Onvoorspelbare vierstrijd om de hamer

De Kamer kiest woensdag een voorzitter uit vier kandidaten: drie van rechts, één van links, twee mannen en twee vrouwen.

Foto NRC.

De Tweede Kamer snakt naar rust en degelijkheid na het chaotische Kamervoorzitterschap van Anouchka van Miltenburg (VVD). Maar gaan die er ook komen? Gezien het karakter en de achtergrond van de Kamerleden die haar willen opvolgen, lijkt dat bij voorbaat ijdele hoop. 

Woensdag kiest het parlement een nieuwe voorzitter. Tot dit weekend leek dat een overzichtelijke tweestrijd te worden, tussen een Kamerlid van de coalitie (PvdA’er Khadija Arib) en eentje van de oppositie (CDA’er Madeleine van Toorenburg). Maar nu ook VVD’er Ton Elias en PVV’er Martin Bosma zich hebben gemeld als aspirant-voorzitter, heeft de race een onvoorspelbare uitkomst gekregen. 

Deze onzekerheid wordt versterkt doordat bij de anonieme, schriftelijke stemming geen fractiediscipline kan worden opgelegd. Kandidaten weten zelfs niet zeker of ze op steun van hun eigen fractie kunnen rekenen. D66, SP, ChristenUnie, GroenLinks en SGP hebben zich niet voor één kandidaat uitgesproken. Verschillende parlementariërs hebben aangegeven blanco te stemmen; zij pruimen geen enkele kandidaat. Bovendien kunnen Kamerleden, door niet op een van de kandidaten maar op een ander zittend Kamerlid te stemmen, zelf een nieuwe gegadigde nomineren. 

Meerdere partijen, waaronder de VVD, hadden de PvdA laten weten dat hun Kamerlid Roos Vermeij wel op steun zou kunnen rekenen en Khadija Arib niet. Sommigen suggereren dat Vermeij, die het in een interne stemming in haar eigen fractie aflegde tegen Arib en niet meedoet, zo alsnog kans maakt. Als er in de eerste twee rondes voldoende mensen op haar stemmen, ontstaat de facto een vijfde kandidaat. Of zij dat nu wil of niet. Al kan natuurlijk niemand verplicht worden het voorzitterschap ook op zich te nemen.

Geen PVV’er

Aan drie van de vier formele kandidaten kleeft de controverse. Zo heeft Ton Elias niet de officiële steun van zijn eigen fractie: hij kandideert zich op persoonlijke titel. Elias is zich ervan bewust dat VVD’ers op dit moment niet bepaald de gunfactor hebben, na het echec met de opgestapte Anouchka van Miltenburg en alle affaires rond VVD’ers. In zijn sollicitatiebrief vraagt hij zijn collega-Kamerleden om bij hun keuze „eventuele meer ‘politieke’ overwegingen achterwege te laten.” Maar de voorzitterskeuze ís politiek en bovendien heeft de uitgesproken Elias veel vijanden. Verschillende fracties wier stem nog niet vaststaat, wijzen hem bij voorbaat af. Dat hij zich heeft ingezet om de speelruimte van afgesplitste Kamerleden in te perken, kan tegen hem werken als het op een paar stemmen aankomt. Ook in de VVD is hij als fractiesecretaris weinig populair. Er wordt wel verwacht dat vrijwel de voltallige fractie van veertig leden op hem stemt, maar dat is niet zeker.

Martin Bosma lijkt te hebben gewacht op de kandidatuur van Elias voordat hij maandagavond alsnog zijn sollicitatiebrief stuurde. Bosma is gedegen en geestig wanneer hij de plenaire debatten leidt, maar maakt als PVV’er geen kans. Geert Wilders heeft de Tweede Kamer uitgemaakt voor „nepparlement” en het lijkt onvoorstelbaar dat Bosma de Kamer internationaal vertegenwoordigt. Tegelijk zijn andere partijen zich ervan bewust dat ze Wilders een cadeautje geven door Bosma niet te kiezen als voorzitter. De PVV-leider kan zo’n afwijzing gebruiken om te zeggen: ziet u wel, we hebben een uitstekende kandidaat, maar het establishment moet ons niet.

Weerstand tegen Arib

Rondom de kandidatuur van PvdA’er Khadija Arib hangt al wekenlang een onprettige sfeer. Voor Wilders en zijn partij is zij onacceptabel vanwege haar dubbele paspoort. Toen ze in 2012 voor de eerste keer kandidaat was voor het ambt – ze verloor van Van Miltenburg – zei de PVV: „Een Marokkaanse als Kamervoorzitter, dat kan echt niet”. Ze zou „niet loyaal aan Nederland” zijn. Andere partijen delen dat standpunt niet, maar roddelden de afgelopen weken wel anoniem over haar „Marokkaans accent”. 

De PVV zal bij het debat over de verkiezing vermoedelijk opnieuw frontaal de aanval kiezen tegen Arib. Maar ironisch genoeg heeft Bosma met zijn kandidatuur haar kansen vergroot. Met drie rechtse concurrenten zou Arib als enige linkse kandidaat de laatste ronde kunnen halen – en daar ligt alles weer open.

Alleen CDA-kandidaat Van Toorenburg is onbesproken, al is ook zij niet populair. Zij zit als enige aspirant-voorzitter niet in het dagelijks bestuur van de Tweede Kamer, waar de afgelopen jaren voortdurend geruzie was. Hoewel ze voorzitter was van de parlementaire enquêtecommissie die het Fyra-debacle onderzocht, heeft ze geen ervaring in het leiden van debatten. Als zij steun krijgt van de rest van de oppositie en een paar leden van de coalitie, is zij straks de nieuwe Kamervoorzitter. Toch beschikt de Tweede Kamer dan niet over waar het juist zo’n behoefte aan heeft: een voorzitter met ervaring en gezag.