Twintig meisjes ‘zomaar’ zwanger

Zeker twintig jonge Eritrese asielzoeksters zijn zwanger na hun bezoek aan een kerk in Rotterdam. Is er een verband? De vrees is dat ze gedrogeerd en misbruikt zijn.

Bij de entree van devluchtelingenopvang in het Drentse Oranje. Foto Kees van de Veen Foto BAS CZERWINSKI/ANP

Ongeveer twintig jonge Eritrese vluchtelingen uit het asielzoekerscentrum in Oranje zijn zwanger geraakt na bezoeken aan de Eritrees-orthodoxe kerk in Rotterdam. Het vermoeden dat hierbij gedwongen seks in het spel is geweest was de aanleiding voor het COA om alleenstaande minderjarige asielzoeksters vorige week te verbieden nog langer de kerk in Rotterdam te bezoeken. Dat melden bronnen die wegens de gevoeligheid van het onderwerp anoniem willen blijven. Over meerderjarigen heeft het COA niets te zeggen.

Twee Eritrese jonge vrouwen die deze krant dinsdag sprak in het voormalige vakantiepark in Oranje, bevestigen dat er „21 of 22” jonge Eritrese vrouwen uit het park zwanger zijn geraakt. „Medewerkers van het kamp hebben ons enkele weken geleden verteld dat dit gebeurd is”, zegt Mihret Mebrahtu. „Ook zeiden ze dat deze meisjes geen man hebben. Ze hebben ons geadviseerd voorzichtig te zijn.”

Maandag lekte via het Reformatorisch Dagblad uit dat het COA (Centraal Orgaan Opvang Asielzoekers) alleenstaande minderjarigen verbood nog langer de kerk in Rotterdam te bezoeken, omdat er zorgen waren over een groot aantal zwangerschappen waarbij onduidelijk was of het seksuele contact vrijwillig is geweest. Volgens een interne notitie ging het om Eritrese vluchtelingen van 17 tot en met 22 jaar.

Politieonderzoek

De zwangerschappen werden in verband gebracht met gebeurtenissen in of rond de kerk. Het COA wil geen nader commentaar geven, „om het politieonderzoek niet te verstoren”. Het is dan ook volstrekt onduidelijk wat er is gebeurd. Omdat volgens bronnen sommige meisjes niet meer weten wat er in Rotterdam heeft plaatsgevonden, is bij sommige hulpverleners de vrees ontstaan dat zij misschien zijn gedrogeerd.

Mihret Mebrahtu weet niet wie de slachtoffers zouden zijn. Ook haar vriendin Mihret Kiflom zegt niet meer te weten. „De medewerkers zeiden niet om wie het gaat, wat er precies is gebeurd of waar deze vrouwen nu zijn”, vertelt zij. Beiden zijn geen bezoekers van de kerk.

Met nog twee andere jonge Eritrese vrouwen wonen zij sinds een week of zes in één van de vakantiehuisjes op het park. Een halfrond woonkamertje met gordijnen met tulpmotief, en een satelliet-tv op een omgekeerde fruitdoos. Twee slaapkamers waar net twee bedden en een kast in passen. Verder een keukenblok en een badkamer. Alles piepklein en vreemd uitbundig, zo tussen de omringende druilerige weilanden.

Mebrahtu vindt dit de beste plaats waar ze is sinds haar vertrek uit Eritrea, vier jaar geleden, is geweest. Er is meer rust dan in de asielzoekerscentra in Gilze of Zaandam, waar ze eerder verbleef, zegt ze met een stralende glimlach.

Raar verhaal

Vonden de vrouwen het geen raar verhaal, wat de medewerkers hun vertelden? „Het zei ons niet zoveel”, zegt Mebrahtu. „Ze wilden ons niet meer vertellen om de privacy van de meisjes te beschermen.” Zij en Kiflom hebben geen idee wat er gebeurd kan zijn. Met de andere Eritreeërs in het park bemoeien ze zich weinig. Kiflom: „Iedereen gaat vooral om met zijn of haar huisgenoten.”

De kerk in het Rotterdamse Schiebroek vervult een spilfunctie in de Eritrese gemeenschap in Nederland. Behalve een plaats om hun geloof te belijden doen veel Eritrese vluchtelingen, die net in Nederland zijn aangekomen, er sociale contacten op.

De diensten in Rotterdam gaan soms de hele nacht door. Er wordt gezongen, getrommeld en gedanst. „Vroeger gingen vrouwen en kinderen die niet de hele nacht konden opblijven wel eens wat rusten in de pastorie”, zegt Bart Jan Walraven. Hij is een buurtbewoner die nu de woordvoering doet. „Sinds enkele maanden is dat niet meer zo.” Er waren klachten over geluidsoverlast. „Er hebben ook wel eens kerkgangers bij de bestuursvoorzitter thuis gelogeerd.” Het bericht over de zwangerschappen is nieuw voor de kerk, zegt Walraven.