Voor Yasser Ballemans is carnaval politieke levensdrift

De bedoeling is dat je ermee mag schuiven – met de schonkige, houten praaltribunes waarop je onmogelijk kunt zitten (want dan zak je er doorheen), met de malle handkarren van hout die nooit zullen kunnen rijden, met de draaimolen waar sjerpen, sterren en knalkleurige tressen aan hangen en nog veel meer. Voor Yasser Ballemans is het idee van carnaval geen droog concept, maar een concrete artistieke en ook politieke levensdrift. Met carnaval ontstaat er iets wat verder gaat dan drie meter bier, polonaises en slap liggen van de lach. Met carnaval gaan alle waarden op hun zij, wordt machteloos plotseling oppermachtig, arm verandert in rijk.

In het monumentale Park, een nog pril Tilburgs kunstenaarsinitiatief gezeteld in een voormalige kapel en akoestische toonzaal, heeft nu Ballemans de vrije hand gekregen in de solotentoonstelling Carnal Farewell. De complete ruimte van Park, van de vloer tot hoog in de lucht, is omgetoverd tot een even indrukwekkende als inspirerende ode aan het carnaval. Hier staan de pronkwagens waarvan iedereen met twee linkerhanden gedroomd heeft ze te maken, hier regeert de ongebreidelde artistieke inventie en scheppingskracht.

Ballemans (34) heeft sinds zijn afstuderen aan de Sint Joost Academie in Breda en het Sandberg Instituut in Amsterdam in 2007 in artistiek opzicht reuzenstappen genomen. Ook het nieuwe werk in Park, dat hij in de luttele tijd van drie weken in elkaar zette, is daar een illustratie van. Zijn werk, dat vroeger nog weleens té grappig was, is volstrekt zelfstandig en overtuigend geworden. De ingewikkelde, museale architectuur van Park zet Ballemans moeiteloos naar zijn hand. We wisten dat Lowlands en de Fundatie in Zwolle al fan waren van de kunstenaar: nu wordt het tijd voor andere musea om toe te happen.