Column

Bescherm de kust, geef haar niet weg aan kermisbazen

Blijf met je commerciële graaiklauwen af van onze kust, betoogt Christiaan Weijts.

In de lage landen lijden alle kuststeden aan dezelfde kwaal: ze willen iemand anders zijn. Zandvoort en Noordwijk verkleden zich als Miami of San Francisco, met hun casino’s en hun gokhallen uit de eighties. Het strand van Oostende heeft een betonnen zuilengang die ze ‘Venetiaanse gaanderijen’ noemen. En Scheveningen kreeg deze week groen licht voor een gigantisch reuzenrad. Parijs aan de Noordzee. Tikje bescheiden nog: waarom niet meteen een Statue of Liberty optakelen bij de Pier?

Het zijn de stedenbouwkundige equivalenten van de gipsbeelden, plastic kapitelen en plakkaatverfschilderingen waar je in pizzeria’s niet omheen kunt. Dat heeft allemaal nog wel iets komisch zolang die prut zich allemaal ophoopt in de toeristische afvoerputjes, maar als die overkolken en de rotzooi aanspoelt aan de rest van onze kust, dan vergaat het lachen je wel.

En dat dreigt te gebeuren nu onze Milieu- en Infrastructuurminister Melanie Schultz het verbod op bouwen aan de kust heeft opgeheven. Nee hoor, we krijgen geen Belgische toestanden, probeerde ze ons bij Nieuwsuur gerust te stellen, want veel duinen en stranden zijn beschermd natuurgebied.

Die nog wel, maar het gaat ook om het landschap achter de duinen. Neem de stad Den Haag. Niet alleen moet Scheveningen voortaan ‘The Hague Beach’ gaan heten, ook zijn er vergevorderde plannen om de Scheveningse Bosjes om te toveren in een ‘International Park’, met biertuinen en ‘foodtrucks’. Wat dat precies zijn? Geen idee, maar dat ze bijwerkingen zullen hebben als braken en slapeloosheid is zeker.

Nu er wat protest klinkt, en de oppositiepartijen in de Tweede Kamer zich tegen haar keren, gaat de minister ‘om de tafel’ met gemeenten, provincies en natuurorganisaties. Maar dat die Scheveningse plannen ook maar iets veranderen lijkt me sterk. Die projecten zijn allang uitgezet en ‘afgekaart’ met projectontwikkelaars, bouwbedrijven en wie er straks allemaal nog meer aan verdienen.

Neem een stuk natuur, geef het aan kermisbazen als het Haagse stadsbestuur, timmer er Engelse naambordjes op, en de winnaars zijn de proleten die hun wansmaak uitzaaien in steden en dorpen, het gajes dat zijn gages omzet in zeiljachten en Maserati’s. Tot ze zat zijn en voldaan.

Hier aan de kust zal dat tuig geen seconde aarzelen om alles te slopen als eenmaal ergens toegestaan is om te bouwen. De Hollandse kust: dat zijn de stranden en de duinen van Mesdag en daar blijf je met je commerciële graaiklauwen vanaf. We zijn een volk dat bereid blijkt om te vechten voor het behoud van Zwarte Piet en tegen de komst van vreemdelingen, maar de dreigende afbraak van ons laatste reepje echt Nederlands landschap is pas echt een reden om in verzet te komen. Of zijn we misschien toch een volk dat vooral van kermis houdt?