Geen stranden in Rio voorlopig, maar eerst het Groenhovenbad

Nederland leek hard op weg naar Europees goud en naar Rio, maar van alle bravoure was in de finale weinig over.

De Nederlandse waterpolosters balen na de finale EK Waterpolo tegen Hongarije. Wim Hollemans / ANP

Minuten na de wedstrijd stond Arno Havenga nog met de handen voor zijn ogen. Zijn speelsters keken apathisch naar de grond in de kille Kombank Arena van Belgrado. Rio de Janeiro was ineens heel ver weg. De Nederlandse ploeg, torenhoog favoriet voor de Europese titel, kreeg in de finale een harde les in effectiviteit van een stugge, fysiek sterke Hongaarse vechtmachine: 9-7.

Geen stranden in Rio dus, voorlopig, maar eerst het Groenhovenbad aan het Tobbepad in Gouda, waar Nederland in maart het olympisch kwalificatietoernooi moet spelen.

De onverwachte nederlaag in de EK-finale kwam aan als een mokerslag in het Nederlandse kamp. „Dit heb ik niet zien aankomen”, stamelde bondscoach Havenga kort na de wedstrijd geëmotioneerd. „De teleurstelling is ongekend. Dat zilver interesseert ons helemaal geen reet. We laten hier gewoon goud liggen. En een ticket naar Rio. Dit komt heel hard aan. Ik weet het even niet meer.”

De consequentie van de kostbare nederlaag, die overigens niet onverdiend was, is dat de ploeg tussen 21 en 28 maart in Gouda alsnog een startbewijs voor Rio moet zien te bemachtigen. Daarvoor zal Nederland opnieuw de strijd moeten aangaan met lastige tegenstanders als Italië, Spanje, Griekenland en de Verenigde Staten.

Grappen over aartsrivaal Italië

Twee weken lang liepen de Nederlandse vrouwen door Belgrado als de ploeg die Europees kampioen ging worden. Ook Hongarije was in de groepsfase met duidelijke cijfers verslagen (14-10). „Die andere teams moeten in hun broek schijten voor ons”, sprak topschutter Lieke Klaassen voor de finale nog vol bravoure. Ze maakte grappen over tegenstanders, met name aartsrivaal Italië dat onverwacht werd uitgeschakeld in de halve finale, ook door Hongarije. Klaassen zou tijdens het kwalificatietoernooi, als Nederland al lang was geplaatst voor Rio, wel als vrijwilligster de Italiaanse ploeg willen rondrijden door Gouda.

Maar toen de hoofdprijs voor het grijpen lag, in de finale tegen Hongarije, was van al die bravoure weinig meer over. Klaassen scoorde niet en haalde zelfs niet het einde van de finale: al in de derde periode moest de Overijsselse het bad verlaten met drie persoonlijke fouten.

Ze was niet de enige die niet thuis gaf in de finale, zag Havenga tot zijn schrik. „Ik denk echt dat wij beter zijn, maar vandaag speelden wij niet beter. Hongarije speelt heel fysiek, dat wisten we. We zijn er niet slim mee omgegaan, we hebben te weinig bewogen. De overtuiging ontbrak, de daadkracht, de schotkracht die we eerder wel hadden. Hoe dat komt weet ik niet.”

Voor Havenga, die de ploeg ruim twee jaar geleden overnam van de Italiaanse strateeg Mauro Maugeri, was het al de derde finale op rij die verloren ging. Maar het verlies in Belgrado komt verreweg het hardste aan. In 2014 was Spanje te sterk in de EK-finale, maar toen overheerste trots bij een jonge Nederlandse ploeg in opbouw. Dat gold afgelopen zomer ook voor het zilver in de WK-finale in Kazan, tegen de Verenigde Staten. De ontgoocheling op de gezichten, de tranen bij de Nederlandse speelsters op het podium, het sprak boekdelen over hun nieuwe status in het internationale veld.

Volgens Havenga, die na de wedstrijd een geslagen indruk maakte, is er geen man overboord en de kans dat Nederland zich straks in Gouda alsnog voor de Spelen plaatst lijkt groot. Maar zijn speelsters zullen zich nog wel eens achter de oren krabben na hun derde verloren eindstrijd.

Hoe goed Nederland bij tijd en wijle ook speelde op het EK in Belgrado, de netto opbrengst is uiteindelijk nihil, beseften Havenga en de speelsters. Vooral zorgwekkend is dat het er in de finale geen moment naar uitzag dat Nederland de Hongaarse vrouwen pijn zouden doen. Het spel oogde slordig en chaotisch, er werd gehaast en onzuiver geschoten, en net als in de halve finale tegen Spanje waren topspeelsters als Maud Megens, Nomi Stomphorst en Klaassen gedwongen met de handrem te spelen wegens hun snel oplopende foutenlast. Ook Megens haalde het einde van de wedstrijd niet. Halverwege leidde Nederland nog (5-4), maar in de derde periode liet Hongarije, waterpololand bij uitstek, zien dat het sinds de groepsfase een enorme groei doormaakte.

Aan Arno Havenga en zijn staf de taak om de geslagen ploeg weer op de rails te krijgen. Voor eigen publiek in Gouda zal de motivatie om Rio alsnog te bereiken enorm zijn. Maar eerst zullen de speelsters het spook van Belgrado moeten zien te verjagen.