Column

Nee hè, niet weer een Deltaplan?

Als twee ‘natuurlijke’ opposanten met instemming dezelfde econoom citeren, dan ... Ja, wat betekent dat dan? Het gebeurde een week geleden. Het jaarlijkse artikel in vakblad ESB van topambtenaar Maarten Camps van Economische Zaken, hét ministerie dat een bondgenoot is van het bedrijfsleven, viel in de bus. Dit artikel is een traditie. Camps verwijst daarin naar The entrepreneurial state van econoom Mariana Mazzucato. Zij koppelt in haar boek talloze innovaties (internet, Silicon Valley) aan het economisch ingrijpen van de overheid. Kortom: er is meer dan vrije markt. De overheid is een cruciale schakel in de groei en bloei van bedrijfsleven en samenleving.

Vervolgens zag ik een doortimmerde analyse van SOMO (voorheen: Stichting Onderzoek Multinationale Ondernemingen) over de trend dat alles in het bedrijfsleven tot financiën wordt gereduceerd. Apple is daar het symbool van. Bedrijven denken alleen in geld (alles voor de aandeelhouderswaarde), doen alleen in geld (zoveel winst houden zij over), kopen elkaar met (geleend) geld, overladen hun topmanagers met geld en proberen zoveel mogelijk geld te besparen op belastingen en personeel.

De ondertitel van het rapport is de boodschap: rijke bedrijven, arme samenlevingen. Ook SOMO citeert met instemming Mazzucato, waar zij klaagt dat in de biografie van Apple-oprichter Steve Jobs de rol van de mammoetinvesteringen van de Amerikaanse overheid in internet en computers genegeerd is.

Camps én SOMO zetten zich af tegen kortetermijnbeleid. Camps laakt het feit dat beleidsmakers de kwartaal-op-kwartaalontwikkeling van het bruto binnenlands product op de voet volgen maar niet veel praten over de bronnen van toekomstige economische groei. SOMO laakt de ‘financialisering’, de financialisation die eveneens kortetermijnpolitiek is.

Maar hoe moet het anders? SOMO vindt dat bedrijven als Apple hun rechtmatige deel van de belastingen moeten betalen, deugdelijke lonen moeten bieden en hun geldreserves in productieve investeringen moeten steken, niet in effecten. Dat is in elk geval, als het om de lonen gaat, een vergelijkbare kortetermijnpolitiek, alleen is de belegger vervangen door de werknemer.

En Camps? Hij pleit, als ik het goed begrijp, voor een ondernemender overheid, die tijdig de koers van haar investeringen kan verleggen én rekening houdt met ‘onbekende baten’ van financieel-economisch beleid.

Kennelijk heeft de overheid een missie die verder gaat dan de marktwerking van de afgelopen twintig jaar en eisen de grote thema’s van nu (klimaatbeleid, vergrijzing, robotisering) een actiever departement. Maar wat behelst dat?

Een concreet plan? Helaas. Camps grijpt terug op de Deltawerken, Hollands glorie uit de oude doos.

Verzet hij zich tegen bijvoorbeeld de 5 miljard euro belastingverlaging die het kabinet vorig jaar met veel moeite door de Kamers loodste? Dat is een fantastisch bedrag dat politici ook voor de toekomst hadden kunnen bestemmen. Een langetermijnplan voor onderwijs, wetenschap & onderzoek? Helaas.