Waarom de kloof tussen Nederlandse en Europese topclubs steeds groter wordt

Foto ANP

Er staat niet één Nederlandse voetbalclub in de top-30 rijkste clubs in Europa, blijkt uit nieuw marktonderzoek van Deloitte. De kloof tussen Nederlandse topclubs en buitenlandse topclubs wordt alsmaar groter.

Drie ontwikkelingen die verklaren waarom Nederlandse voetbalclubs achterblijven:

1. Televisierechten

Inkomsten uit de verkoop van televisierechten is essentieel voor Europese clubs. De 30 rijkste teams in Europa verdienen gezamenlijk rond de 2 miljard euro aan de verkoop van deze rechten. De komende jaren nemen de inkomsten uit de verkoop van televisierechten naar verwachting verder toe.

Ter vergelijking: in Nederland verdiende Ajax het meest aan de verkoop van televisierechten, namelijk bijna 10 miljoen euro. In Europa is Real Madrid met 200 miljoen euro de grootverdiener.

Naast de binnenlandse verkoop van televisierechten is de Champions League een belangrijke inkomstenbron: aan de deelnemers van het Europese toernooi worden opbrengsten uit de verkoop van televisierechten en sponsordeals uitgekeerd. Hoe verder een club komt in het toernooi, hoe meer er verdiend wordt.

2. Stadioninkomsten

Nederlandse stadions zijn niet zoveel kleiner en leger dan in het buitenland, maar toch zijn de inkomsten een stuk lager. Een vol stadion is voor voetbalclubs geen garantie meer voor een volle bankrekening.

Dit geldt voor alle Europese clubs: volgens Deloitte bestaat nog maar eenvijfde van de inkomsten van clubs uit de verkoop van toegangskaarten en supportersartikelen. Naar verwachting zal dit aandeel in de toekomst verder dalen. Om financieel te groeien moeten clubs zich dus vooral richten op commerciële activiteiten en zijn ze afhankelijk van de toebedeelde opbrengsten uit de verkoop van de televisierechten. Het enige probleem voor Nederlandse clubs is dat de markt in ons land juist op deze gebieden klein is vergeleken met grote Europese landen.

Real Madrid verdiende het afgelopen seizoen 114 miljoen euro aan kaartverkoop. Ajax, de club met het grootste aantal seizoenskaarthouders in Nederland, verdiende rond de 35 miljoen euro aan haar kaartverkoop - los én seizoenskaarten.

3. Ongelijkheid houdt zichzelf in stand

Het grote verschil in inkomsten leidt tot ongelijkheid, en niet alleen in Nederland. In andere grote Europese competities is er binnen de competitie een kloof ontstaan tussen de grotere clubs en kleinere clubs.

Jerome Champagne is de Thomas Piketty van de voetbalwereld. De voormalige diplomaat deed vorig jaar een gooi naar het FIFA-presidentschap om zo de ongelijkheid binnen de voetbalwereld aan te pakken. Zijn argument: de prestatie van clubs wordt meer en meer bepaald door de financiële middelen van een club.

De ongelijkheid in Europa is goed zichtbaar in de verdeling van de opbrengsten uit televisierechten. De clubs die het meeste aan televisierechten verdienen komen uit Italië of Spanje. Toch komt meer dan de helft van de teams in de top-30 rijkste voetbalclubs uit Engeland. Hoe kan dat?

Engelse clubs hebben een lucratieve deal gesloten in de verkoop van televisierechten van de Engelse competitie. Dankzij deze deal komt er elk jaar een grote pot met geld beschikbaar, die Engelse teams onderling moeten verdelen. Waar in andere competities de grote clubs vooral aanspraak maken op dit geld, wordt de opbrengst in Engeland eerlijker verdeeld.

Deze verdeling heeft de kleinere Engelse clubs de mogelijkheid gegeven om op te boksen tegen kapitaalkrachtige buitenlandse clubs. Met resultaat: 17 van de 30 clubs met de hoogste omzet zijn Engels.

Werden de rijke clubs van het afgelopen jaar inderdaad kampioen?

Dit zijn de twintig voetbalclubs met de hoogste omzet van het seizoen 2014-15 en hun land van herkomst:

Alle clubs komen dus uit de 5 grootste competities in Europa. Van deze 20 clubs, werden er 5 kampioen, eindigden er 3 op de tweede plaats en werden er 2 teams derde in hun binnenlandse competitie. In totaal zaten 11 van de rijkste teams bij de laatste 16 in de Champions League.