Carlsens aura

In het gebouw van NEMO, het wetenschapsmuseum in Amsterdam waar donderdag de vijfde ronde van het Tata-toernooi werd gespeeld, liep Magnus Carlsen haastig langs het tafeltje waar ik met een schaakvriend koffie dronk.

„Die loopt hier gewoon rond”, zei mijn vriend blij verrast. „Ik had hem kunnen aanraken.” Hij kreeg nog een tweede kans toen Carlsen van de wc terugliep naar de speelzaal, maar voor aanraken was mijn vriend te beschaafd. Dat het gekund had was mooi genoeg.

Wat moet het fijn zijn om beroemd te zijn, zoals Carlsen, en alleen al door je aanwezigheid iedereen gelukkig te maken.

Ik moest denken aan Ludwig Erhard (1897-1977), die als bondskanselier van Duitsland bij een staatsbanket eens aan zijn tafeldame vertelde dat hij als legerofficier in de Tweede Wereldoorlog tijdens een bombardement in een openbare schuilkelder was geweest en zich toen zo had geërgerd aan het angstige gejammer daar, dat hij grote moeite had gehad om niet te roepen: „Weest niet bang, Ludwig Erhard is onder u!”

De aura van onkwetsbaarheid die Erhard voelde toen hij nog niet eens beroemd was, moet voor iemand als Carlsen de natuurlijke toestand zijn.

Het was een mooie dag bij NEMO en dat kwam vooral door de laatste fase van de partij tussen Loek van Wely en Carlsen.

Op de 23ste zet offerde Carlsen een stuk. Als je alleen naar het bord keek was het misschien net verantwoord en goed genoeg voor remise, maar wie ook naar de klok keek zag dat Van Wely bijna geen bedenktijd had in een plotseling verscherpte stelling.

Van Wely speelde snel, hij moest wel. Carlsen speelde ook snel, om Van Wely op te jagen. Onderweg stond Van Wely eventjes glad gewonnen, maar ze zagen het allebei niet. Aan het eind gebeurde wat bijna onvermijdelijk was. In een al zeer bedenkelijke stelling trapte Van Wely in een valstrik en hij was er geweest. Het was geen juweel, die partij, maar het was wel verschrikkelijk spannend om er bij te zijn.

Fabiano Caruana-Pavel Eljanov, Tata Steel, Wijk aan Zee 2016

1. Pf3 d5 2. c4 e6 3. d4 Pf6 4. Pc3 dxc4 5. e4 Lb4 Caruana had niet verwacht dat Eljanov dit zou spelen. Hij reageert met een gambiet dat hij lang geleden bestudeerd had. 6. Lxc4 Pxe4 7. 0-0 Pf6 8. Lg5 0-0 9. De2 h6 10. Lh4 Le7 11. Tad1 Pbd7 12. Pe5 Pb6 13. Ld3 Pfd5 14. Lg3 Ld7 15. Pe4 La4 16. Tc1 Pd7 17. b3 Pxe5 18. dxe5 Lc6 19. Tfd1 Heeft wit genoeg spel voor de geofferde pion? Niet helemaal, vond Caruana achteraf. Maar de verdediging is niet makkelijk voor zwart. 19...a5 20. a4 De8 21. h4 Td8 22. h5 Pb4 23. Lb1 Kh8 In combinatie met de volgende zet is dit wel erg angstvallig. Doelbewuster is 23...Txd1 24. Txd1 Dc8 met de bedoeling 25...Td8, maar zwart moet dan wel nauwkeurig uitrekenen dat het stukoffer 25. Pf6+ wit niet meer dan eeuwig schaak oplevert. 24. Lf4 Tg8 25. Ld2 Td5 26. Lxb4 Nu zwarts paard verwijderd is kan wit met zetten als Dc2 of Dd3 gevaarlijke dreigingen scheppen. 26...axb4 27. Txd5 exd5 Onaangename noodzaak voor zwart, het nemen met de pion in plaats van met de loper. 28. Pg3 Lg5 29. Te1 g6 30. Dg4 De7 31. Dd4 Nu staat wit goed, maar met 31...De6 kon zwart nog vechten.

31...b6 32. e6+ Dit geeft wit een winnende aanval. 32...Lf6 33. Df4 g5 34. Df5 Tg7 35. Dc2 Een elegante terugtocht. Hij dreigt zowel 36. Dxc6 als 36. Pf5. 35...Dc5 36. Dxc5 Nog sneller won 36. exf7 Txf7 37. Dg6. 36...bxc5 37. Pf5 Tg8 Hardnekkiger, maar ook niet goed genoeg was 37...c4. 38. exf7 Zwart gaf op.