‘VOC-schepen verspreidden bacterie’

In veel landen waar de bacterieziekte melioidose

heerst, wordt hij nooit gediagnosticeerd. „In twee dagen kun je dood zijn.”

Internist-infectioloog Joost Wiersinga: „Gemiddeld eens in de twee jaar is er een patiënt in Nederland.” Foto Bram Budel

De ‘verwaarloosde’ tropische ziekte melioidose doodt jaarlijks bijna 100.000 mensen. Er zijn 34 landen waar de ziekte vrijwel zeker heerst, maar nooit wordt gediagnosticeerd. 45 andere landen weten dat de ziekte er is, maar de artsen zien hem nauwelijks. Een modelberekening liet dat eerder deze week in een publicatie in Nature Microbiology zien. Eigenlijk weten tot nu toe alleen artsen in plattelandsziekenhuizen in Zuid-Oost-Azië en Noord-Australië dat ze in een melioidose-hotspot werken.

Joost Wiersinga, internist-infectioloog in het AMC in Amsterdam, doet onderzoek naar de ziekte. Hij promoveerde in 2008 op melioidose. Hij was geen mede-auteur van de nieuwe modelstudie, maar is prominent lid van de kleine groep melioidose-onderzoekers. Op het laatste wereldcongres waren 500 mensen.

In 2012 toonde hij aan dat de ziekte in Gabon, waar tot dat moment nog nooit een patiënt was gediagnosticeerd, gewoon voorkomt. Hij zag er kinderen die tegen malaria werden behandeld, maar in werkelijkheid melioidose hadden. Het is een ziekte die in ernstige vorm tot bloedvergiftiging (sepsis) en dan vaak tot een wisse dood leidt.

Melioidose wordt veroorzaakt door de bacterie Burkholderia pseudomallei. Dat is een bodembacterie. Die dringt binnen via huidwondjes, maar kan ook op waterdruppeltjes in de longen terechtkomen. En via verontreinigd drinkwater ziekte veroorzaken.

De diagnostiek is niet moeilijk, zegt Wiersinga, mits de dokter aan de ziekte denkt. De bacterie groeit in laboratoriumkweken, maar wordt makkelijk over het hoofd gezien. Er zijn ook testkits. In veel tropische landen ontbreekt het aan goede diagnostische labs. Wiersinga: „In Azië en Afrika heb ik in verschillende ziekenhuizen gewerkt waar geen goede microbiologische diagnostiek is. Ik heb heel veel kinderen gezien die voor malaria werden behandeld, maar die het niet hadden. Daar waren waarschijnlijk patiënten met melioidose bij.”

Zodra een ziekenhuis in de tropen een goed microbiologisch lab krijgt, wordt de ziekte gevonden.

Maar in werkelijkheid was de bacterie er al. Altijd al?

„Mijn co-promotor Sharon Peacock in Cambridge heeft de DNA-volgorde van pseudomallei-stammen van over de hele wereld bepaald en een evolutionaire stamboom gemaakt. De oudste stammen komen uit Indonesië en Noord-Australië en zijn van daar uit over de wereld verspreid zijn. Onder andere door de VOC-schepen. In die tijd is de bacterie in Afrika en Midden-Amerika terechtgekomen.”

Waarom is er een Nederlandse dokter gespecialiseerd in melioidose? Zijn er in Nederland ook patiënten?

„Nauwelijks. Gemiddeld eens in de twee jaar is er een patiënt in Nederland. Backpacker, Thailand, jungletocht én meestal al een andere ziekte, zoals diabetes. Dat is het profiel van de West-Europese patiënt. Als zo’n reiziger ziek wordt en sepsis krijgt moet je aan melioidose denken, anders geef je de verkeerde antibiotica.”

Maar waarom dan toch melioidose-onderzoek in Amsterdam?

„Melioidose is een belangrijke veroorzaker van sepsis – van bloedvergiftiging. Daar doen we hier in het AMC veel onderzoek naar. Dat is een ziekte waar ook in Nederland heel veel mensen uiteindelijk aan overlijden, maar de ziekte is hier heel divers. Je ziet hem bij mensen die ook andere ernstige ziekten hebben. Zoals kankerpatiënten waarbij, mede door een chemotherapie, het afweersysteem niet goed werkt.”

En in melioidose-hotspot Thailand?

„Melioidose heeft veel verschijningsvormen. Waarschijnlijk zijn er mensen die na een besmetting helemaal geen last hebben en niet naar de dokter gaan. Je ziet ook mensen die alleen wat huidwonden hebben en daar blijft het dan bij. Maar er zijn ook rijstboeren die een dag op het rijstveld werken, de volgende ochtend een beetje koorts hebben en ’s avonds doodziek op de eerste hulp komen. Binnen twee dagen na de besmetting kun je dood zijn door een sepsis. Alle verschijnselen van sepsis, zoals nier- en longschade zie je dan, in extreme vorm.

„In het ziekenhuis in Thailand waar wij mee samenwerken zie je dus veel patiënten met precies dezelfde ziekte die vlak daarvoor nog vrij gezond waren. Ze hebben een pure vorm van sepsis. Voor een onderzoeker is dat een mooie homogene groep. Wij doen hier immuno-moleculair werk. Maar in Thailand doen we patiëntenzorg. Dat kunnen we combineren en het resulteert in mooi onderzoek.”

De Amerikanen denken dat terroristen de melioidosebacterie als biologisch wapen kunnen gebruiken.

„Ja, dat is momenteel een extra reden om er een goede therapie tegen te ontwikkelen.”

Waarom zou het een goede bacterie voor bioterroristen zijn?

„Vanuit de slechterik gezien is hij makkelijk te verkrijgen. Iedere student microbiologie weet hoe je hem uit aarde moet isoleren. En er is een fear factor, want je veroorzaakt een afschrikwekkende ziekte, met abcessen in ongeveer ieder orgaan. Verder kun je de bacterie met vernevelde luchtdruppels verspreiden. Je kunt er dus een bom van maken of de bacterie via een aircosysteem verspreiden. In de Eerste Wereldoorlog zijn vernevelde Burkholderiabacteriën op het slagveld uitgeprobeerd.”

Wat merken jullie van dat bioterrorisme?

„Ik begon ongeveer tien jaar geleden met melioidose-onderzoek toen de Amerikanen het bioterrorismeonderzoek groot gingen opzetten. Ze kwamen met veel geld en ideeën. Prima, maar in die defensielabs wordt veel onderzoek gedaan waarover niet wordt gepubliceerd. In een paar projecten werk ik met ze samen. Dan krijg je op vertrouwelijke basis resultaten te zien.”

Over fear factor gesproken: in november 1975 werd duidelijk dat in de beroemde Parijse dierentuin Le Jardin des Plantes dieren stierven aan melioidose. Eind december, de dag voor Kerst, ging de dierentuin voor het publiek dicht. De Franse kranten stonden er vol mee. Uiteindelijk stierven in Frankrijk twee mensen aan melioidose. Een tiental dieren bezweek en 23 dierentuindieren werden afgemaakt omdat ze grote hoeveelheden afweerstoffen tegen de veroorzakende Burkholderia-bacterie in hun bloed bleven houden. De besmetting van de grond was hardnekkig. Op 1 april 1976 ging de dierentuin weer open.

De bron van de ellende is daarna achterhaald. Het waren twee panda’s (geen paartje, er waren per abuis twee mannetjes gestuurd) die de Chinese dictator Mao Zedong in december 1973 cadeau deed aan de Franse president Georges Pompidou. Een van de dieren overleed vier maanden later, in april 1974. Die lag nog in de vriezer en was niet bacteriologisch onderzocht. Begin 1976 bleek hij vol te zitten met Burkholderia pseudomallei.