Kleinburgers opgesloten in hun angsten

Mark Rietman als vluchteling Osman.

Zelf noemde de Russische schrijver Nikolaj Gogol de personages uit zijn toneelstuk De revisor (1836) niets minder dan „monsters”, die leugenachtig samenklitten in een intens gecorrumpeerd provinciestadje. Regisseur Theu Boermans brengt bij het Nationale Toneel een extreem rigide bewerking die bijna het zicht op het origineel ontneemt, maar dankzij durf en fantasie meeslepend is. En brandend actueel, vernuftig en geestig.

Aan de zuidgrens van ons land ligt het dorpje Dendermalsen, dat de deuren angstvallig sluit voor vluchtelingen. Totdat de komst van een vermeende regeringsinspecteur, de revisor, met in zijn gevolg de Syrische vluchteling Osman het verrotte dorpbestuur aan het wankelen brengt. Angst slaat om in vleierij. Bij Boermans is de indringer een gesjeesde maar zelfvervulde theatermaker, achtervolgd door Osman die als acteur wacht op zijn geld. Het is een schitterend duo: Joris Smit die iedereen misleidt met zijn grootse theatervisioenen en Mark Rietman als de vluchteling voor wie toneelspelen gelijk staat aan een inburgeringscursus. De kern van Boermans’ bewerking is vreemdelingenangst: daarop ent hij alle scènes. Alleen al het bezwerend-kalme, waardige optreden van Rietman ontwricht de kleine maar laffe samenleving.

Stefan de Walle in de briljante rol van burgemeester is een arme kleinburger, doodsbang voor gezichtsverlies. Hij heeft dan ook, net als andere raadsleden, duistere zaakjes en louche praktijken te verbergen. Het boze oog van de revisor, feitelijk een platzakke oplichter, verzengt en vernietigt elk masker van schijnheiligheid. Genadeloos, scène na scène, krijgt de deconfiture van de dorpsbewoners vorm. In deze visie is het begrijpelijk dat Boermans deze satirische komedie een diepere dimensie geeft van toneelspelen en theater maken. Dankzij een lichtend bling-bling decor van kralengordijnen als tralies is het alsof de personages zijn opgesloten in hun eigen kleine angsten.

Geen enkele greep uit het rijke arsenaal aan theatervormen is de regie vreemd: vaudeville evengoed als komedie, een meesterlijke parodie op de musical en vooral de talloze bijtende terzijdes aan de Haagse politiek maken De revisor tot een voorstelling die een repertoirestuk van lang geleden nieuw leven in blazen.

Hier en daar gaat de voorstelling over de top en wint uitbundigheid het van persoonlijk drama, maar dat neemt niet weg dat de vluchtelingenproblematiek telkens op verrassende wijze scherp tot uitdrukking komt. Verrassend mooi en ontroerend is wanneer Mark Rietman aan het slot verzucht „nooit meer te willen vluchten”. Intussen is de revisor zelf op de vlucht gegaan en is ieders wereld ingestort. Grimmiger kan bijna niet.