Pedofielen en jihadisten zijn lastig te straffen

Hij wijst vonnis in jihadzaken, en donderdag is hij de rechter in het ‘jihadproces’ tegen Arnhemse verdachten. Maar of zijn straffen iets uithalen, weet Jan van der Groen niet. „Het is moeilijk ze te bereiken.”

Portret van het justitiële team dat zich in de rechtbank van Rotterdam richt op het berechten van jihadstrijders. Tweede van rechts is Jan van der Groen. Foto Andreas Terlaak

Wat voor straf verdient een jihadganger? „Dat is iedere keer weer een lastige afweging”, zegt Jan van der Groen. De vicepresident van de Rotterdamse rechtbank is gespecialiseerd in terrorismezaken. Hij veroordeelde in 2013 de eerste twee Nederlanders die naar Syrië wilden vertrekken. Halverwege vorig jaar gaf Van der Groen een Delftse Syriëganger vier jaar cel. Donderdag treedt hij op als rechter in een proces tegen een aantal Arnhemse jihadverdachten.

Bij uitzondering stemde de magistraat een maand geleden toe met een interview. Hij wil zich niet uitspreken over specifieke zaken, maar wel over terrorismerechtspraak in het algemeen. Van der Groen zegt dat het in dit type zaken moeilijk is een strafmaat te bepalen. Er is volgens hem nauwelijks iets bekend over de effectiviteit van straffen voor jihadisten. En dat is lastig voor een rechter die de straf moet bepalen.

U weet niet hoe effectief de straffen zijn die u zelf uitspreekt?

„Je kunt iemand wel straffen, maar het blijft een beetje een open einde. Wanneer je wilt dat jihadisten weer gaan meedoen in de maatschappij zonder te vervallen in delictgedrag, kom je uit bij voorwaardelijke straffen. Je laat iemand terugkeren in de maatschappij, in combinatie met toezicht door de reclassering.

„Maar dan? De reclassering gaat al jaren om met allerlei soorten daders voor wie ze vaste programma’s hebben: drugsverslaafden gaan naar de afkickkliniek, dieven krijgen budgettraining, geweldplegers een cursus agressieregulatie. Maar voor jihadisten hebben we geen effectief programma. De reclassering probeert van alles en nog wat, ze peinzen zich suf, maar het antwoord hebben ze gewoon niet. Het is moeilijk om jihadisten te bereiken. Hetzelfde geldt overigens voor pedofielen. Het gedrag van dit soort daders wordt bepaald door geaardheid of overtuiging. En een overtuiging kun je niet wegnemen met een straf.”

Ervaart u dit als een belemmering voor het bepalen van een straf?

„Je kijkt als rechter ook altijd naar de effectiviteit van een straf. Of een proeftijd met bijzondere voorwaarden werkt voor deze categorie daders, weten we niet. Ook ziet de reclassering soms geen aanknopingspunten voor begeleiding van deze daders. In zo’n geval moet de rechter terugvallen op zijn klassieke strafopvatting: een onvoorwaardelijke gevangenisstraf. Terwijl je liever eerst naar andere opties kijkt.

„We zouden veel meer moeten investeren in onderzoek naar het effect van straffen op jihadisten. Daar is te weinig over bekend. Wel hebben wij goede ervaringen met de enkelband. Ik ken geen zaken waarbij een verdachte met enkelband alsnog uit Nederland is vertrokken.”

Ik heb begrepen dat je die enkelband gewoon kunt doorknippen.

„Als je in Breda woont, een betonschaar koopt, in de auto gaat zitten en gas geeft, ben je zo vertrokken. Dat klopt.”

Jihadisten worden geplaatst op de Terrorisme Afdeling. Uit twee studies blijkt dat opsluiting onder dit strenge regime averechts kan werken. Houdt u daar rekening mee bij het bepalen van de straf?

„De minister van Veiligheid en Justitie en het Openbaar Ministerie gaan over het gevangenisregime. Natuurlijk hou je als rechter wel rekening met de effectiviteit van een straf. Zo kan ik de reclassering om advies vragen over de impact van een gevangenisregime op de verdachte. Dat kan worden meegewogen in de strafbepaling.”

Wat vindt u zelf van de Terrorisme Afdeling?

„Daar heb ik wel een mening over, maar die zeg ik u niet.”

Advocaten klagen vaak dat jihadisten puur vanwege hun gedachtegoed terechtstaan, en dat radicale gedachten hebben niet strafbaar is. De vrijheid van meningsuiting zou in het geding zijn.

„Het zijn overtuigingsverdachten en daarom zijn dit soort zaken zo lastig. Het gaat om iets wat je persoonlijk drijft in je handelen. En dan is het aan de rechter om te toetsen of dit strafrechtelijk relevant is.

„Je kunt het vergelijken met een pedofiel die vanuit zijn geaardheid naar kinderporno kijkt. In deze zaken kijken jihadisten vanuit hun overtuiging bijvoorbeeld naar jihadistische video’s.

„Advocaten vinden dat absoluut niet strafrechtelijk relevant, terwijl het hof zegt dat dit in sommige gevallen niet mag, omdat het gezien kan worden als een training voor terroristische activiteiten.”

Jihadvideo’s kijken is verboden?

„Je mag video’s bekijken, natuurlijk. Als dat niet zou mogen, kun je je ook niet informeren. Je mag ook gewoon een boek lezen over de jihad. Het gaat om een combinatie met concrete uitingen die je erbij doet, bijvoorbeeld wanneer je die lectuur gebruikt als bron voor het doen van opruiende uitlatingen. Dáár gaat het nog altijd om: concrete uitingen en acties. We veroordelen mensen niet vanwege gedachten.”

In het strafdossier zitten vaak geheime ambtsberichten van de AIVD: ‘Deze verdachte vertrekt volgende week naar Syrië’. Het is voor de rechter niet te controleren hoe de AIVD aan deze informatie komt. Wat vindt u daarvan?

„Rechters hebben inderdaad geen inzage in de totstandkoming van ambtsberichten. Hoewel een ambtsbericht vaak niet meetelt als bewijs, kan dit toch problematisch zijn, want het zit wel in het dossier.

„In Frankrijk bestaat de mogelijkheid een commissie te benoemen die beslist of de rechter en advocaten inzage kunnen krijgen in de achterliggende informatie die tot het ambtsbericht heeft geleid. Ik zou zo’n commissie een verrijking vinden van de rechtspraak. Iemand heeft het recht om te weten waarom hij wordt verdacht. Je zou niet moeten werken met geheime informatie.”

In de samenleving heerst veel angst voor terrorisme. Wordt u daardoor beïnvloed?

Resoluut: „Nee.”

U kijkt toch ook het journaal?

„Er is laatst een kinderpornonetwerk opgerold. Dan zou ik daar ook door worden beïnvloed als ik een pedofiel berecht? Een rechter leert zich daarvoor af te sluiten. Je moet je juist niet van de wijs laten brengen door de publieke opinie. We moeten proberen om... eh, hoe zal ik dat zeggen... een beetje nuchter te blijven.”