Kinderen met autisme maken ook wel vrienden, maar minder en minder goede

De meeste kinderen van 8 tot 12 jaar met autisme hebben minstens één vriend of vriendin, volgens henzelf, hun ouders en hun klasgenootjes. Kinderen met autisme zijn dus wel degelijk in staat om vrienden te maken. Ze hebben wel minder vriendjes dan leeftijdgenoten zonder autisme, staan minder vaak in iemands top-drie, doen minder vaak dingen samen met vriendjes en vinden hun vriendschappen van slechtere kwaliteit dan niet-autistische klasgenoten hun eigen vriendschappen. Maar autistische kinderen hebben evenveel ruzie als niet-autistische kinderen. Dat blijkt uit een meta-analyse van 18 onderzoeken, waaraan in totaal 1.768 autistische kinderen meededen, waarvan 85 procent jongens (Psychological Bulletin, 11 januari online). De onderzoekers denken dat jonge autisten slechter zijn in vriendschappen omdat ze sociale informatie minder snel verwerken. (NRC)