De Davos-man is 50, hij is de baas en hij tutoyeert erop los

Vijf dagen lang vergaderen belangrijke politici en topmanagers in Davos over wereldproblemen. Dag 1: de Davos-man en de humblebrag.

Of je nou naast een Chinese hoogleraar zit of naast de directeur van een conglomeraat uit Birma, in de iets te krappe busjes op weg naar het congrescentrum in Davos komt het gesprek al snel uit op Leonardo DiCaprio en Bono die ook komen. Maar wereldsterren vormen niet de bulk van de aanwezigen op de jaarlijkse conferentie van het World Economic Forum in Davos. Het is een bonte stoet deelnemers, maar één dominant type deelnemer valt op. Noem hem de Davos-man. Smoothie drinkend, geanimeerd kletsend, hij is een jaar of vijftig en de baas van een groot bedrijf. Hij loopt op stevige wandelschoenen onder zijn pak. Je loopt hier namelijk veel door de sneeuw en de Davos-man durft het – anders dan nieuwkomers – aan om zijn snowboots aan te houden. ’s Ochtends doet hij mee aan de gezamenlijke meditatiesessie. Hij is er trots op zijn grenzen steeds te verleggen, heeft in verschillende landen gewoond en voelt zich wereldburger, maar blijft in Davos toch opvallend vaak binnen zijn eigen comfortzone.

Op de Hollandse avond sjoelt hij. Hij zoekt het liefst andere mannen op. Diversiteit is heus belangrijk en vrouwen mogen echt steeds vaker mee. Maar het merendeel van de vrouwen in Davos is nog altijd de echtgenote van een Davos-man. Vrouwen worden een stuk lastiger lid van de echte groep. Want tijdens deze dagen draait het toch om het groepsgevoel: wij lossen hier samen wereldproblemen op. Zo’n groep is blijkbaar hechter als je veel op elkaar lijkt. Van de deelnemers is 18 procent vrouw.

De Davos-man tutoyeert erop los, vertelt over een etentje dat hij laatst had: „Met Jeroen – hoe heet hij ook alweer – Dijsselbloem.” Politici en wetenschappers zijn ook in Davos. Maar de echte Davos-man verdient zijn eigen geld en vindt de politiek vaak maar traag. Hij is de baas van een bedrijf waar tienduizenden mensen werken, en kijk eens hoe daadkrachtig je daar veranderingen kunt doorvoeren.

Feike Sijbesma van DSM, Paul Polman van Unilever en Frans van Houten van Philips zijn de graag geziene gasten uit de Nederlandse delegatie. Polman zei, voorafgaand aan de conferentie: „Graag gezien weet ik niet, maar in elk geval vaak gezien.” Een humblebrag: jezelf nederig opstellen, maar op zo’n manier dat je jezelf toch complimenteert. Die hoor je hier vaker.

De Davos-man voelt zich onderdeel van het ‘verantwoordelijke bedrijfsleven’. Duurzaamheid en sociaal verantwoord ondernemen: dat neemt hij zo serieus dat zijn aandeelhouders en collega’s hem regelmatig vragen of het niet een tandje minder kan. Maar met een tandje minder kom je niet in Davos terecht.

Natuurlijk is er ook nieuwe aanwas. De voorzitters van de conferentie zijn diverser: een jonge Tunesische journaliste en de Ivoriaanse bankdirecteur van Crédit Suisse. Selma Seddik valt in de Nederlandse delegatie het meest op: vrouw, onder de 30 en oprichter van Instock, een restaurant dat voedselverspilling tegen gaat. De link met de Davos-man? Ze komt bij Young Ahold vandaan: het talentenclubje van het supermarktconcern. Haar voormalige hoogste baas Dick Boer is hier ook.

Een andere nieuwkomer is Mark Vernooij (38). Hij is oprichter van een ‘creatief leiderschapsinstituut’, THNK. Zet zich ook in voor vluchtelingen. En handig voor Davos: hij werkte eerder bij de veelgevraagde bedrijfsadviseurs van McKinsey. „Er is één ding dat je zeker weet als je eenmaal in Davos bent: iedereen die je er tegenkomt is gaver dan jij”, zegt hij. Ook de nieuwe Davos-man heeft de humblebrag al onder de knie.