Jihadrechter twijfelt aan nut straffen Syriëgangers

Er is te weinig bekend over de effecten, zegt rechter Jan van der Groen.

Portret van het justitiële team dat zich in de rechtbank richt op het berechten van jihadstrijders. De tweede van rechts is rechter J. van der Groen. Foto Andreas Terlaak

De Rotterdamse rechter Jan van der Groen weet niet of de  straffen die hij oplegt aan jihadisten,  wel zin hebben. Er is te weinig bekend  over de effecten van een straf op een  jihadist. Dat zegt de rechter die is gespecialiseerd in terrorismezaken vandaag in een interview met NRC.

De meeste Nederlandse jihadverdachten krijgen voorwaardelijke  straffen opgelegd, waarbij zij onder  toezicht van de reclassering terugkeren in de maatschappij. Maar de reclassering weet vervolgens niet hoe  zij de jihadist moeten behandelen,  zegt Van der Groen, die als rechter is  betrokken bij diverse zaken tegen Syriëgangers. „De reclassering probeert van alles en nog wat, ze peinzen zich  suf, maar het antwoord hebben ze gewoon niet.” Volgens Van der Groen  zijn voor andere typen delinquenten  zoals drugsverslaafden of geweldplegers passende programma’s ontwikkeld, maar zijn die er niet voor jihadisten. Ze zijn moeilijk te bereiken.  Hetzelfde geldt voor pedofielen, zegt de  rechter. „Het gedrag van dit soort daders wordt bepaald door geaardheid  of overtuiging. En een overtuiging  kun je niet wegnemen met een straf.”  De rechter vindt dat er veel meer   moet worden geïnvesteerd in onderzoek naar het effect van straffen op jihadisten.

Geheime informatie

Sjef van Gennip, directeur van Reclassering Nederland, weerspreekt de uitlatingen van de terrorismerechter. Zijn organisatie begeleidt op dit moment veertig jihadverdachten. „Natuurlijk peinzen wij bij de reclassering, maar wij zijn weldegelijk zinvol aan de slag met die groep”, zegt Van Gennip. De reclassering zet „beproefde instrumenten” in die ook voor andere typen delinquenten worden gebruikt. Wel zegt hij dat pas over jaren duidelijk is hoe effectief de aanpak is.

Rechter Van der Groen pleit in het  interview ook voor een andere manier van omgaan met inlichtingeninformatie. In veel terrorismezaken komen geheime ambtsberichten van de  AIVD in het strafdossier terecht, zonder dat rechters en advocaten kunnen  controleren hoe die berichten tot  stand zijn gekomen. Van der Groen  pleit voor een Frans systeem, waarbij  een commissie wordt benoemd die  oordeelt of deze informatie gedeeld  kan worden met de rechtbank en advocaten.  Van der Groen: „Iemand heeft het recht om te weten waarom  hij wordt verdacht. Je zou  niet moeten werken met geheime informatie.”

Lees het volledige interview met ‘jihadrechter’ Jan van der Groen: Pedofielen en jihadisten zijn lastig te straffen