Balkan-pop op matig Eurosonic

De Noorse singer-songerwriter Aurora donderdag op Eurosonic Foto Andreas Terlaak

Groningen gonst van muziek tijdens Eurosonic. De stad heeft van oudsher een uitgaansleven dat nauw verweven is met livemuziek. Herman Brood werd er een wereldster voordat hij Nederland veroverde. Lang mochten kroegen tot later open blijven als er een band speelde. Eurosonic is de afgelopen jaren veel groter geworden: woensdag is nu ook een serieuze festivaldag en in de binnenstad vormden zich donderdag lange rijen voor veel van de 36 locaties.

Met zijn combinatie van showcasefestival en conferentie voor insiders uit het popbedrijf besteedt Eurosonic dit jaar speciale aandacht aan popmuziek uit centraal en oostelijk Europa. Dat is geen artistieke keuze, maar een manier om mensen te lokken naar de conferentie. Die begon als bijlage van de aan Nederlandse pop gewijde Noorderslag in De Oosterpoort, waar zaterdag voor de dertigste keer de Popprijs wordt uitgereikt. Eerdere focuspunten op Zweedse of IJslandse artiesten leverden interessante edities op, maar met het Oost-Europese aanbod was het nu matiger gesteld.

Van het Slowaakse Fallgrapp werd veel verwacht: een band die muziek maakt in de eigen taal en die triphop a la Portishead vertaalt naar het Slavische levensgevoel. Live kwam daar weinig van terecht: violen speelden een stemmig intro bij knisperende beats maar met de geëxalteerde stem van de zangeres daalde er een kitscherig Songfestivalgevoel neer over het Grand Theatre. De Hongaarse bluesrockband Middelmist Red en sixtiesrockers Ivan & the Parazols brachten prima cafémuziek, maar de toekomst van de pop hangt niet van ze af.

Carnival Youth uit Letland won de EBBA Award, uitgereikt door minister Timmermans. Hun muziek klonk degelijk en urgent; jammer dat hun steenkolenengels over “words like birds” en “seagulls with bicycles” niet over de eigen grens reikte. Er was een Bulgaarse Jamiroquai in de persoon van de zanger van K-Ross; ook hij zal het moeilijk krijgen om op eigen kracht Europa te veroveren.

Eurosonic bracht een knullig soort diversiteit, van de prille elektropop van tienerband Liss tot de schurende garagerock van Have You Seen The Jane Fonda Aerobic VHS? uit Finland. De Zweedse meidenpunkband Dolores Haze bracht rammelrock en het Britse Pumarosa trad in het spoor van Siouxsie & the Banshees. De Noorse ijskoningin Aurora zong met kille overtuiging en de IJslandse zeehondenfluisteraar Axel Flovent betoverde met zijn dream pop.

Maar waar was de vernieuwing? Misschien bracht de Engelse eenmansband Mura Masa die, maar voor Simplon stond buiten zelfs een rij om binnen in de rij voor de zaal te mogen staan. C. Duncan zong dromerige, bestudeerde popliedjes en alleen Dua Lipa (ook Engels) bracht een nieuw geluid - iets tussen de wulpsheid van Lana Del Rey en de emotionele erupties van Florence & the Machine. Gelukkig op een uitdagende elektrobeat, want bands zijn hopeloos uit als we de grauwe middelmaat van Eurosonic mogen geloven.