Fuck de spelling!

ILLUSTRATIE OLIVIA ETTEMA

De bewoners van Heesch, een dorp in Noord-Brabant, zijn niet blij met de komst van een azc. Het bleef niet bij het gooien met eieren en het scanderen van leuzen als „Azc Nee!” en „Azc weg ermee!” Een dood varken werd aan een ketting om zijn nek in een boom gehangen op de plek waar het asielzoekerscentrum zou moeten komen. Een ander varkenskadaver belandde op het dak van een nabijgelegen transformatorhuisje.

De plaatselijke fractievoorzitter van de VVD begon zijn commentaar lachend met de mededeling dat de Heesche carnavalsprins Prins Porcus heet („dus wat dat betreft past het”); om vervolgens te benadrukken dat op deze manier protesteren „absoluut ongepast” is.

Waarom hingen boze bewoners dode varkens op? Ooit sprak ik een jongen die een varkenskop naar de ingang van een moskee had gegooid. Toen ik hem vroeg waarom, antwoordde hij: „Omdat moslims varkens onreine dieren vinden. Varkens zijn niet halal.”

Weliswaar kan het hart van een varken in een mens worden getransplanteerd, zoveel komen we overeen, maar het varken heeft van oudsher een beroerd imago. Wij noemen een luiaard een lui varken. Een dikzak een vet varken. Van iemand die hard schreeuwt kun je zeggen dat hij of zij schreeuwt als een mager varken. Of gilt als een speenvarken. Van iemand die zich liederlijk of onhebbelijk gedraagt, zeggen we: hij is bij de varkens grootgebracht. De Vlamingen zeggen: hij hangt het varken uit.

Er zijn ook neutrale of positieve uitdrukkingen met varkens (denk aan het feestvarken), maar de meeste zijn negatief.

Dat is een internationaal verschijnsel. Varken is een scheldwoord in het Engels (pig), Frans (cochon), Duits (Schwein), Spaans (marrano, puerco) en vast in nog veel meer talen. Voor ‘verdomme’ en ‘godverdomme’ roepen de Italianen onder meer porca miseria! en porco dio!

Dat negatieve imago van het varken is al heel oud. In het Nederlands komt varken al zeker sinds de 16de eeuw voor als scheldwoord, voor mannen en vrouwen. Een van onze oudste spreekwoordenverzamelingen, uit 1681, vermeldt: „Een varken beteekend ook een mens, die varkensmanieren heeft.” Gedurende de Tachtigjarige Oorlog werden Spanjaarden door Nederlanders uitgemaakt voor varken. Of voor maraan. Marrano betekent in het Spaans niet alleen ‘varken’ en ‘viespeuk’, maar ook ‘tot het christendom bekeerde jood’ en ‘Moslim’. Maraan en marrano werden als scheldwoord gebruikt.

Kortom: varkens hebben van oudsher in diverse Europese talen een slecht imago. Het is onder meer als scheldwoord gebruikt voor mensen van allerlei religies.

Overigens vrees ik dat ik vrij veel feiten heb opgesomd om dit relatief kleine punt te onderbouwen. En dat terwijl de trend in columns lijkt te zijn om een relatief groot punt met zo weinig mogelijk feiten of argumenten te onderbouwen. Omdat het goed is om met je tijd mee te gaan zeg ik, in navolging van het nadrukkelijk als column gepresenteerde opiniestuk ‘Die boekenlijst is misdadig, fuck de canon’ van Christiaan Weijts (NRC 14/1): fuck de Nederlandse grammatica! En fuck de Nederlandse spelling! Al die ouwe, lastige regeltjes bederven het schrijfplezier van de jeugd want ze sluiten niet aan bij hun beleving. Weg ermee, porco dio!