‘Lastpak’ Khadija Arib voorzitter

Vier stemrondes waren nodig om Kamervoorzitter te kiezen. Arib (PvdA) won na een debat dat vooral aangenaam moest blijven.

Diederik Samsom (PvdA) feliciteert de nieuwe kamervoorzitter Khadija Arib. Foto ANP / Bart Maat.

Met de overtuigende keuze voor Khadija Arib (PvdA) heeft de Tweede Kamer woensdagavond opnieuw een voorzitter gekozen die het risico loopt zelf middelpunt van discussies te worden. Toch won Arib de finale met 32 stemmen verschil van Ton Elias (VVD) en volgt zij Anouchka van Miltenburg op.  

Het debat over de keuze voor de nieuwe voorzitter leek bij vlagen een wedstrijdje ‘wie is de grappigste’. Zeker, de vier kandidaten kregen serieuze vragen voorgelegd over de regels van en kwesties in de Kamer. Hun leiderschapskwaliteiten werden ter discussie gesteld en hun taalvaardigheid getest. Kleine fracties, al dan niet afgesplitst, wilden zeker weten dat de voorzitter hen niet inperkt. En hoe zou worden afgedwongen dat het kabinet de Kamer beter informeert?   

Lichtvoetigheid

Maar lichtvoetigheid voerde de boventoon. Zo meldde eenpitter Roland van Vliet (ex-PVV): „In mijn fractie is deze stemming een vrije kwestie.” De immer correcte SGP’er Roelof Bisschop wilde weten hoe de aspirant-voorzitters zouden omgaan met de „theoretische casus” dat iemand een mede-Kamerlid uitvoerig zou uitmaken voor „volstrekt onbenul”. Ronald van Raak (SP) vroeg ex-gevangenisdirecteur Madeleine van Toorenburg (CDA) naar overeenkomsten tussen het leiden van de Kamer en een bajes. En toen moesten de kandidaten nog met hun sollicitatierede beginnen.

Van Toorenburg was blijkbaar niet op de hoogte van deze parallelle competitie: zij hield een vrij stijf verhaal waarin de taken van de voorzitter om de haverklap als „bijzonder” en „belangrijk” werden omschreven. Zij beloofde ook als voorzitter „zo veel mogelijk uit beeld te zijn om alle geluiden in de Kamer de ruimte te geven”.

Arib (PvdA), die drie jaar geleden als kandidaat-voorzitter een zwakke indruk maakte, kwam met kromme zinnen wat moeizaam op gang. Maar ze vertelde wél een persoonlijk verhaal en deed dat geestig. Ze bekende „een lastpak” te zijn en benoemde ook de zichtbare reactie van haar fractievoorzitter: „Ik zie de heer Samsom knikken”. Op de vraag of zij Engels spreekt, zei ze: „Ik ben geen Frans Timmermans, maar ook geen Louis van Gaal”. Aangesproken op haar gebrek aan managementervaring pareerde ze dat ze 1,5 jaar in het fractiebestuur zat, „en bij de PvdA telt dat voor vijf”. 

Elias, die minder talent heeft voor zelfspot, liet zich door collega’s vooral niet de les lezen over zijn reputatie als luidruchtig en uitgesproken Kamerlid. Hij stelde voor een eind maken aan eindeloze nachtelijke vergaderingen. Ook was hij de enige die – impliciet – kritiek leverde op de vertrokken preses Van Miltenburg, door te spreken over dossiers die ze liet liggen.

De prijs voor de geestigste presentatie ging zonder meer naar Martin Bosma. De PVV’er praatte los en ontspannen, in de wetenschap dat hij toch geen kans maakte om te winnen. Hij vergeleek het repeterende karakter van de Kamervergaderingen met de film Groundhog Day en riep collega-Kamerleden op om dwars te zijn bij de verkiezing: „De stemming is geheim, uw fractie komt er niet achter.”

Toch won Bosma de populariteitsprijs bij lange na niet. Slechts enkele niet-PVV’ers stemden op hem. Naast het feit dat de meeste Kamerleden toch al niet willen dat iemand uit de fractie van Wilders hen vertegenwoordigt buiten het parlement, zeker tijdens het tijdelijk voorzitterschap van de Europese Unie, nam Bosma geen afstand van Wilders’ kreet dat de Kamer een „nepparlement” is. Al nam hij in zijn ontwijkende antwoord de gewraakte term zelf niet in de mond.

Elias had meer vijanden

Echt doorgezaagd werd hij niet, net zomin als de andere kandidaten. De behoefte om er een aangenaam debat van te maken, leek het te winnen van de neiging tot kritische ondervraging. Al hamerde de PVV er op dat de Nederlands-Marokkaanse Arib geen voorzitter kon worden vanwege haar vermeende „dubbele loyaliteit”.

In een schriftelijke en anonieme stemming die maar liefst tweeënhalf uur duurde, viel niet alleen Martin Bosma af. Ook Madeleine van Toorenburg wist niet de volledige oppositie achter zich te verzamelen. Toen kwam het aan op een confrontatie tussen twee kandidaten van de coalitie. Daarin bewees Ton Elias dat hij meer vijanden in de Kamer heeft dan Arib. Hij kreeg slechts elf stemmen meer dan er VVD-Kamerleden zijn. Het lijkt erop dat de PVV zich in de laatste ronde van stemming onthield. Maar zelfs hun 12 zetels hadden Arib het voorzitterschap niet kunnen ontzeggen.