Sterven aan kanker gebeurt in Nederland thuis

Een internationale vergelijking laat zien hoe mensen aan kanker sterven. Nederlanders stoppen eerder met chemotherapie.

In Nederland en de Verneigde Staten overlijdt krap 30 procent van de mensen die aan kanker overlijden in een ziekenhuis. In België en Canada is dat percentage een stuk hoger, net boven de 50 procent. Engeland, Duitsland en Noorwegen liggen er tussenin, met percentages rond de 40.

De medische behandeling als de dood nadert verschilt vaak sterk per land. Patiënten en hun familieleden hebben belangstelling voor die verschillen, want de zorg over de grens lijkt vaak beter. Of humaner. En regeringen, politici, verzekeraars en beleidsmakers kijken naar het verschil in kosten. Het laatste levensjaar is vaak nogal duur en het geld wordt vaak niet besteed aan goede, leedverzachtende palliatieve zorg, maar aan te dure ziekenhuisopnames, operaties en medicijnen. Onderzoek laat keer op keer zien dat mensen liever thuis sterven. Maar de laatste medische ingrepen leveren meestal niet op waar patiënt, familie en misschien ook wel de arts op hadden gehoopt. Maar ja, wanneer valt een behandeling in het laatste levensjaar?

In de JAMA die dinsdag verscheen laten onderzoekers van het International Consortium for End-of-Life Research dat die inschatting in Nederland waarschijnlijk beter wordt gemaakt dan in de VS.

In het laatste halfjaar van hun leven probeerde 18 procent van de Nederlandse kankerpatiënten de ziekte te onderdrukken met chemotherapie. Dat is verreweg het laagste percentage van de zeven landen. Noorwegen (23,7 procent) volgt. In de Verenigde Staten probeert 38,7 procent van de kankerpatiënten een half jaar voor de dood het einde nog uit te stellen met chemotherapie. Het is een groot verschil, dat laat zien hoe chemotherapie op het laatste moment – met vrij zeker minimaal effect – in Nederland geen gewoonte is.

In de laatste levensmaand is het percentage patiënten dat chemotherapie krijgt veel internationaal veel meer gelijk: ongeveer 10 procent.

In 2010 overleden in Nederland 136.058 mensen, 42.359 aan kanker. In de statistiek heten die kwaadaardige nieuwvormingen. Er waren in dat jaar ruim 3.000 meer kankerdoden dan mensen die aan hart- en vaatziekten overleden. Voor dit onderzoek zijn de gegevens van 7.216 aan kanker overleden 65-plussers uit het gegevensbestand van verzekeraar Achmea gebruikt.

De sterfte in het ziekenhuis mag in de Nederland en de Verenigde Staten ongeveer gelijk zijn, in Nederland liggen kankerpatiënten in hun laatste halfjaar gemiddeld 17 dagen in het ziekenhuis. In de VS zijn het er maar 10. Maar daarvan brengen de patiënten er wel bijna 4 door op een intensive care. In Nederland is dat gemiddeld nog geen dag. Een dag op de intensive care is duur. Dat blijkt: in de VS zijn de ziekenhuiskosten voor een kankerpatiënt in het laatste halfjaar gemiddeld 18.500 dollar. In Nederland is het 10.936 dollar.

Het onderzoek verschijnt in een JAMA-aflevering met meer aandacht voor medisch handelen rond de dood. De hoofdredactie van de JAMA schrijft in een commentaar dat de meeste artsen wel pijnlijke verhalen kennen over het sterven van een van hun eigen familieleden. Zij kennen het zorgsysteem beter dan de meeste patiënten en kunnen hun kennis gebruiken, maar doen in de praktijk te weinig om er iets aan te veranderen.