Drie lessen voor portretfotografen

Willeke van Ammelrooy, uit de serie The Wait van fotograaf Pieter Henket. Pieter Henket

Nederlandse portretfotografen als Anton Corbijn, Erwin Olaf, Vincent Mentzel en Rineke Dijkstra doen het goed in binnen- en buitenland. Wat maakt hun werk nou zo bijzonder? Rond die vraag opent vandaag in Museum de Fundatie in Zwolle de tentoonstelling Dutch Identity met werk van 25 vooraanstaande Nederlandse portretfotografen. Een van de curatoren, Harriet Stoop-de Meester, trekt drie belangrijke lessen uit hun werk.

1. Durf een kunstenaar te zijn

“Portretfotografie komt voort uit een ambacht, maar werd in Nederland al vroeg als beeldende kunst gezien. In de jaren ’50 kocht het Stedelijk Museum zijn eerste foto’s aan. Een fotografieopleiding is niet alleen te volgen aan een technische HTS, maar ook op kunstacademies. Daar worden fotografen op min of meer dezelfde manier opgeleid als beeldend kunstenaars.

Nederlandse topfotografen werken dan ook vaak vanuit een concept. Ze ensceneren een beeld aan de hand van een bepaald thema, verhaal of fantasie. Erwin Olaf liet voor zijn project ‘Waiting’ zijn modellen echt uren lang wachten in een ruimte. Pieter Henket fotografeerde actrice Willeke van Ammelrooy tijdens een gespeeld politieverhoor.”

Doe mee aan NRC’s fotowedstrijd Nederland Fotografeert. Het thema van de maand januari is Portretfotografie.

2. Bezoek het Rijksmuseum

“Nederland kent een rijke portrettraditie in de beeldende kunst. Rond 1500 schilderde de Meester van Alkmaar al een herkenbare beeltenis van Jan I Graaf van Egmond. Later volgden de grote portretmeesters Steen, Vermeer en Rembrandt.

Goede fotografen kennen deze werken en leerden ervan uitgebalanceerde voorstellingen te maken met doordachte lichaamshoudingen, (contra-)vormen en licht- en schaduwcontrasten. Ze maakten zich zo een stevige basis eigen om daar vervolgens creatief op voort te borduren.

Vooral met bijzonder lichtgebruik weten Nederlandse fotografen zich vaak te onderscheiden. Desiree Dolron creëert heel diffuus licht waardoor enorme diepte ontstaat. Om extreem zachte overgangen te bereiken, bewerkt ze haar foto’s tot op pixelniveau. Viviane Sassen werkt dan weer met grote contrasten. Zij laat schaduwen met scherpe lijnen op haar model vallen, bijna alsof het geprojecteerd is.”

3. Maak het persoonlijk

“De portretten in de tentoonstelling hebben allemaal een heel eigen signatuur. Nederlandse portretfotografen blijven vaak heel dicht bij zichzelf. Cuny Janssen fotografeert kinderen van dezelfde leeftijd als haar eigen kinderen. Ringel Goslinga zoekt bewoners van de Pijp op waar hij als kind sterke herinneringen aan heeft. Andere foto’s sluiten duidelijk aan bij het karakter van de maker: frêle en esthetisch bij Hellen van Meene, stoer met iets gevoeligs bij Koos Breukel. De titel Dutch Identity verwijst niet alleen naar de identiteit van de gefotografeerde, maar zeker ook naar die van de fotograaf.”

De tentoonstelling Dutch Identity werd samengesteld door Harriet Stoop-de Meester en Cathinka Huizing, tevens auteurs van het boek Dutch Identity, Nederlandse Portretfotografie NU dat verschijnt bij Uitgeverij De Kunst.