‘1 op de 8 Nederlandse vrouwen is verkracht’

Dat zei psycholoog Iva Bicanic afgelopen weekend in de Volkskrant.

Foto

De aanleiding

Seksueel geweld is niet te voorkomen, zei Iva Bicanic afgelopen weekend in de Volkskrant. In een interview naar aanleiding van de massa-aanranding in Keulen zei Bicanic, psycholoog en hoofd van het Centrum Seksueel Geweld van het UMC Utrecht, dat ze de laatste tijd geen grotere onveiligheid voor vrouwen ziet. Maar voordat u verheugd opspringt: dit is niet alleen goed nieuws. Er is namelijk nu al veel seksueel geweld in Nederland: „Een op de acht Nederlandse vrouwen is wel eens verkracht”, aldus Bicanic in het interview. Dat gaan we checken.

Waar is het op gebaseerd?

Bicanic verwijst naar de Monitor Seksuele Gezondheid in Nederland van de Rutgers Stichting uit 2009. Hierin gaf 12 procent van de respondenten aan wel eens verkracht te zijn, zegt Bicanic.

En, klopt het?

Voor het onderzoek liet de Rutgers Stichting 6.428 mannen en vrouwen online een enquête invullen. Hierin gaf 2,6 procent van de mannen en 11,7 procent van de vrouwen aan wel eens te zijn verkracht. Die 11,7 is een hoog percentage, maar het ligt niet veel hoger of lager dan dat in andere westerse landen, zegt Bicanic.

We moeten wel een aantal dingen in gedachten houden bij dit cijfer.

Ten eerste geven de onderzoekers aan dat er een lage respons was bij het onderzoek: slechts 20 procent van de uitgenodigden deed mee. In een later onderzoek schrijven de onderzoekers dat zo’n lage respons kan leiden tot ‘zelfselectie’: mensen die het onderwerp te persoonlijk of vervelend vinden doen niet mee. Dit kan leiden tot vertekende resultaten, schrijven de onderzoekers.

Ten tweede: het is niet bekend wat de respondenten zelf verstonden onder verkrachting. Dat is lastig, want van verkrachting bestaan verschillende definities. De juridische luidt: „Hij die door geweld of een andere feitelijkheid of bedreiging met geweld of een andere feitelijkheid iemand dwingt tot het ondergaan van handelingen die bestaan uit, of mede bestaan uit, het seksueel binnendringen van het lichaam.”

Voor de rechter geldt iets dus pas als verkrachting wanneer het onder dwang is gebeurd. Maar naast de juridische is er ook nog een psychologische definitie, waarin ‘dwang’ ook kan bestaan uit psychologische druk. Volgens deze definitie heet het dus ook verkrachting wanneer je tegen je wil seks hebt, zonder dat je daar fysiek toe bent gedwongen.

In de enquête werd simpelweg gevraagd ‘bent u wel eens verkracht’, zegt Stans de Haas, een van de onderzoekers. We weten dus niet wat de respondenten voor ogen hadden toen ze de vraag beantwoordden. Het zou kunnen dat het percentage verkrachtingen volgens de juridische definitie lager ligt.

Daar staat tegenover dat vrouwen bij het woord ‘verkrachting’ vaak denken aan verkrachting door een onbekende, terwijl het in de meeste gevallen juist gaat om iemand die ze kennen, zegt De Haas. Dit kan volgens haar hebben geleid tot ‘onderrapportage’: in werkelijkheid zou het percentage dus hoger kunnen liggen.

Kijken naar het aantal aangiftes van of veroordelingen wegens verkrachting heeft geen zin, want het grootste deel van de slachtoffers doet geen aangifte, blijkt uit het Rutgers-onderzoek.

Conclusie

In de Monitor Seksuele Gezondheid 2009 zei 11,7 procent van de geënquêteerde vrouwen wel eens te zijn verkracht: dat is een op de achtenhalve vrouw. Maar er zijn verschillende problemen met dit percentage. In het onderzoek was misschien sprake van zelfselectie en bovendien is niet duidelijk wat deze vrouwen verstonden onder verkrachting. Kijken naar aangiften of veroordelingen heeft ook geen zin, want de meeste slachtoffers doen geen aangifte. We beoordelen de uitspraak daarom als niet te checken.