In Davos praten ze liever over vluchtelingen dan over de toekomst

Vijf dagen lang vergaderen belangrijke politici en topmanagers in davos over wereldproblemen. Dag 3: is Europa klaar voor de toekomst?

Een vluchteling en haar kind wachten in Presevo in Servië op een trein naar Kroatië. Foto Marko Djuricag / Reuters

Is de Europese politiek te vaak afgeleid door crises en incidenten om zich klaar te maken voor de nieuwe industriële revolutie?

Die vraag drong zich donderdag in Davos op na een dag vol vluchtelingenproblemen. Een paneldiscussie onder de titel De toekomst van Europa met de Griekse premier Alexis Tsipras, de Duitse minister van Financiën Wolfgang Schäuble en premier Mark Rutte, liep uit op een lange discussie over de vluchtelingencrisis. En de Europese besluiteloosheid. Pas aan het einde kwam even de digitalisering aan bod, en toen nog heel kort het belang van vernieuwing en de gevolgen van technologische verandering.

Nogal een contrast met veel andere sessies en ook met woorden van de Amerikaanse vicepresident Joe Biden, die woensdag een uitgebreide visie op de toekomst van robotisering gaf. Ook in China en Japan staat technologische vernieuwing veel meer in het middelpunt van de politieke aandacht.

Lees ook: Dit keer gaat de technologie ons leven echt drastisch veranderen

Gaat het in Europa niet veel te vaak over branden blussen in plaats van over de belangrijke vragen voor de toekomst?

„De taak van een moderne politicus is om zowel de kortetermijncrises op te lossen, als verder vooruit te kijken”, zegt premier Rutte tegen NRC.

En we komen uit een economische crisis, nu zijn er vluchtelingen, we willen een Brexit voorkomen. Maar tegelijkertijd kun je wel degelijk kijken naar de grote ontwikkelingen en kansen.

 Hij wijst erop dat hij binnenkort naar Silicon Valley gaat om ideeën op te doen. En zegt dat hij als roulerend voorzitter van de Europese Unie het komende half jaar meer wil doen om van Europa één grote markt voor digitale diensten te maken. Maar gaat dat wel snel genoeg?

NRC-redacteur Wouter van Noort twittert vanuit Davos:

Feike Sijbesma, bestuursvoorzitter van chemieconcern DSM, uit zijn twijfels over het tempo„Ik denk niet dat Nederland achterblijft bij Europa, maar ik denk wel dat Europa achterloopt bij de rest van de wereld. Europa moet echt bijschakelen. De leidende digitale technologiebedrijven, Google, Amazon, Netflix, komen bijna allemaal uit Amerika. Wat staat daar in Europa tegenover? Ik zou je er eigenlijk geen kunnen noemen."

En ook bij de technologieën die belangrijk worden – nanotechnologie, biotech, robots, nieuwe energiebronnen – speelt Europa op commercieel gebied een te kleine rol, zegt Sijbesma. „Dat is zorgwekkend. Europa moet echt uitkijken, en de politiek heeft daar ook een verantwoordelijkheid in. Energiepolitiek in Europa is een drama, de arbeidsmarkt moet flexibeler. Inzetten op innovatie en de toekomst gebeurt hier te weinig. Japan doet dat, Amerika doet dat, China doet dat. Europa te weinig.”

Rutte kan zich daar op zich in vinden. „Ik ben het ermee eens dat het in Europa beter moet, maar in Nederland gaat het juist goed op dit gebied. Het is een spannende tijd: het internet of things, allerlei nieuwe technologieën die samenkomen. Dat gaat enorme impact hebben op hoe wij als overheid met dingen moeten omgaan. De snelheid van regulering, de snelheid van aanpassen. Je kunt niet meer jarenlang nadenken over hoe wetten en regels eruit moeten zien in bepaalde sectoren.

Maar misschien is deze reflex van Rutte – reguleren – wel precies wat er fout gaat. Dat werd in de paneldiscussie gesuggereerd door Emma Marcegaglia, topvrouw van de Italiaanse energiereus ENI: „Je ziet in Amerika de reflex: laten we vernieuwen. In China denken ze dan: laten we het kopiëren. In Europa is het antwoord: laten we het reguleren.”

Marcegaglia kreeg instemmend gelach van het publiek.