Schultz meldde dure inhuur niet aan Kamer

Minister Schultz van Haegen (Infrastructuur en Milieu, VVD) heeft de dure inhuur van een consultant voor de bouw van de ringweg rond Groningen in 2013 „abusievelijk” niet aan de Tweede Kamer gemeld. Dat bevestigt het ministerie na vragen van NRC.

Het gaat om ingenieur Jos Hillen, werkzaam bij Twynstra Gudde. Hillen werd door zijn oud-werkgever Rijkswaterstaat in 2010 ingehuurd om „het grootste infrastructurele project ooit in de geschiedenis van het Noorden” te managen. Voor de ringweg was 700 miljoen beschikbaar.

In ruim vier jaar tijd betaalde Rijkswaterstaat voor de diensten van Hillen 1.390.763,76 euro. In 2011 en 2012 meldde de minister de inhuur van Hillen aan de Kamer, zoals verplicht bij het overschrijden van de balkenendenorm. Daarna gebeurde dat niet meer.

Bij Rijkswaterstaat ontstond al snel onrust over de contracten en over de „royale verblijfsvergoeding” die Hillen kreeg – tot 180 euro per dag. Hillen weigerde die te verlagen. Hij stemde in de loop van 2013 wel in met een verlaging van zijn kale uurtarief, naar 225 euro. Elke inhuur boven dat bedrag moet aan de Kamer worden gemeld. De minister had zijn inhuur in 2013 dus al moeten melden, zegt Rijkswaterstaat nu. Over de verblijfsvergoeding schrijft de dienst: „Terugkijkend is deze onkostenvergoeding aan de hoge kant geweest. Wij hebben sindsdien (...) niet meer zulke hoge vaste onkostenvergoedingen afgesproken.”

Jos Hillen wil zelf niet reageren. Twynstra Gudde-directeur Ellen Peper zegt dat haar bedrijf marktconforme tarieven vraagt: „Twynstra Gudde heeft zich altijd open opgesteld voor een goede afstemming tussen prestatie en tarief. Wij begrijpen de betekenis van de balkenende-norm in de publieke sector. Daarom hebben wij ook in 2013 meegewerkt aan de kleine aanpassing van ons tarief.”