Benul van beleggen is niet nodig

Daghandelaar Rob Wessels weet niks van de bedrijven waarin hij belegt, maar profiteert van koersbewegingen. In een cursus legt hij zijn strategie uit. „Je bent niks met je 100.000 euro vermogen. Een zandkorreltje.”

Illustratie XF&M

Verstand van bedrijven? Overbodig. Kennis van economische ontwikkelingen? Ga weg. Gevoel voor wat de beurs doet dan? Welnee. Volgens Rob Wessels (66) is dat allemaal nergens voor nodig om als daghandelaar op de beurs rendementen van wel 30 procent per jaar te boeken.

Al jaren geeft de Rotterdammer vrijwel elke vrijdag in Nederland of België een cursus waarin hij uitlegt hoe. Voor de cursus van 475 euro adverteert hij in De Telegraaf. Ze beginnen stipt om 7.30 uur.

Zoals deze cursus daytrading in het Van der Valk Hotel aan de rand van Zwolle. Aanwezig zijn zes mannelijke cursisten, een verslaggever, Wessels’ eigen daghandelaar Adam Reigns die het handelsprogramma op de computer bedient en zijn assistente Mila. „Kun je nog even lekker met de koekjes rondgaan, lieverd?”

Samen met Reigns legt Wessels in zes uur uit hoe je zijn succesvolle strategie kunt kopiëren en wordt er live gehandeld op de Deutscher Aktienindex (DAX). Die bestaat uit de dertig grootste aan de beurs van Frankfurt genoteerde bedrijven, waaronder Adidas, Volkswagen en Siemens.

Maar van die bedrijven hoeft de handelaar dus helemaal niets te weten. „Daarmee heb je als daghandelaar niets te maken”, zegt Wessels. Het wordt nog mooier. „Het maakt zelfs niet uit of de DAX omhoog of omlaag gaat, als-ie maar beweegt. We verdienen het meest als de koers op en neer gaat.”

Dagelijks 300 euro winst

Net zoals bij andere daghandelaren beginnen en eindigen Wessels en Reigns de dag in principe zonder aandelen in portefeuille. Als doel stellen ze zichzelf om dagelijks 300 euro winst maken. Is die 300 euro winst binnen, dan stoppen ze direct. In 52 procent van de dagen is dat doel binnen 15 minuten bereikt. In 78 procent van de gevallen binnen een uur, blijkt uit de presentatie die ze gezamenlijk geven. „En dan ga ik de rest van de dag iets anders doen”, zegt Reigns.

Ze handelen met een beleggingsrekening waarop 250.000 euro staat. Dan klinkt 300 euro winst wellicht wat bescheiden. Maar dat is het niet, benadrukken de heren. Op jaarbasis is dat 75.000 euro: een rendement van 30 procent.

Wessels is van het simpel uitleggen. Aan de hand van een verhaal over zijn oudste cursist („96 en varkensboer”) vertelt hij wat short gaan is. Een varken kost 100 euro en die boer vindt dat veel te duur. Die denkt dat dit het hoogtepunt van de markt is en de prijs niet hoger kan. Daarom klopt hij aan bij een bevriende boer, leent honderd varkens en verkoopt die meteen door.

Enkele dagen later ziet zijn vrouw op Teletekst dat varkens nu 90 euro kosten. De boer koopt honderd varkens, geeft ze terug aan zijn vriend en heeft dus 10 euro per varken verdiend. „Dat is shorten”, zegt Wessels afrondend. „Door het te doen leer je het beter dan door er boeken over te lezen. Dat geldt ook voor achteruit inparkeren in Engeland.”

Boete van de AFM

Wessels heet eigenlijk Rotgans. Maar die achternaam gebruikt hij niet omdat hij er als kind mee gepest werd. In een ver verleden was hij de baas van de populaire Rotterdamse radiopiraat Atlantis. Inmiddels handelt hij al ruim vijftien jaar en geeft ook al jaren cursussen.

In 2009 kreeg hij een boete van toezichthouder AFM omdat hij zonder vergunning vermogens beheerde. Dat deed hij door zelf te handelen met de beleggingsrekeningen van cursisten en winsten boven een bepaald bedrag af te romen. Wessels laat de cursisten weten dat hij dat dus niet meer doet.

Op het scherm verschijnt een gelaagde piramide: het financiële systeem door zijn ogen. Onderop de „massa”, vergezeld van een foto van een schaap. Bovenin prijken Amerikaanse banken als Goldman Sachs, een laag dááronder bedrijven als Google en Shell. „Begrijp dat je niks bent met je 100.000 euro vermogen. Een zandkorreltje. Ik heb geleerd dat ik niks weet”, is zijn punt. Vandaar dus dat Wessels zich niet in bedrijven verdiept, maar een strategie heeft ontwikkeld die profiteert van koersbewegingen.

Het werkt als volgt. Wessels koopt van zijn broker CFD’s (contracts for difference): een beleggingsproduct met een ‘hefboom’. Daarbij hoef je maar 1 procent van de waarde voor te schieten. Als de DAX zoals nu rond de 10.000 staat, kost de CFD dus 100 euro.

De DAX gaat om 9.00 uur open. Maar er is al handel voorbeurs mogelijk vanaf 8.00 uur. Daarom zitten Wessels en Reigns altijd om 7.45 uur klaar, want dan gebeurt het belangrijkste werk. Afhankelijk van hoe de beurs de afgelopen twee dagen heeft bewogen, besluiten ze om ‘gewoon’ te kopen of short te gaan en te speculeren op een daling.

En, daar komt de truc van Wessels, zodra om 8.00 uur de handel begint voeren ze hun plan uit. Ze kopen in een rotvaart CFD’s van verschillende waarden, waarbij ze gebruikmaken van het geautomatiseerde handelsprogramma van de broker. Een fictief voorbeeld (de echte stappen mogen van Wessels absoluut niet in de krant) is dat als de DAX op 10.000 staat zij CFD’s voor die prijs kopen en instellen dat de computer ze moet verkopen op 10.100. Dezelfde stap voeren ze meerdere malen met lagere standen door. Het idee is dat wordt geprofiteerd van de koersschommelingen die binnen seconden plaatsvinden en dat ze zijn ingedekt tegen een daling.

Niet handelen op heftige dagen

Wessels zegt dat de kans zeer klein is dat het dan fout gaat, omdat de historische data op Yahoo Finance tonen dat de DAX dagelijks binnen een bandbreedte van circa 3 procent schommelt. Op heftige dagen zoals wanneer een Grexit dreigt, is dat misschien anders, maar dan handelt Wessels bewust niet.

Op momenten heeft Wessels weleens 20 procent (50.000 euro) in de min gestaan en – tegen het principe van daytraden in – meerdere dagen moeten volhouden tot hij weer in de plus stond.

Die strategie werkt alleen als je een aardige buffer hebt. Dan hoef je ook niet in paniek te raken en kun je als de beurs blijft dalen de getrapte strategie op lagere punten blijven herhalen om alsnog winst te maken. Het minimale is 50.000 euro volgens Wessels, maar zelf heeft hij 250.000 euro op zijn handelsrekening staan.

En nee, 50.000 is niet veel. „Daar heb je nog geen loempiakar voor. Dat begrijpt elke ondernemer.”