Auteur van empathische romans

Michel Tournier (1924-2016)

Schrijver

Zijn roman ‘De elzenkoning’ kreeg miljoenen lezers, die zijn soepele stijl en menselijkheid waardeerden.

Michel Tournier in 2010 Foto Philippe Matsas/ Opale/ Leemage

Zijn ideale lezer was twaalf jaar oud, werd Michel Tournier niet moe te herhalen. De gisteren op 91-jarige leeftijd overleden schrijver gebruikte zijn voorkeur voor de jeugd om grappenderwijs over zijn eigen literaire status te praten: „Natuurlijk ben ik een klassiek auteur”, zei hij dan. „Men leest mij in de klas.”

Over die positie in de literaire wereld had hij dubbele gevoelens. De kolossale reputatie die hij vanaf zijn debuut Vrijdag of het andere eiland (1967) verwierf, verbleekte vanaf de jaren negentig. Wie nu een boek als De gouden druppel uit 1985 leest, begrijpt dat ook wel. Het is een soort antropologische literatuur die inmiddels vrijwel uitgestorven is: het verhaal van een Noord-Afrikaanse jongen die naar Parijs trekt, zit vol culturele informatie, mooie beelden en symbolen. Tournier schreef met een zweem van erotiek, empathisch op het softe af. Maar er was amper een lezer die niet gegrepen werd door de soepelheid waarmee hij zijn verhalen vertelde.

Tournier (geboren in Parijs op 19 december 1924) was een cultuurschrijver die over de wereld vertelde – en niet alleen over het heden. Dat verbond hij met de mythen en verhalen uit het verleden. Vrijdag en het andere eiland was een herschepping van Robinson Crusoë en zijn beroemdste boek De elzenkoning draagt de sporen van de Bijbel, Goethe, Freud en Wagner, maar is vooral een oorlogsgeschiedenis – waardoor miljoenen lezers in de ban van Tournier raakten. Het verhaal over automonteur Abel Tiffauges loopt van diens afschuwelijke kostschooljeugd tot het moment waarop hij in de oorlog kinderen ronselt voor de SS, zonder dat hij door de schrijver als een monster afgeschilderd wordt. Tournier was de zoon van twee docenten Duits. „Ik ben de enige Franse schrijver die Duits spreekt.”

Voor De elzenkoning kreeg hij in 1970 de Prix Goncourt, een prijs die hij later als academielid talloze malen zou toekennen. Het grootste deel van zijn lange leven woonde Tournier in de pastorie van Choisel, niet ver van Parijs. Buiten de drukte van de stad waar hij in de jaren zestig een loopbaan als filosoof had zien stranden. In Choisel was hij altijd bereid journalisten te ontvangen en hen rond te leiden in de buurt. De auteur, die lang gold als Nobelprijskandidaat, toonde zich trots op zijn rol in het dorpsleven, onder meer bij het zorgen voor kinderen die het thuis moeilijk hadden. Tot ver na zijn zeventigste meldde hij verslaggevers dat het enige wat hij in zijn leven gemist had een werkelijk grote liefde was. En dat hij nog druk op zoek was. Wie de diepe menselijkheid van Tourniers werk kent, kan zich daar alles bij voorstellen.