Wang Hui, de olifant in de kamer

Op de nieuwjaarsreceptie van ADO wordt al het goeds overschaduwd door die ene prangende vraag: heeft de Chinese eigenaar al betaald?

Op de nieuwjaarsreceptie van ADO werden directeur Jan Willem Wigt (links) en trainer Henk Fraser publiekelijk geïnterviewd . Wigt deelde mee dat de club nog altijd 1,9 miljoen euro tegoed heeft van de Chinese clubeigenaar. Foto Robin van Lonkhuijsen/ANP

Er bevindt zich een olifant in de kamer waar ADO Den Haag de nieuwjaarsreceptie houdt. Iedereen zou hem het liefst negeren, maar niemand kan om hem heen: Wang Hui. De Chinese clubeigenaar die ADO al maanden laat wachten op twee beloofde investeringen van samen 1,9 miljoen euro. Des te langer hij wacht, des te groter de kans dat ADO binnen afzienbare tijd wordt ingedeeld in de financiële gevarencategorie van voetbalbond KNVB.

Er kon dan ook maar één vraag als eerste worden gesteld tijdens de publieke vragensessie met de directie en trainer van ADO Den Haag. „Is er inmiddels al een storting gedaan?” Waarbij het antwoord van algemeen directeur Jan Willem Wigt al net zo voorspelbaar was: „Ik heb net nog gekeken op de rekening, maar helaas, het geld staat er nog steeds niet op.”

Gezucht in de zaal? Niet meer. Dat stadium zijn de meeste aanwezigen voorbij. Het is niet dat supporters en sponsoren zich hebben neergelegd bij de merkwaardige situatie, maar het is meer dat ze zich beseffen dat niet alleen zij, maar ook de bestuurders van hun club ten einde raad zijn met de handelswijze vanuit Beijing. Na afloop van de vragensessie stapt een man op Wigt af: „Ik wil zeggen dat ik het knap vind hoe jullie je staande houden in deze moeilijke tijd.”

Hoewel Wang Hui een onvermijdelijk gespreksonderwerp vormt, is het de bedoeling dat er deze middag toch ook wordt geproost op wat er wel naar wens gaat bij ADO. De pas geïnstalleerde tv-schermen in de hoeken van het stadion. Nieuwe stoeltjes op de tribunes. Goede prestaties voor de winterstop. Het compleet vernieuwde jeugdcomplex. En het feit dat twee grote sponsoren zich langer aan de club hebben gebonden. „Ik wil jullie erop wijzen dat er nog maar een paar plekken over zijn voor de sponsortrip naar FC Barcelona-Arsenal”, zegt Wigt tegen de volle zaal. „We gaan met 75 man.”

De directeur baalt van de imagoschade die ADO heeft opgelopen. Hij heeft het al vaak genoeg gezegd: zou ADO niet in handen zijn van een Chinees, dan zou de club misschien wel uitblinken in degelijkheid. Een stabiele eredivisieclub die na de rauwe jaren voor het millennium eindelijk weer vaders met kinderen naar het stadion trok. De tribunes werden weer veilig, de prestaties verbeterden en de clubkas stroomde langzaam weer vol.

Dreigend liquiditeitstekort

Maar na jaren voorspoed, is er met de komst van Wang een tijdperk vol onzekerheden aangebroken. Een periode waarin geërgerde bestuurders afhankelijk zijn geworden van een zakenman van wie ze geen hoogte krijgen. Ja, hij wil ADO naar de top brengen en ja, hij oogde best sympathiek toen hij getooid met een ijsmuts een keertje mee trainde met de selectie. Maar heeft hij wel geld? Doordat Wang niet betaalt, moet ADO op dit moment zelf opdraaien voor de tv-schermen en de kosten van de verbouwing van het nieuwe jeugdcomplex: daar was de club niet op berekend. Gevolg: een dreigend liquiditeitstekort.

Ondertussen hult Wang Hui zich in stilzwijgen. Ook tegenover supportersvereniging Haagse Bluf, die hem eind vorige week een open brief van drie kantjes zond. „Cultuurverschillen zullen er best zijn”, schreven de fans, „maar beloftes niet nakomen is in elke cultuur een no go area. Niet alleen zijn wij door u nu het lachertje van de eredivisie, u heeft de Chinese gemeenschap ook geen goed gedaan met uw handelswijze.”

Een reactie? Geen. Zoals ook directeur Wigt vijf weken na zijn eerste alarmbericht nog steeds niet weet waarom Wang niet betaalt. „Ik hoor al gegniffel in de zaal, maar ik weet het echt niet. Ik kan me in elk geval niet voorstellen dat iemand een club koopt en deze dan laat vallen. Het moet goed komen.”

Technisch directeur John Metgod blijkt de meest optimistische van het stel dat op het podium wordt geïnterviewd. „Ik denk niet in tegenslagen”, zegt hij. „Net als in het zakelijke leven en je privéleven zit het in de sport ook weleens tegen, maar uiteindelijk maakt het je sterker.’’