Docenten Nederlands: toets spelling in eindexamen

Een groep docenten Nederlands en vakwetenschappers vindt dat het vak Nederlands op de middelbare scholen toe is aan een grondige herziening.

Schriften van schrijver Joost Zwagerman in het Letterkundig Museum in Den Haag. Het archief, van bijna 10 strekkende meter, bestaat uit onder meer vele persoonlijke foto's, boeken met opdrachten, dagboeknotities en handgeschreven versies van romans als 'Gimmick!' en 'Vals licht'. Foto Martijn Beekman / ANP

In het eindexamen van het vak Nederlands moeten spellen en schrijven ook worden getoetst, in plaats van alleen de leesvaardigheid. Dat vinden docenten Nederlands en vakwetenschappers van acht universiteiten. Het is een onderwerp waar al jaren over wordt gesproken, maar nu verenigen docenten en wetenschappers zich. Vrijdag presenteren zij in Groningen een manifest met stellingen voor verbeteringen.

Peter-Arno Coppen, een van de ondertekenaars van het document, zegt:

“Het eindexamen toetst leesvaardigheid en dan mag je geen spelfouten aanstrepen. Staatssecretaris Dekker heeft onlangs gezegd dat er puntenaftrek voor spel- en formuleringsfouten in het examen moet komen, maar dan moet dat ook daadwerkelijk worden doorgevoerd.”

Om spelling en schrijfvaardigheid te kunnen toetsen, moeten de eindtermen worden aangepast door de overheid. Coppen:

“Bewuste taalvaardigheid en geletterdheid is ons belangrijkste punt. Bij het vak Nederlands leer je niet alleen lezen en schrijven, maar ook hoe de Nederlandse taal en literatuur in elkaar zit. Leerlingen moeten natuurlijk leren hoe ze fouten kunnen vermijden, maar het is belangrijker om ook inzicht te hebben in hoe de taal werkt.”

Coppen noemt een voorbeeld uit het spellingonderwijs: ’t Kofschip. De meeste leerlingen kunnen deze vuistregel voor het vervoegen van werkwoorden toepassen, maar kennen de achtergrond van die regel niet. Die is gebaseerd op klank: eindigt het woord op een klank waarvoor je de stembanden gebruikt, dan is het voltooid deelwoord met een ‘d’ , na een klank waarvoor je de stembanden niet gebruikt, volgt vervoeging met een ‘t’. Coppen:

“Aan zulke kennis heb je meer dan alleen het kunnen toepassen van de ezelsbrug.”

‘Het vak is al 25 jaar niet veranderd’

De vijf schrijvers van het manifest, verbonden aan verschillende Nederlandse universiteiten, zeggen dat het vak Nederlands in de afgelopen vijfentwintig jaar nauwelijks is veranderd. De universiteiten hebben zogeheten Meesterschapsteams Nederlands gevormd om het vak een nieuwe impuls te geven. Volgens de deskundigen is het vak niet meer van deze tijd.

In de praktijk merken docenten Nederlands dat de schrijfvaardigheid van scholieren vaak onder de maat is. Universiteiten en hogescholen bieden nu bijspijkercursussen aan eerstejaarsstudenten aan. Van de vijftienjarigen is één op de zeven functioneel analfabeet, wat betekent dat ze te taalzwak zijn om zich te kunnen redden in de maatschappij. Hieronder bevinden zich zeer veel vmbo-leerlingen. Iemand die functioneel analfabeet is kan bijvoorbeeld niet zelf een treinkaartje kopen bij de automaat.

Hoeveel docenten staan er achter dit manifest?

De Meesterschapsteams hebben de mening gevraagd van honderden docenten, wetenschappers en experts over hoe het vak Nederlands vernieuwd kan worden. Het hoofddoel is volgens deze groep dat leerlingen kennis en inzicht krijgen in taal, communicatie, literatuur en cultuur.