Lesje ‘hoe speel je een topduel’ voor Feyenoord

PSV speelde compact en ging zuinig om met de krachten. Zo versloeg het Feyenoord, dat maar één punt pakte uit de laatste drie duels.

Duel tussen Feyenoord-aanvoerder Dirk Kuijt en Hector Moreno, de maker van het eerste doelpunt van PSV. Foto Olaf Kraak/ANP

Het volle uitvak kan het pesterijtje niet laten. „Ze worden nooit meer kampioen”, zingt de PSV-aanhang in de Kuip. Een krachtig antwoord van de Feyenoord-fans blijft uit, de matheid daalt van de tribunes, die minuten voor het einde leegstromen; een tafereel wat je eerder in de Amsterdam Arena verwacht. Geknakt zijn ze, na de 2-0 nederlaag tegen PSV. „Helemaal niets in Rotterdam”, klinkt nog eens sarrend uit het uitvak, na het eindsignaal. Feyenoord-spelers sjokken richting de spelerstunnel, hoofd gebogen.

De titelaspiraties van Feyenoord, voor het laatst landskampioen in 1999, verbleken zondagmiddag. Het duel dat gewonnen moet worden, gaat na een vrij zakelijke afrekening verloren. De schade is flink: acht punten achterstand op koploper Ajax en vijf punten op PSV. „Vandaag heeft bewezen dat wij nog stappen moeten maken, willen wij mee gaan doen om de titel”, concludeert Feyenoord-coach Giovanni van Bronckhorst. Met gevoel voor understatement: „De achterstand op Ajax en PSV is nu groot.”

Kwetsbare prooi

Zijn ploeg krijgt een lesje ‘hoe win je een topduel’. Dat betekent in het PSV-concept: compact spelen, weinig weggeven, zuinig omgaan met de krachten, geen domme fouten maken en toehappen als de prooi even kwetsbaar is. Of, zoals Van Bronckhorst het verwoordt: „Je weet dat je tegen een ploeg speelt die heel ervaren is, en wacht op het moment dat het bij ons niet goed staat.”

Winnen bij Ajax, gelijkspelen bij Manchester United, winnen bij Feyenoord. PSV speelt in topduels als een gewiekste ploeg, naar de maatstaven van het Europese topvoetbal: efficiënt en gehaaid om op het juiste moment toe te slaan – en een stap terug te doen als het even kan. Geen gloedvol voetbal, wel vaak dodelijk.

Net na rust, een vrije trap, de sierlijke PSV-middenvelder Davy Pröpper pingelt en slingert de bal voor, de Mexicaanse verdediger Héctor Moreno tikt binnen. Eindelijk gebeurt er wat, na een eerste helft tactisch schaakvoetbal. Feyenoord ontvlamt, de Kuip schrikt wakker. Linksbuiten Eljero Elia gaat op slalomtour, kansen voor spitsen Dirk Kuijt en Michiel Kramer – maar geen goal.

Langzaam laat PSV het powervoetbal van Feyenoord uitdoven. Dan is PSV op zijn gevaarlijkst, een beetje achterover leunen, op de automatische piloot cruisen, wachten op de uitstoot. En die komt, kort voor tijd. Een lange bal, afgemaakt door de snelle invaller Luciano Narsingh: 0-2.

De eerste zege sinds 2009 op bezoek bij Feyenoord, na vijf nederlagen. „Er werd een beetje Europees gespeeld. Dan weet je dat de details bepalend zijn”, zegt PSV-coach Phillip Cocu.

Gehard in de Champions League

PSV is dit seizoen gehard in de Champions League. Europese ervaring die Feyenoord dit seizoen niet heeft – na het mislopen van de Europa League vorig seizoen. „Die ervaring van PSV in de Champions League is goud waard”, zei Van Bronckhorst vrijdag al op de persconferentie waarin hij vooruitblikte. Is die ervaring doorslaggevend, in topduels als deze? „Dat denk ik niet”, zegt Cocu. „Het is geen garantie dat als je Europees speelt, je dan ook een streepje voor hebt in de eredivisie.”

Het lijkt nu uit te draaien op een tweestrijd tussen Ajax en PSV, in het tweede deel van de competitie. Feyenoord verliest de toptwee uit zicht, één schamel puntje pakte de ploeg in de laatste drie duels. Uiteraard, kleine disclaimer: formeel is nog niks beslist, met nog zestien speelrondes te gaan. Feyenoord zal zich snel moeten herpakken, de ploeg wacht de komende weken een zwaar programma met onder meer uitduels tegen AZ, Ajax en PEC Zwolle.

Feyenoord mist enige slimheid en volwassenheid om serieus mee te doen in de titelrace. Kijk naar Sven van Beek. Vooraf stelde de 21-jarige verdediger in het wedstrijdblaadje dat Feyenoord het niveau dat PSV in de Champions League haalt kan ‘evenaren’. „In mijn ogen zijn wij gelijk aan PSV.” Van die uitspraak bleef na negentig minuten weinig over, zeker in zijn geval: Van Beek had schuld bij beide tegentreffers, hij werd twee keer als een mak lammetje uitgespeeld.

En zie de lange spits Michiel Kramer ploeteren, alleen op een eiland voorin. Eén goede pass gaf hij in de eerste helft, analyseerde website Tussen de linies. Misschien een goede spits tegen ploegen van mindere allure – zeg SC Cambuur en Excelsior – maar tegen de betonnen verdedigers van PSV komt hij tekort. Duels wint hij amper, kansen creëert hij niet. Hij brengt te weinig, zo klinkt de kritiek steeds sterker.

En dan was er nog het gevalletje Colin Kazim-Richards. Die werd vrijdag uit de selectie gezet nadat hij een journalist van het AD intimideerde. Meerdere keren zou de reservespits tegen de journalist, die een kritisch verhaal over hem schreef, hebben gezegd: „Je gaat neer.” En: „Als je nog een stap dichterbij zet, ga je neer.” Maandag heeft hij een gesprek met de clubleiding.

Feyenoord zal misschien nog eens terugdenken aan de zomer van 2014. Toen polsten ze of ze Luuk de Jong konden kopen van Borussia Mönchengladbach. Hij bleek te duur. De Jong ging naar PSV, waar hij uitgroeide tot een veel scorende aanvoerder. Feyenoord zit nu met Kazim en Kramer – twee niet renderende spitsen.