Allang geen guerrilla meer

Ooit kregen ze de naam ‘guerrillakunstenaars’. Ongevraagd en meestal ‘s nachts verrijken ze de publieke ruimte. In de naam was hun strijd vervat tegen de gevestigde macht, met zijn verbodsbepalingen en goede smaak.

Maar het woord is niet accuraat meer. Gemeentes en eigenaren van huizenblokken geven hen nu de opdracht hun bezit te beschilderen. Miljonairs kopen voor goed geld uit de muur gebikte schilderingen van kunstenaars als Banksy en Blek Le Ret.

Enkele van de voormalige guerrillakunstenaars gedragen zich inmiddels ook als museaal gevierde, autonome kunstenaars. Zo jagen ze met hun advocaten op schending van hun intellectueel eigendomsrecht. Soms is dat begrijpelijk, als in de zaak van Joseph Tierney, alias ‘Rime’, versus modeontwerper Jeremy Scott en kledinglabel Moschino. Op een gala in New York showde deze Scott een jurk, op het lichaam van popzangeres Katy Perry, met daarop een reproductie van Scandel Eyes, een schildering van Rime op een muur in Detroit. Zonder vermelding. Sterker, de spuitbussen met daarop de naam ‘Moschino’ wekten de indruk dat het modehuis flink aan het spray-painten was geslagen.

Niet dus. Toch hebben Scott en Moschino nog geprobeerd een rechtszaak te voorkomen. Hun argument: een grafisch ontwerper van het modehuis had de ‘schilderingen’ voor Scott uitgekozen. Wist hij zelf niets van.

Fijn. Scott noemt zich de ontwerper van de jurk, maar als 99 procent van het ontwerp van een muur uit Detroit blijkt te komen, zegt hij: ‘wist ik niet!’ Het werpt de vraag op: wat doet een modeontwerper eigenlijk nog zelf? De rechter had er overigens geen boodschap aan. Afgelopen week bepaalde hij dat de zaak in mei voorkomt.

Dan zal inmiddels ook bekend zijn wat er gebeurd is met de klacht die Jamie Hef deze week bij de rechtbank heeft ingediend tegen de Canadese zangeres Kiesza. Hef heeft enkele muren in Williamsburg beschilderd, in opdracht van de eigenaar van een heel woningblok. Hij werd boos toen hij zag dat Kiesza in een soort terug-naar-de-jaren-tachtig-clipje danst op de stoep voor deze muren. Waarom, vraag je je af: het filmpje is razend populair, maar liefst 260 miljoen keer bekeken op YouTube. Maar nee, de impliciete boodschap die het filmpje uitzendt, aldus Hef, is dat de kunstenaar toestemming heeft gegeven en dat hij daarmee steun betuigt aan haar muziek – en dat mag niemand denken. Want al verleent Hefs kunst Kiesza een „urban gritty cool” imago, hij lijdt slechts schade. Hef heeft zijn zinnen nu gezet op bescherming door het Amerikaanse burgerlijke recht. Guerrillero? Right.