Column

De keerzijde van alle boze burgers

Tom-Jan Meeus (t.meeus@nrc.nl; @tomjanmeeus) schrijft op deze plek een wisselcolumn met Jutta Chorus

Slachtofferschap is, zoals bekend, de populairste pose van deze tijd. Gelukkig biedt de democratie slachtoffers alle kans te zwelgen in hun rol. Kiezers geven steeds meer partijen Kamerzetels, de gemiddelde omvang van fracties neemt erdoor af, zodat diezelfde kiezers – terecht – kunnen klagen dat naar hén niet geluisterd wordt. Iedereen verongelijkt. Iedereen Calimero.

Boeiend is ook dat de opvatting terrein wint dat ‘de’ politiek bij beleidskeuzes altijd naar ‘de’ meerderheid moet luisteren. De ironie van het slachtofferschap: eerst helpt de boze burger al die minderheden in het zadel, daarna groeit zijn ongeduld over de zeggenschap van deze minderheden. De logica achter het ‘nepparlement’.

Je kunt dit abstract gebabbel vinden, maar de gevolgen zijn niet gering: ik schat dat we nog één of twee formaties van totale onregeerbaarheid af zijn.

De beste indicatie is dat deze eeuw junior coalitiepartners geen verkiezingen wonnen. Sinds 2012 zijn ze afgeslacht: het CDA en gedoogpartner PVV na Rutte I in 2012; Jolande Sap na het Lenteakoord in 2012. Het moet gek gaan, wil de PvdA na Rutte II niet hetzelfde lot wachten.

Ook weten we al dat de volgende coalitie zeker vier partijen nodig heeft voor een meerderheid in de senaat. Dus je kunt erop wachten dat gehoopte junior coalitiepartners aan het einde van een formatie zeggen: dank je, dit zelfmoordaanbod slaan we af. Dan moeten partijen onverrichter zake terug naar de kiezer. Soort België – maar dan erger.

Er is dus volop reden voor bestelverandering: minder oog voor minderheden, meer voor de meerderheid. Gelukkig praat de Eerste Kamer er vandaag over, met als doel een staatscommissie die bestelaanpassingen bekijkt. Een zaak van lange adem. Ik begreep gisteren dat er in de senaat uitzicht op een akkoord is, daarna moet de Tweede Kamer er nog mee instemmen.

En beide Kamers zijn nu al hopeloos gefragmenteerd. De senaat heeft twaalf fracties op 75 zetels; de Tweede Kamer zestien fracties op 150 zetels. En ál die fracties kunnen nu dus zeggenschap over die staatscommissie opeisen.

Dit zal pas lukken wanneer genoeg parlementariërs afzien van hun persoonlijke puntjes, en oog houden voor het grote geheel. Dat is het boeiende van alle boosheid en verongelijktheid van burgers: wanneer parlementariërs zich net zo zouden gedragen, namen zij – heel democratisch – hun slachtofferschap over, maar zou er niets meer uit hun vingers komen.