426 wietplanten had hij, maar hij had ze écht nog nooit gezien

Wie:

Kawa

Kwestie:

hennep kweken

Waar:

rechtbank Den Haag

Kweker of katvanger; daar gaat het in de strafzaak tegen de gedrongen man uit Kampen om.

Bij een verkeerscontrole in 2013 was de politie een stevige wietlucht in zijn auto opgevallen. Hij had dozen vol aarde met hennepresten bij zich, zo bleek. En geen goede uitleg. De politie had daarna bij zijn woning een warmtescan gedaan. Het bleek er vrij broeierig. Juridisch voldoende om binnen te stappen. Daar zoemden de ventilators en schenen de groeilampen. Er stonden 426 hennepplanten.

Nu zit Kawa bij de strafkamer, met een tolk Arabisch. Kawa is een eind jaren 90 gevluchte Iraakse Koerd, die in het noorden geen werk kon vinden en daarom naar de Randstad wilde. De hennepplantage werd gevonden in Zoetermeer; Kawa stond er ingeschreven. Ook voor het energiecontract had hij getekend.

Maar hij was echt nooit bij dat huis geweest. Kawa probeert vanochtend de bekentenis die hij bij de politie aflegde, in te trekken. Ja, het was zijn woning, zijn energiecontract en dus ook zijn hennep. Vanochtend vertelt hij het omgekeerde – nee, hij deed alles namens een ander en wist van geen wiet.

Kawa leeft van een uitkering, is ongeschoold en was in Nederland altijd werkloos. Hij heeft geen cent. Wel 9.000 euro schuld bij de fiscus. Ooit had hij wat formulieren ingevuld en daarna een groot bedrag van de Belastingdienst ontvangen. Een btw-teruggave, een zorg- of kindertoeslag? Het blijft onduidelijk. Hij hield 1.000 euro – de rest was voor de kennis die hem de formulieren gaf.

In de Randstad ontmoette hij een nieuwe kennis. Meneer T., een Iraniër uit Zoetermeer. Diens woning mocht Kawa wel tijdelijk gebruiken. T. ging wat langer naar Iran en zocht iemand die op zijn huis zou passen, zo begreep Kawa.

Zo kwam het huis op zijn naam, net als het energiecontract. Kawa moest nog wel een maand of vijf wachten voordat hij erin kon. In de tussentijd zou T. aan Kawa per maand zo’n 300 euro of soms 350 euro betalen. Voor de elektriciteit en de huur voor een huis in Kampen. Kawa hoefde voor meneer T. maar één ding te doen. Als er vragen kwamen, dan moest hij zeggen dat het huis van hem was.

Die vragen kwamen dus. En Kawa deed bij de politie wat T. had gevraagd. Die zorgde voor een advocaat zodat hij „de juiste zinnen” zei. En bij zijn proces hoefde Kawa niet aanwezig te zijn.

Dat zou zijn advocaat wel regelen. Kawa ging akkoord. Totdat hij begreep hoeveel ‘genoten voordeel’ justitie van hem terug wilde hebben: 107.000 euro – er zou viermaal geoogst zijn.

Nu heeft Kawa een nieuwe advocaat. Hij zegt: ik heb mezelf de strop omgedaan.

De rechters zijn sceptisch. Wat moest u dan doen voor die 350 euro? Vond u het niet vreemd dat u steeds cash kreeg? Hoe kwam die aarde in uw auto? De officier vindt Kawa’s uitleg rammelen. Tien maanden cel is de norm, bij zo veel hennep. Maar zij vraagt 240 uur taakstraf, waarvan twee maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar. De inval was immers al twee jaar geleden. Maar die ton, die moet Kawa betalen. Blut? Ach, misschien wint Kawa ooit de loterij of krijgt hij een erfenis.

De rechtbank spreekt Kawa vrij – het is „opmerkelijk” dat er geen enkel spoor van Kawa in of bij het huis is gevonden, hoewel de kwekerij geruime tijd moet hebben bestaan. Ook heeft de politie niet uitgezocht of hij ooit bij het huis is gezien.