo vat medeorganisator Gonda Duivenvoorden de middag samen: feiten en cijfers helpen niet, duiding wel.

Het gaat ook vaak goed met de opvang van asielzoekers. De gemeente Beijerland had de luxe van te veel vrijwilligers voor hulp bij de tijdelijke opvang in de tennishal. Eerst ging de burgemeester Klaas Tigelaar naar het huis dat daar vlakbij stond. Het minst geslaagd was de plenaire hoorzitting. „Dat zou ik nu niet meer doen”, zegt Tigelaar. „De spanning in de zaal nam merkbaar toe.”

Desgevraagd gelooft bijna niemand nog in plenaire hoorzittingen. Liever buurtbezoek of een inloopmarkt met standjes van de gemeente en andere instellingen voor vluchtelingen. Daar kunnen mensen persoonlijk hun hart luchten en vragen stellen.

De stemming kan zomaar omslaan in een zaal en mensen kunnen elkaar ermee besmetten. „Mensen kijken niet naar de toekomst maar naast zich”, zegt Morssinkhof: „Mensen zoeken bevestiging. We hebben te veel vertrouwen in de cognitieve kant van de mens.”

    • Maarten Huygen