Er is geen lol aan om in het kalifaat te zijn

Veiligheidsdienst AIVD schetst hoe het is om in het kalifaat te leven. De bedoeling: tegenwicht bieden aan IS.

Mannen in IS-gebied moeten vechten voor een laag salaris. Het eten dat ze krijgen, is „slecht”, de huisvesting „ondermaats”. Hun internetverkeer wordt „gecontroleerd”. Hun vrouwen moeten zo snel mogelijk kinderen krijgen, maar ontvangen daarbij „uitermate slechte” medische ondersteuning. Hun kinderen lijden „een zwaar en traumatiserend bestaan”, te midden van „dood en verderf”.

Het AIVD-rapport over het dagelijks leven in IS-gebied in Syrië en Irak dat vanavond is verschenen en waaruit hier wordt geciteerd, laat er geen misverstand over bestaan: de omstandigheden daar zijn erbarmelijk, in weerwil wat IS daar zelf over zegt. De titel van het persbericht van de AIVD luidt: Leven bij ISIS is zwaar en gewelddadig.

De AIVD wil het stuk breed onder de aandacht brengen. AIVD-hoofd Rob Bertholee maakte het rapport daarom wereldkundig bij de talkshow van Humberto Tan.

Onderzoeker Daan Weggemans van de Universiteit Leiden, die sprak met diverse jihadstrijders, ziet logica in de strategie van de AIVD. „Jihadisten met uitreisplannen zul je er niet mee weerhouden, maar misschien bereik je er wel hun familieleden mee. Of medewerkers van organisaties die in de frontlinie staan: jeugdzorg, politie, gemeenten.” Zelf schrijft de AIVD over het rapport: „Met deze publicatie wil de AIVD onder meer professionals die zich bezighouden met dit onderwerp in staat stellen tegenwicht te bieden aan deze aantrekkingskracht” van IS.

Zeventig kinderen

Weggemans vindt het opvallend dat er veel aandacht is voor het zware leven van de ongeveer zeventig Nederlandse kinderen in IS-gebied. „Die informatie kan familieleden misschien helpen om mensen ervan te weerhouden om te vertrekken naar Syrië of Irak.”

Het rapport van vijftien pagina’s bevat geen nieuws voor de experts. Ook is onduidelijk waar de dienst zijn informatie vandaan heeft. „We weten dus niet hoe betrouwbaar de informatie van de AIVD is”, zegt de Groningse onderzoeker Pieter Nanninga die eerder naar de ideologische oorlogsvoering van extremistisch-islamitische organisaties keek. Niettemin geeft het AIVD-stuk een inkijkje in wat jihadisten te wachten staat. Allereerst: ze kunnen niet zomaar naar binnen. Om te voorkomen dat er spionnen binnenkomen, eist IS dat de rekruut iemand in het kalifaat kent die garant wil staan. Kan dat niet, dan is er voor de jihadist altijd nog een plan B: het plegen van een aanslag in het Westen.

Als de binnenkomst in het kalifaat eenmaal gelukt is, wacht een tamelijk georganiseerd integratieprogramma. Bij de mannen wordt systematisch gekeken waarvoor ze geschikt zijn. „De nieuwe ‘staat’ heeft immers ook dokters, automonteurs en vuilnismannen nodig”, aldus de AIVD. Zeker sinds de bombardementen wil IS nieuwe rekruten echter vooral inzetten op het slagveld.

Voorzover de mannen kunnen ontspannen, bijvoorbeeld door te internetten, gelden steeds meer beperkingen. Sinds juli 2015 is er een verbod op draadloos internet in de hoofdstad Raqqa. IS wil in goedgekeurde internetcafés kunnen zien welke websites de mannen bezoeken; het tekent de „totalitaire neigingen” die de AIVD bij IS ziet. Een kop thee drinken bij het internetten wordt duurder. Sinds de bombardementen zijn de prijzen van levensmiddelen verdubbeld.

 

 

Religieuze politie

Vrouwen in het kalifaat moeten kinderen baren en grootbrengen. Voorzover ze toch mogen werken is dat in de zorg, het onderwijs of bij de religieuze politie. Deze laatste controleert de correcte uitvoering van de islamitische wetgeving. Verder hebben vrouwen een belangrijke taak bij het rekruteren van vriendinnen en familieleden die thuis zijn gebleven voor de jihad, schrijft de AIVD.

Kinderen spelen een belangrijke rol in de propagandastrategie van IS. Die is er onder meer op gericht om westerlingen te choqueren. Tot voor kort gebeurde dat met onthoofdingsvideo’s. Nu worden echter steeds meer kinderen ingezet bij executies. IS „schuwt niet om kinderen in te zetten in propagandavideo's waarin zij getuige zijn van een executie of ze zelf uitvoeren”. IS-leden nemen kinderen bovendien geregeld mee naar publieke executies en lijfstraffen. In sommige gevallen zetten ouders zelfs hun kinderen op de foto met de resten van geëxecuteerde gevangenen.

Jongens kunnen regulier onderwijs krijgen. Vanaf hun negende jaar krijgen ze echter ook wapentraining. Meisjes moeten vanaf die leeftijd gesluierd over straat.

Lees hieronder het AIVD-rapport 'Leven bij ISIS, de mythe ontrafeld'

Leven bij ISIS