Muzikaal herdenken

Merlijn Kerkhof schrijft iedere woensdag over de schoonheid van klassieke muziek.

Ik had het overlijden van Pierre Boulez nog niet helemaal verwerkt toen de volgende dode cultuurgrootheid zich aandiende: David Bowie. De sociale media stroomden weer vol met lieve woorden over het collectieve idool. De bouwvakkers die al weken aan mijn dakterras knutselen hadden een zender gevonden die non-stop Bowie draaide, en toen ze het wegens hevige regenval voor gezien hielden, zette de Utrechtse stadsbeiaardier een paar Bowie-hits in op het carillon van de Domtoren.

Het was een tsunami van eerbetoon. Nrc.next deed er gisteren ook aan mee. Tien pagina’s over David Bowie! Als de paus vandaag onder een auto komt, krijgt hij er nog niet zoveel.

Nee, ik veroordeel dat niet. Ik begin erover omdat al die stukken en tv-items zo mooi het verschil illustreren tussen pop en klassieke muziek.

Ga even na: wat heb je gezien en gelezen? Op Facebook ging een gifje viral waarin je alle ‘gedaantes’ van Bowie voorbij ziet komen, waarin je ziet hoe hij zich is blijven vernieuwen (iets wat popjournalisten erg belangrijk vinden). Er passeerden oude foto’s die tonen hoe Bowie speelde met zijn androgyne verschijning en hoe hij de benepen seksuele moraal aanviel. Over seks gesproken: in De Wereld Draait Door mocht Patricia Paay vertellen over hoe Bowie haar eens tot een triootje probeerde te verleiden.

In de media ging het over Bowies mode, over zijn acteertalent, over zijn vooruitziende blik (hij bracht in 1996 al een single uit die uitsluitend via internet verkrijgbaar was), over zijn koffie- en cocaïneverslavingen. Het ging over de verwijzingen naar zijn aanstaande dood in de clips en teksten van zijn laatste album, Blackstar. Maar voor iemand die ‘niet te overschatten’ is als muzikant, zoals nrc.next gisteren schreef, hadden we het met z’n allen wel heel weinig over zijn muziek. Die leek slechts te dienen als ondersteuning van al die mooie verhalen die werden opgedist.

Vergelijk dat eens met al die herdenkingsstukjes over Pierre Boulez, de grote componist en dirigent die vorige week op 90-jarige leeftijd overleed. Ik heb ze allemaal met plezier gelezen, maar heb geen idee hoeveel kinderen hij eigenlijk heeft verwekt, met wie hij zoal sliep en wat voor drugs hij gebruikte. Het ging alleen over muziek en zijn denkbeelden daarover.

In de popmuziek zijn buitenmuzikale zaken (uiterlijk, een ‘verhaal’ dat de artiest omgeeft) belangrijker. Maar misschien is het in Bowies geval ook niet zo gek dat er meer aandacht was voor zijn leven. Tv-recensent Hans Beerekamp noemde hem terecht een als rockzanger vermomde kunstenaar. Hij heeft van zichzelf een personage gemaakt, een levend Gesamtkunstwerk. Dat lijkt me wel iets bijzonderder dan ‘Changes’, ‘Space Oddity’ of welk van zijn liedjes dan ook.